<?xml version="1.0"?>
<rss version="2.0" xmlns:atom="http://www.w3.org/2005/Atom">
<channel>
  <atom:link href="http://www.matthiasnoback.nl/mijn-verhalen/rss" rel="self" type="application/rss+xml" />
  <title>Mijn verhalen</title>
  <link>http://www.matthiasnoback.nl/mijn-verhalen</link>
  <description>Verhalen van Matthias Noback</description>
  <language>nl-nl</language>
  <pubDate>Sat, 19 Sep 2009 18:16:44 +0200</pubDate>
  <lastBuildDate>Thu, 06 Jan 2011 11:15:00 +0100</lastBuildDate>
  <docs>http://blogs.law.harvard.edu/tech/rss</docs>
  <generator>Plato Content Management System</generator>
  <managingEditor>info@matthiasnoback.nl (Matthias Noback)</managingEditor>
  <webMaster>info@matthiasnoback.nl (Matthias Noback)</webMaster>
      <item>
  <title>“Cars”, of: waarom kinderen niks begrijpen van deze wereld</title>
  <link>http://www.matthiasnoback.nl/mijn-verhalen/cars-of-waarom-kinderen-niks-begrijpen-van-deze-wereld</link>
  <description>&lt;p&gt;&lt;img height=&quot;244&quot; align=&quot;right&quot; width=&quot;330&quot; src=&quot;http://www.matthiasnoback.nl/userfiles/image/cars.jpg&quot; alt=&quot;&quot; /&gt;Zoals algemeen bekend, zijn mensen altijd bezig met het determineren van de objecten om hen heen. De ogen speuren naar herkenningspunten: randen, vormen, textuur, gelijkenis. Als de ene vorm de andere overlapt, betekent het dat het object dat de eerste vorm toebedeeld is, zich op de voorgrond bevindt. Als een object duidelijke randen heeft, is het waarschijnlijk gemaakt van metaal, of plastic en voelt het stevig aan, en als een object onduidelijke randen heeft, is het mogelijk van wol en brengt het bij aanraking een ervaring van &amp;ldquo;zacht&amp;rdquo; teweeg.&lt;br /&gt;
Wanneer eenmaal bepaald is wat de vorm, het materiaal en de plaats van een object is, vindt er een omvangrijke, maar razendsnelle zoektocht plaats in het geheugen: vertoont het waargenomen object  enige gelijkenis met objecten die men in eerdere situaties tegen het lijf liep? Zo nee, dan is het moment aangebroken om de omstanders met open mond aan te kijken en enige uitroepen van verwondering te doen.&lt;br /&gt;
Gelukkig voor de gemiddeld toch al matig intellectueel ontwikkelde mens, komen de meeste objecten op aarde meerdere keren voor en is de meerderheid daarvan al eeuwen geleden voorzien van een naam. Als er bovendien een nieuwe uitvinding wordt gedaan, dan is de uitvinder meestal ook niet te beroerd om de door het kersverse onbekende object geschrokken mensen een beetje op weg te helpen, door de bekendmaking van zijn uitvinding met een hippe naam gepaard te doen gaan: bekende voorbeelden zijn de &amp;ldquo;iPad&amp;rdquo;, de &amp;ldquo;Senseo&amp;rdquo; en de &amp;ldquo;Dildo&amp;rdquo;.&lt;/p&gt;
&lt;p&gt;Volwassen mensen hebben, vanwege hun verroeste hersenen, de meeste moeite met onverwachte ontmoetingen met onbekende objecten. En naarmate mensen ouder worden, wordt dit alleen maar erger, gezien de steeds verdere aftakeling van hun denkapparaat. Hoe langer een mens leeft, des te minder is hij in staat met nieuwe objecten en hun namen om te gaan. Denk aan de recent ingevoerde &amp;ldquo;oveesjipkaart&amp;rdquo; en de bijbehorende paaltjes waar men &amp;ldquo;intsjekt&amp;rdquo;, waarvan inmiddels is aangetoond dat het merendeel van de ouderen ze niet eens waarneemt, vanwege de mate waarin de paaltjes niet passen in het door hen in al die jaren zorgvuldig opgebouwde en beschermde, zij het behoorlijk verouderde wereldbeeld.&lt;br /&gt;
Kinderen daarentegen gaan veel handiger met onbekende objecten om. Gezien de aard van hun bestaan - ze zijn nog maar een paar jaar op deze planeet - is een groot deel van de objecten die zij op een dag tegenkomen, voor hen volstrekt onbekend. Opdat het kind hiervan niet hevig in paniek raakt, heeft de natuur het uitgerust met een haast onverslaanbaar vermogen om te &amp;ldquo;slikken&amp;rdquo;: alles wat nieuw is, wat niet begrepen wordt of onverklaarbaar is, nemen kinderen gewoon voor waar aan. Een rudimentair kritisch vermogen wordt immers pas later ontwikkeld, aan het einde van hun tienerjaren.&lt;br /&gt;
Dit is de verklaring voor het feit dat kinderen moeiteloos nieuwe objecten en hun concepten accepteren, zoals de reeds genoemde oveesjipkaart, de aaipet en de kompjoeter: zij omarmen de onbekende woorden, hun betekenis en de wijze waarop ze in het taalspel van de mensen in hun omgeving worden gehanteerd, met een vanzelfsprekendheid en onbevangenheid die alle volwassen mensen vreemd is.&lt;br /&gt;
Dit is in de eerste plaats een goede zaak. Kinderen zouden volstrekt gek in hun hoofd worden als alles wat nieuw en onbekend was, met een kritische blik moest worden benaderd, en pas kon worden omarmd als de rede zich erover had ontfermd, het verstand er zijn oordeel over had geveld en het gevoel erbij goed was. Het is echter ook een slechte zaak. Want het betekent dat je kinderen gek kunt maken door ze in aanraking te brengen met dingen die ze niet kennen, maar waarvan je weet dat het nog een hele klus voor ze wordt om de kennismaking met deze dingen te verwerken en ze te incorporeren in de eerste ruwe opzet van hun eigen wereldbeeld.&lt;/p&gt;
&lt;p&gt;In de afgelopen jaren is er wat dat betreft een nogal kwalijke tendens te ontdekken in de wijze waarop kinderen stelselmatig voor de gek worden gehouden, en hun vermogen tot accepteren tot astronomische lengten wordt opgerekt. Voorheen hadden kinderen enerzijds de wereld waarmee zij moesten &amp;ldquo;dealen&amp;rdquo;. Anderzijds waren er de virtuele werelden, die hen via visuele media werden voorgeschoteld. Zo zagen zij op televisie tekenfilms over dieren die met elkaar praatten, en over mensen die avonturen beleefden. Hoewel dit alles mateloos interessant is, zeker voor kinderen, die overigens toch al snel overprikkeld zijn wegens de stortvloed van nieuwe informatie die zij te verwerken krijgen, hebben diverse productiemaatschappijen gemeend een stapje verder te moeten gaan. Dit begon in wezen al met series als &amp;ldquo;TiTaTovenaar&amp;rdquo;, waarin volstrekt onmogelijke dingen gebeurden. Echter, in de wereld van een kind kan alles, en kinderen omarmden daarom massaal deze nieuwe &amp;ldquo;wereld&amp;rdquo;, die ze via de televisie konden binnentreden. &lt;br /&gt;
&lt;img height=&quot;188&quot; align=&quot;right&quot; width=&quot;330&quot; src=&quot;http://www.matthiasnoback.nl/userfiles/image/brum.jpg&quot; alt=&quot;&quot; /&gt;Dit was nog niet genoeg voor de televisiemakers. Zij zochten de kindergeest nog verder op te rekken, door ze beelden aan te bieden van pratende objecten, zoals bijvoorbeeld het autootje &amp;ldquo;Brum&amp;rdquo;. De Britse kinderserie over Brum werd in Nederland uitgezonden door Villa Achterwerk, en hoewel het &amp;eacute;&amp;eacute;n van de zeer weinig misstappen van de VPRO is, moeten we hen dit zeer kwalijk nemen. &lt;br /&gt;
Het valt natuurlijk allemaal goed te verklaren: een auto heeft twee koplampen en een bumper. Een mens heeft twee ogen en een mond. Via een niet te weerleggen keten van logische argumenten, kan men concluderen dat aan een auto intenties mogen worden toegeschreven.&lt;br /&gt;
Gelukkig heeft de producent van &amp;ldquo;Brum&amp;rdquo; zich gerealiseerd dat hij kinderen aan het gek maken was door dit soort malloterie op televisie uit te zenden: hij heeft daarom Brum wel intenties gegeven, maar het autootje spreekt niet, en vertoont ook weinig mensachtige bewegingen. Hij rijdt alleen een beetje rond en klappert met zijn deuren - in wezen niks bijzonders. Brum zou dus een robot kunnen zijn. Die lijken ook intenties te hebben, een eigen leven te leiden, maar zijn gewoon zo geprogrammeerd. Aan het einde van de dag keert Brum weer netjes terug naar de garage waar hij vandaan komt - en geen mens die in de gaten heeft, wat hij allemaal heeft meegemaakt - men denkt dat hij eenvoudigweg een auto is.&lt;/p&gt;
&lt;p&gt;Erger wordt het als we de kinderfilm &amp;ldquo;Cars&amp;rdquo; van Walt Disney in beschouwing nemen. De makers van deze film hebben voor zichzelf en de wereld besloten dat de kindergeest definitief en zonder beperkingen door hen toege&amp;euml;igend mag worden. Zij hebben bepaald dat het normaal is om kinderen wijs te maken dat dingen niet alleen intenties lijken te hebben, maar dat dat ook daadwerkelijk het geval is.&lt;br /&gt;
In &amp;ldquo;Cars&amp;rdquo; rijden auto&#039;s rond die met elkaar spreken, min of meer vrij bewegen, verliefd worden, dingen uitvinden, gebouwen maken, spelen en vechten. Aan het einde van de dag keren ze niet terug naar hun garage, doen ze niet alsof ze in wezen geen levende auto zijn, maar gaan ze gewoon staan slapen. &#039;s Avonds gaan ze tractortje pesten ze (voor volwassenen overigens hilarisch om te aanschouwen). Als ze er een bende van maken in het verkeer, verschijnen ze voor de rechter.  &lt;br /&gt;
Het is verschrikkelijk om te zien wat deze film doet met kinderen. Hun ogen en oren staan natuurlijk wijd open als ze een tekenfilm van Disney zien, omdat ze gewend zijn dat deze films geen materiaal voor nachtmerries bevatten. Ernstig worden zij gestraft voor hun ontvankelijkheid. Een kennismaking met de nieuwe en onbekende objecten genaamd &amp;ldquo;Cars&amp;rdquo;, betekent grote kortsluiting in de kinderhoofdjes: Waar komen de Cars vandaan? Wie zijn hun ouders? Zijn ze uit hun ouders gekomen, of zijn ze door hen gebouwd? Hoe wisten die ouders dan hoe dat moest? Waar wonen de Cars? Zijn er ook mensen in hun wereld? Kunnen die in Cars gaan zitten om ze te besturen? Hoe zien Cars er van binnen uit, hebben ze ook organen? Hoe kunnen ze zo flexibel bewegen en praten? Van welk materiaal zijn ze gemaakt? Hoe kunnen ze pijn voelen?&lt;br /&gt;
Volstrekt uit het veld geslagen en met hersenen die op volle toeren iets proberen te maken van wat ze op het beeldscherm zien, kijken kinderen met open mond naar de &amp;ldquo;Cars&amp;rdquo; film. Als de film is afgelopen, snappen ze er nog steeds niks van. Ze willen graag langer in de &amp;ldquo;Cars&amp;rdquo; wereld vertoeven, om er zodoende meer grip op te kunnen krijgen. Daar speelt Disney handig op in, door enorme stapels &amp;ldquo;Cars&amp;rdquo; merchandise aan te bieden. Kinderen die hebben kennisgemaakt met de &amp;ldquo;Cars&amp;rdquo; wereld, vragen hun ouders om deze plastic, glimmende, rode spullen voor hen te kopen. En terwijl ze zich vastbijten in de onbegrijpelijke gebeurtenissen in het leven van Cars zoals &amp;ldquo;Bliksem McQueen&amp;rdquo; en &amp;ldquo;Takel&amp;rdquo;, drijven ze steeds verder af van de enige wereld die er echt toe doet: de wereld om hen heen; de plek waar hun ouders zijn, waarvan ze zoveel zorg en liefde ontvangen, de plaats waar hun vrienden zijn, waar ze later hun werk zullen vinden, waar ze hun huis inrichten en waar ze hun geliefde zullen vinden.&lt;/p&gt;
&lt;p&gt;Daarom vraag ik u, ouders aller landen: gooi al die onzin weg, laat uw kind voortaan alleen nog kijken naar &amp;ldquo;De avonturen van Pieter Konijn&amp;rdquo;, doe daarna de televisie uit, geef ze eens een dikke knuffel en stap samen op de fiets of maak een boswandeling.&lt;/p&gt;</description>
  <pubDate>Thu, 06 Jan 2011 11:15:00 +0100</pubDate>
  <guid>http://www.matthiasnoback.nl/mijn-verhalen/cars-of-waarom-kinderen-niks-begrijpen-van-deze-wereld</guid>
</item>      <item>
  <title>Mijn jaar op een pannenkoek</title>
  <link>http://www.matthiasnoback.nl/mijn-verhalen/mijn-jaar-op-een-pannenkoek</link>
  <description>&lt;p&gt;&lt;strong&gt;Pannenkoek &amp;ldquo;Con amore&amp;rdquo;&lt;/strong&gt;&lt;/p&gt;
&lt;p&gt;Voor mannen die weten hoe een pannenkoek waar ze de rest van hun leven van zouden kunnen houden eruit ziet. Deze pannenkoek is met zorg en aandacht bereid en blijft zelfs in uw buik nog heerlijk nagloeien. Met veel kaneel, schijfjes peer en twee zachte wangetjes van vanille-ijs.&lt;/p&gt;
&lt;p&gt;&lt;strong&gt;Pannenkoek &amp;ldquo;Zadelpijn&amp;rdquo;&lt;/strong&gt;&lt;/p&gt;
&lt;p&gt;Na een lange fietstocht over &#039;s Heren wegen een welkome pannenkoek die de grote honger kan stillen. Met plakjes Drentse kruidkoek en Groningse worst. Geserveerd met een Kamper kruidebittertje.&lt;/p&gt;
&lt;p&gt;&lt;strong&gt;Pannenkoek &amp;ldquo;Cirkelmeting&amp;rdquo;&lt;/strong&gt;&lt;/p&gt;
&lt;p&gt;Voor liefhebbers van de paradoxen van Zeno: oneindig kleine deeltjes poedersuiker op een perfect ronde pannenkoek. Als bestek gebruikt u een lineaal en een passer. Het personeel daagt u uit om met alleen deze instrumenten de oppervlakte van de pannenkoek exact te meten.&lt;/p&gt;
&lt;p&gt;&lt;strong&gt;Pannenkoek &amp;ldquo;Lijf en leden&amp;rdquo;&lt;/strong&gt;&lt;/p&gt;
&lt;p&gt;Denk aan uw gezondheid: gooi uw sigaretten weg, laat de port staan en neem een magere pannenkoek met veldsla en fruit. Na afloop ontvangt u als beloning voor het doorstaan van deze ontbering een heerlijke stoelmassage, waarvoor u gewoon kunt blijven zitten.&lt;/p&gt;
&lt;p&gt;&lt;strong&gt;Pannenkoek &amp;ldquo;Kijkdoos&amp;rdquo;&lt;/strong&gt;&lt;/p&gt;
&lt;p&gt;Een pannenkoek met een echt kijkgaatje. Vouwlijnen zijn van tevoren in het deeg aangebracht. Aan de rand van het bord vindt u diverse materialen om een mooi (en eetbaar!) miniatuurlandschap te kunnen maken. De kok maakt voor u een mooie selectie van flexibel inzetbare groenten.&lt;/p&gt;
&lt;p&gt;&lt;strong&gt;Pannenkoek &amp;ldquo;Object-geori&amp;euml;nteerd&amp;rdquo;&lt;/strong&gt;&lt;/p&gt;
&lt;p&gt;Voor de techneuten onder u die graag willen weten hoe object-geori&amp;euml;nteerde principes als het &lt;em&gt;factory pattern&lt;/em&gt;, &lt;em&gt;exception handling&lt;/em&gt; en de &lt;em&gt;singleton&lt;/em&gt; er op een pannenkoek uit zien. De klasse OopPannenkoek is abstract gedefinieerd en implementeert de &lt;em&gt;interface &lt;/em&gt;IEetbaar. &lt;em&gt;Multiple inheritance&lt;/em&gt; is helaas geen optie.&lt;/p&gt;
&lt;p&gt;&lt;strong&gt;Pannenkoek &amp;ldquo;Het witte doek&amp;rdquo;&lt;/strong&gt;&lt;/p&gt;
&lt;p&gt;Een sneeuwwitte pannenkoek met bijgeleverde poppetjes voor een vrolijk schimmenspel van &amp;ldquo;Peter en de Wolf&amp;rdquo;, waar u uw tafelgenoten eindeloos mee kunt vermaken. Trek na afloop de gratis fles champagne open en breng een toost uit op het succes van de show.&lt;/p&gt;</description>
  <pubDate>Sun, 27 Dec 2009 19:42:00 +0100</pubDate>
  <guid>http://www.matthiasnoback.nl/mijn-verhalen/mijn-jaar-op-een-pannenkoek</guid>
</item>      <item>
  <title>Peter en de Wolf - een analyse</title>
  <link>http://www.matthiasnoback.nl/mijn-verhalen/peter-en-de-wolf-een-analyse</link>
  <description>&lt;p&gt;&lt;a target=&quot;_blank&quot; href=&quot;http://www.matthiasnoback.nl/userfiles/image/peter-en-de-wolf-groot.jpg&quot;&gt;&lt;img width=&quot;330&quot; height=&quot;232&quot; align=&quot;right&quot; src=&quot;http://www.matthiasnoback.nl/userfiles/image/peter-en-de-wolf.jpg&quot; alt=&quot;&quot; /&gt;&lt;/a&gt;Tijdens het werk aan onze verfilming van &amp;ldquo;Peter en de Wolf&amp;rdquo;, liepen we tegen een aantal problemen aan. Wegens de geringe hoeveelheid tijd (13 minuten) die wij tot onze beschikking hadden, en het ontbreken van een vertelstem, moesten er allereerst enkele delen van het verhaal worden geschrapt. Bovendien zouden we bij de film het verhaal af en toe moeten toelichten met behulp van een soort ondertiteling. De belangrijkste vragen die we daarom moesten beantwoorden, waren: welke elementen van het verhaal zouden we ongestraft weg kunnen laten? Als je eenmaal aan het schrappen slaat, dan blijkt dat er nauwelijks iets relevant is voor het verloop van het verhaal. De eend, de kat en de vogel zijn stuk voor stuk grappige personages en leuk om te knippen uit zwart papier en op het witte doek mee te spelen, maar wat is precies hun functie? Grootvader heeft tenminste nog de rol van waarschuwend ouderfiguur, en de wolf speelt in zijn eentje de dreiging vanuit de buitenwereld. Maar zouden we er mee weg komen, om de andere dieren achterwege te laten? En zouden we een zelfde kaalslag kunnen bewerkstelligen in het verhaal dat als tekst op het scherm moest worden geprojecteerd? Zo wilden we eigenlijk maar zwijgen over de eend die aan het eind van het verhaal nog leeft - te horen aan het gekwaak uit de buik van de wolf - maar dit feit hangt op het eerste gezicht sterk samen met de moraal van het verhaal, die aan het eind (zeer dubbelzinnig, zo zal verderop blijken) uit de doeken wordt gedaan.&lt;/p&gt;
&lt;p&gt;Na overleg met mensen die &amp;ldquo;Peter en de Wolf&amp;rdquo; nog uit hun kindertijd kenden (wij filmmakers hadden er eigenlijk nog nooit van gehoord voordat we aan dit project begonnen), waren we in staat om de belangrijkste elementen van het verhaal te achterhalen. Zo heeft elke volwassene - toen nog kleuter - onthouden dat de vogel en de eend op elkaar vitten: &amp;ldquo;Wat ben jij voor een vogel, dat je niet eens kunt vliegen?&amp;rdquo; zegt de vogel. Waarop de eend antwoordt: &amp;ldquo;Wat ben jij voor een vogel, dat je niet eens kunt zwemmen?&amp;rdquo; Deze grap is kennelijk dermate geestig voor kinderen, dat hij goed blijft hangen. Een tweede onvergetelijk verhaalelement blijkt de wolf te zijn, die de eend opslokt. Deze handeling boezemt kennelijk hevige angst in, en angst is zoals men weet een goede reden voor de geest om iets voor altijd in het geheugen op te slaan. Bijna geen enkele van de ondervraagden herinnert zich overigens de jagers, die een onbeduidend rolletje spelen en haast fungeren als een versiering. Het lijkt er bijna op alsof de oorspronkelijke bedenker van het verhaal nog niet klaar was om afscheid te nemen van zijn creatie en de finale probeerde uit te stellen door op het laatste nippertje nog een tweetal potsierlijke personages in te voeren. We hebben tijdens ons vooronderzoek dan ook gelezen over ouders die deze laatste sc&amp;egrave;ne in de hervertelling aan hun eigen kinderen achterwege lieten, om ze niet in verwaring te brengen en de wereld van het verhaal de helderheid te laten behouden die het tot aan de vangst van de wolf door Peter nog bezat.&lt;/p&gt;
&lt;p&gt;Genoeg over de jagers. Laten we ons afvragen wat er precies aan de hand is met de dieren in het verhaal. Neem in de eerste plaats nog even de rol van het hek in gedachten. Dit hek vormt de overgang tussen het veilige erf dat behoort tot het huis waar Peter en zijn grootvader leven, en de grote, ja zelfs boze buitenwereld. De scheiding tussen deze werelden wordt gevormd door een omheining, en het hek is de deur naar buiten. Eenmaal opengedaan door Peter, in de eerste sc&amp;egrave;ne, blijft het hek open.&lt;br /&gt;
De eerste dierlijke ontmoeting die Peter heeft, is die met de vogel. De vogel is in de meeste versies van het verhaal een goede bekende, soms zelfs intieme vriendin van Peter. Soms fladdert zij wat rond, en wisselt enkele woorden uit met Peter, dan weer is zij hyperactief en kletst Peter de oren van het hoofd. In onze film hebben we ervoor gekozen om de vogel op de schoot van Peter te laten springen. Enerzijds om hun hechte band aan te geven, anderzijds om te laten zien dat van alle dieren in het verhaal, de vogel nog degene is die de meeste toenadering zoekt tot Peter, maar die ook bij de luisteraars het meest gewaardeerd blijkt. Dit heeft alles te maken met zijn plaats in de voedselketen zo zal verderop nog duidelijk worden.&lt;br /&gt;
Het volgende dierlijke personage dat ten tonele verschijnt, is de eend. Te horen aan de bekende muziek van Prokofiev betreft het hier een nogal vette eend, die menige arme, hongerige Rus (vergeet niet in welk land dit verhaal speelt!) niet lang ongeschonden op zijn erf zou laten rondlopen. Toch is zij daar wel van afkomstig. De verteller legt ons in het originele verhaal namelijk uit dat de eend ontsnapt van grootvaders erf, dankzij het hek dat Peter &amp;ldquo;vergat&amp;rdquo; te sluiten. De al te grote lichaamsomvang van de eend, alsmede haar verwende karakter - als oude huisvriend van grootvader zal zij diverse lekkernijen toegeworpen hebben gekregen - zorgen ervoor dat de eend onder de overige dieren een beetje belachelijk wordt gemaakt, door middel van de hierboven reeds genoemde, niet gauw te vergeten grap. Zoals bekend heeft de eend echter ook een treffend weerwoord, zodat aan het eind van hun ontmoeting de beide &amp;ldquo;vogelachtigen&amp;rdquo; dan wel blijven kibbelen, maar niet langer een ongelijkwaardige status hebben.&lt;br /&gt;
Niet lang daarna komt echter de kat om de hoek kijken. Het is een waarachtig raadsel waar de kat vandaan komt. De eend is zoals gezegd afkomstig van het erf, dat tot deze dag altijd netjes van de buitenwereld was afgesloten door een omheining, evenals Peter die de ontsnapping van de eend mogelijk maakt. En de vogel is uiteraard niet gebonden aan een erf, noch aan een huis, en laat zich ook niet omvatten door een omheining. Maar van de kat zou men ook verwachten dat het een huisdier is, want een wilde kat zou Peter wellicht ook niet dulden in zijn directe omgeving. Echter hiervoor is in de literatuur geen enkele aanwijzing te vinden.&lt;br /&gt;
De verschijning van de kat is volgens sommige analisten (zie Lincoln en Davis, 1983) een illustratie van de veranderende sociale verhoudingen, zoals die zich in Rusland voordeden toen ook daar de kapitalistische fabriekseigenaren voet aan de grond kregen, en alles wilden verslinden wat zich binnen handbereik bevond. Deze interpretatie wordt gesteund door de overwegingen die de kat in gedachten maakt, als de vogel eenmaal in de boom zit en hij moeite moet gaan doen om de buit binnen te halen. Een echte kapitalist wil natuurlijk zo veel mogelijk omzet draaien, terwijl hij zo min mogelijk investeert, om op die manier zo veel mogelijk winst te halen. Dit komt verrassend nauwkeurig overeen met de strategische afweging die de kat aan de voet van de boom maakt. Bovendien lijkt het woord &amp;ldquo;kapitalist&amp;rdquo; op het Russische woord voor &amp;ldquo;kat&amp;rdquo;, namelijk &amp;ldquo;katiwalistj&amp;rdquo;.&lt;br /&gt;
Ten slotte hebben we natuurlijk nog de wolf. Dit boosaardige dier komt duidelijk uit een heel andere wereld dan Peter, de eend en de vogel. De kat staat eigenlijk nog tussen hen en de wolf in, omdat het immers onduidelijk blijft waar die nu vandaan komt. Opmerkelijk genoeg speelt de wolf ook een soortgelijke rol als de kat. Beide zijn uit op een prooi, en laten zien hoe de voedselketen in elkaar steekt. Als eenmaal de wolf aanwezig is, verandert echter het perspectief op die voedselketen, en zien we dat de kat niet langer de baas is, maar dat de wolf nu degene is voor wie elk dier bang is. Wil men de analyse van Lincoln en Davis verder doorvoeren, dan zou de conclusie zijn dat de wolf symbool staat voor een groter kapitalistisch conglomeraat, zoals bijvoorbeeld een &lt;em&gt;multinational.&lt;/em&gt;&lt;/p&gt;
&lt;p&gt;Deze fascinerende tegenstelling van roofdier en prooi, op twee niveaus, leidt ook tot een andere, meer sociaalpsychologische, &lt;em&gt;gender&lt;/em&gt;-gerelateerde observatie die naar aanleiding van de aanwezigheid van verschillende dieren in het verhaal van &amp;ldquo;Peter en de Wolf&amp;rdquo; gedaan kan worden. Tijdens het schrijven van de teksten die zouden worden geprojecteerd bij de beelden, liepen we tegen de vraag aan of de vogel, de eend, de kat en de wolf nou mannetjes of vrouwtjes waren. Moest het zijn: &amp;ldquo;De eend zag dat het hek open was en zij zag haar kans schoon om de weide eens goed te verkennen.&amp;rdquo; Of zag de eend &lt;em&gt;zijn&lt;/em&gt; kans schoon? Om deze vraag te beantwoorden, hebben we een &lt;em&gt;gender&lt;/em&gt;-neutrale versie geschreven van het verhaal, waarbij we woorden als &amp;ldquo;hij&amp;rdquo;, &amp;ldquo;zij&amp;rdquo;, &amp;ldquo;zijn&amp;rdquo; en &amp;ldquo;haar&amp;rdquo; achterwege lieten. We lazen dit verhaal voor aan een groep proefpersonen en na afloop lieten we hen een vragenlijst invullen. Voor elk dier werd gevraagd: &amp;ldquo;Is het een mannetje of een vrouwtje?&amp;rdquo; De antwoorden die het meeste voorkwamen (gemiddeld 82%) luidden: &amp;ldquo;De eend en de vogel zijn vrouwtjes, de kat en de wolf zijn mannetjes.&amp;rdquo; Op het eerste gezicht een uitermate verrassende uitkomst, maar na enige reflectie ook eenvoudig te verklaren. De man speelt natuurlijk traditioneel de rol van de jager, van een agressor die meedogenloos zijn prooi besluipt en het liefst in &amp;eacute;&amp;eacute;n hap opslokt, iemand die geen rekening houdt met de gevoelens van een ander en strategische overwegingen maakt om zijn doel zo effici&amp;euml;nt en snel mogelijk te bereiken. De vrouw daarentegen is het vriendelijke wezen dat vriendschappen onderhoudt, emotioneel inlevend is, zich bedient van subtiele tactieken om haar doel desnoods via allerlei omwegen te bereiken, en vooral ook wat haar taalgebruik betreft, zeer gevat is.&lt;br /&gt;
Als vertelling voor jonge kinderen versterkt &amp;ldquo;Peter en de Wolf&amp;rdquo; dus het reeds door andere sprookjes aangewakkerde vooroordeel over mannen en vrouwen en hoe zij een heel verschillende plaats innemen in de maatschappij. De geperverteerde conclusie die een jong kind echter zou kunnen trekken, na het horen van de gebeurtenissen die zich voltrekken tussen enerzijds de mannelijke roofdieren en anderzijds de vrouwelijke prooien, is dat mannen in de buitenwereld als enige motivatie het verorberen van vrouwen hebben. Een conclusie die misschien in het 19e-eeuwse Rusland voor de hand lag, maar in de beschaafde Westerse wereld niet langer gerechtvaardigd genoemd mag worden.&lt;/p&gt;
&lt;p&gt;Een ander opvoedkundig dilemma doet zich voor als het verhaal ten einde loopt. De eenvoudige, maar zeer terechte boodschap die de jeugdige luisteraar tot vlak voor het einde van het verhaal voortdurend te horen krijgt, is: &amp;ldquo;Ga niet buiten het hek, de grote buitenwereld is onveilig, de dood ligt achter elke boom op de loer.&amp;rdquo; Halverwege de geschiedenis verandert echter de boodschap. Als Peter eenmaal de wolf heeft gevangen en die aan een touw in de boom hangt, komt grootvader om het hoekje kijken en feliciteert Peter zeer hartelijk met zijn vangst. Wonderlijk, want vlak daarvoor had hij Peter nog aan de arm mee naar huis gesleurd met de waarschuwing dat hij gevaarlijk terrein betrad. Maar nu hij in het onbekende land heeft bewezen de overwinning te kunnen behalen, is het hem wel toegestaan om daar te zijn. Een saillant detail, dat deze verandering van opvatting nog opmerkelijker maakt, is het feit dat (volgens vroegere versies van het verhaal) grootmoeder - die de grote afwezige is in het verhaal - ooit z&amp;eacute;lf verorberd werd door de wolf. De angst van grootvader voor de wolf is dus zeker niet onterecht en het is zeer frappant te noemen dat deze levenslange angst, die bovendien geworteld is in een trauma rondom het verlies van zijn echtgenote, zomaar overboord wordt gezet om plaats te maken voor een vreugdedans met Peter, rondom de boom waarin de wolf - nog altijd in leven - aan een tak bungelt.&lt;br /&gt;
Het is voor kinderen zeer verwarrend als zij een tegenstrijdige boodschap horen. Enerzijds zegt het verhaal: &amp;ldquo;Je mag niet buiten het hek komen.&amp;rdquo; Maar dan horen ze: &amp;ldquo;Als je daarbuiten een heldendaad verricht, dan mag het wel.&amp;rdquo; Ieder weldenkend kind zal zich na het horen van deze enigszins paradoxale boodschap afvragen hoe hij dan wel kan weten dat hij buiten hek een heldendaad zal verrichten. Moet hij eerst ergens goed voor oefenen, nog op het vetrouwde erf? Zal hij misschien moeten leren vertrouwen op zijn voorgevoel? Of zal het vanzelf gebeuren, op een goede dag waarop iemand het hek in de omheining &amp;ldquo;per ongeluk&amp;rdquo; open laat staan?&lt;/p&gt;
&lt;p&gt;Deze vragen wijzen in de richting van een allesomvattend antwoord, een conclusie over het verhaal van &amp;ldquo;Peter en de Wolf&amp;rdquo;, die wij als filmmakers pas in de laatste minuten van ons werk bereikten. De geschiedenis van Peter en de wolf gaat over de overgang van een kind naar zijn volwassenheid. De tijd waarin Peter nog op het erf rondloopt en zijn dagen spelend doorbrengt met die ietwat dikke vrouw, de eend (zijn moeder?), is tekenend voor zijn jeugd. Tijdens zijn jonge dagen bevindt hij zich steeds op veilig terrein. Grootvader waakt over hem en waarschuwt hem voor de buitenwereld, die enigszins bedreigend op Peter overkomt. Tot het moment dat hij besluit het hek door te gaan, en de stap naar die gedemoniseerde buitenwereld waagt. Hij is niet bang, want zover zijn blik reikt, ziet hij alleen de groene weide, een prachtige vijver en bij die vijver en sterke boom, die duidelijk symbool staat voor zijn ontluikende mannelijkheid. Peters besef dat hij zijn veilige thuis voor altijd heeft verlaten, drijft hem verder de wereld in, tot het moment dat hij daar de vijand ontmoet. Maar zijn kinderjaren waren goed en zijn (groot)vader heeft hem voldoende besluitvaardigheid en strategisch inzicht bijgebracht om die vijand te kunnen vangen. Met deze persoonlijke overwinning wint Peter zijn plek in de wereld van de grote mensen. Een wereld die grootvader al weer vaarwel heeft gezegd - hij heeft zich reeds teruggetrokken om vredig te kunnen sterven - maar die voor de jonge Peter nu aan zijn voeten ligt. Alles is mogelijk, geen dreiging te groot. De weide is sappig groen, het water in de vijver is vrij van rimpels, de zon schijnt op de boom en voor Peter staat er zelfs in de vorm van de vogel een lieve vrouw klaar, om hem vanaf nu op zijn levenspad te vergezellen.&lt;/p&gt;</description>
  <pubDate>Sun, 27 Dec 2009 12:14:00 +0100</pubDate>
  <guid>http://www.matthiasnoback.nl/mijn-verhalen/peter-en-de-wolf-een-analyse</guid>
</item>      <item>
  <title>Afstudeerfeest</title>
  <link>http://www.matthiasnoback.nl/mijn-verhalen/afstudeerfeest</link>
  <description>&lt;p&gt;&lt;a href=&quot;http://www.matthiasnoback.nl/userfiles/image/casper-en-ik-groot.jpg&quot; target=&quot;_blank&quot;&gt;&lt;img width=&quot;330&quot; height=&quot;248&quot; align=&quot;right&quot; src=&quot;http://www.matthiasnoback.nl/userfiles/image/casper-en-ik.jpg&quot; alt=&quot;&quot; /&gt;&lt;/a&gt;Tijdens het afstudeerfeest dat ik samen met Casper organiseerde op 21 november 2009 (zie ook de &lt;a href=&quot;http://www.matthiasnoback.nl/fotoalbum/feestje-casper-en-matthias&quot;&gt;foto&#039;s&lt;/a&gt;), hield ik de volgende voordracht:&lt;/p&gt;
&lt;p&gt;&amp;quot;Wazig, donker, lantaarnpalen, trams, bouwlampen, mist, eigen kast?, grasmaaiers, straatvegers, peren, voorlezen, Wipneus en Pim, wiebelen, denk denk denk, modelspoorbaan, Batavia, varen, zeilen, kijkdoos, voorstelling, viool, zwart, dekentje, licht, warm, rugpijn, uitrekken, dansen, warmte, enge man, dode kip, regen, kikkers, Tom Cruise, The Game, vrouwen versieren, wedstrijd, winnaar, illusie, eenzaamheid, bestaan, leven, leegte, diepte, zwart, lang, alleen, wiebelig, zwaar, kwetsbaar, kaal, spierpijn, tranen, liefdeloos, lange dagen, slimme dingen, imponeren, twijfelen, zeuren, te kort, droog, brok in keel, tranen, lichaam, zacht, warm, vochtig, verlangen, welkom, meer, nu, langer, wou altijd, wist niet hoe, te veel, overweldigend, vol, verzadigd, vermoeid, doorgedraaid, doorgespoeld, hou van jou - mis jou - w&amp;iacute;l jou!&lt;/p&gt;
&lt;p&gt;Een paar weken geleden zat ik in de tram. Ik had een aantal glazen wijn op (het aantal zelf is niet te achterhalen, want er werd aan de lopende band wijn bijgeschonken). Er trok een storm door mij heen, en als vanzelf pakte ik mijn opschrijfboekje en begon in trefwoorden alles op te schrijven wat er in mij op kwam. Het resultaat heb ik zojuist aan jullie voorgelezen. Een dergelijke reeks woorden biedt allereerst natuurlijk een inkijkje in mijn innerlijke belevingswereld (die was ook zo geweest, als er geen wijn aan te pas was gekomen). Het laat ook zien hoe prachtig en soepel gedachten van het ene naar het andere onderwerp kunnen gaan, zonder daarbij een logische tussenstap te eisen van hun denker.&lt;/p&gt;
&lt;p&gt;Een derde inzicht naar aanleiding van mijn notities - een observatie die ik al eerder bij mezelf had gedaan - is dat mijn gedachten voor een groot deel lang zo positief niet zijn. Vaak spoken er allerlei moeilijke gedachten en bijbehorende vervelende gevoelens door mijn lijf. Bijvoorbeeld over eenzaamheid, falen of verlies. Soms echter zijn er ook zware gevoelens die in eerste instantie verder niet te duiden zijn. In een deel van de gevallen zijn die gevoelens, zo blijkt bij nadere overweging, het residu van vervelende belevenissen in een droom die ik de nacht daarvoor had. Soms ligt het ook gewoon aan het grijze weer (denk ik dan).&lt;br /&gt;
Maar op andere momenten hebben die grote, duistere gevoelens ook duidelijk te maken met &amp;eacute;&amp;eacute;n van de zogenaamde &amp;ldquo;grote, uiteindelijke waarheden&amp;rdquo;, zoals ik ze noem. Ik zal er nu een paar bespreken.&lt;/p&gt;
&lt;p&gt;Ik wil jullie vragen om eerst even diep adem te halen, en ook tijdens mijn verhaal goed te blijven ademhalen. Alleen dan merk je het als iets in mijn verhaal bij u resoneert. Resoneren wil zeggen dat het een al dan niet gevoelige snaar raakt van binnen en dat is met deze &amp;ldquo;uiteindelijke waarheden&amp;rdquo; meestal wel het geval.&lt;/p&gt;
&lt;p&gt;Hier komen ze dan.&lt;/p&gt;
&lt;ol&gt;
    &lt;li&gt;Het universum is heel groot en onze eigen wereld is heel klein.&lt;/li&gt;
    &lt;li&gt;Het leven duurt kort.&lt;/li&gt;
    &lt;li&gt;Alleen de eerste paar maanden van je leven is alles bijzonder, daarna is alles gewoon.&lt;/li&gt;
    &lt;li&gt;Alles wat je als mens onderneemt is onbelangrijk.&lt;/li&gt;
    &lt;li&gt;Wat vandaag wordt gedaan, is morgen weer vergeten.&lt;/li&gt;
    &lt;li&gt;In wezen ben je altijd alleen.&lt;/li&gt;
    &lt;li&gt;Alles wat je beleeft, alles wat je zo fijn vindt, is te herleiden tot de verplaatsing van energie in ruimte-tijd.&lt;/li&gt;
    &lt;li&gt;Van de meeste dingen die lekker zijn, ga je dood.&lt;/li&gt;
    &lt;li&gt;Ieder&amp;eacute;&amp;eacute;n gaat dood.&lt;/li&gt;
    &lt;li&gt;Alles gaat kapot.&lt;/li&gt;
&lt;/ol&gt;
&lt;p&gt;Het is duidelijk te merken aan jullie reactie dat jullie het met een aantal van deze waarheden niet eens zijn. Vergeet echter niet dat het hier gaat om waarheden, en de eigenschap van een waarheid is dat er niet over gediscussieerd kan worden. En ook niet hoeft te worden. Een waarheid is per definitie een ware uitspraak en als een uitspraak waar is, hoeft er dus niet meer nagedacht te worden over de eventuele waarheid van het tegendeel van de uitspraak. Het tegendeel is immers per definitie onwaar.&lt;/p&gt;
&lt;p&gt;Ik wil er echter meteen aan toevoegen dat jullie reactie op de grote, uiteindelijke waarheden volkomen gezond en natuurlijk is. Als je het eens was met elk punt op het lijstje en je zou er ook naar leven, dan zou je waarschijnlijk derdegraads depressief zijn.&lt;/p&gt;
&lt;p&gt;Als je het werkelijk met elk punt van het lijstje oneens bent, dan kan het zijn dat je tot nu toe in een droomwereld hebt geleefd en dat je op dit moment het gevoel hebt wakker te worden. Omdat het in dat geval de eerste keer is dat je de wereld om je heen zo ziet als hij daadwerkelijk is (met andere woorden: dat je voor het eerst een verlichte staat bereikt), is het verstandig om degene die naast je zit, te vragen om je even vast te houden, desnoods even mee naar buiten te nemen. De &amp;ldquo;uiteindelijke waarheden&amp;rdquo; zijn de eerste keer dat je ze hoort vaak te schokkend om normaal te kunnen blijven functioneren.&lt;/p&gt;
&lt;p&gt;Een andere mogelijkheid is dat je reeds op de hoogte was van alle uiteindelijke waarheden en ermee hebt leren leven. Dat wil zeggen, je hebt na een korte tijd van neerslachtigheid en problemen op elk vlak van het bestaan, de depressie overwonnen en het lijstje met waarheden naast je neer gelegd (wetende dat ze daar niet minder waar van zouden worden) en vervolgens de draad van het leven weer opgepakt. In dat geval: petje af!&lt;/p&gt;
&lt;p&gt;Nog een derde mogelijkheid - het meest voorkomende geval - is dat je af en toe een moment hebt beleefd waarop &amp;eacute;&amp;eacute;n van de &amp;ldquo;uiteindelijke waarheden&amp;rdquo; in alle hevigheid tot je doordrong. Dat kan zijn in de bus, in het bos, misschien terwijl je stond te wachten op degene met wie je had afgesproken (die vervolgens niet kwam opdagen), in het vliegtuig met uitzicht over het wolkendek, of terwijl je lag te zoenen met de buurvrouw. Het mooie is dat je toen waarschijnlijk gauw iets zocht en vond om de overweldigende schok, de diepe pijn, de ruwe leegte en de hartverscheurende eenzaamheid van dat moment niet te hoeven voelen. Je begon gauw te praten over de economische crisis, pakte een krantje op om te lezen over Frans Bauer, stak snel nog een sigaretje op, goot een glas bier naar binnen of zette de muziek wat harder.&lt;/p&gt;
&lt;p&gt;Ondertussen bleef het echter knagen. Uit onderzoek is zelfs gebleken dat in Nederland gemiddeld &amp;eacute;&amp;eacute;n op de vijf mensen die je op straat tegenkomt, op dat moment een moeilijke gedachte heeft, of een knoop in de buik, of misschien zelfs wel een brok in de keel. Schijn bedriegt wat dat betreft, want de meeste van deze mensen hebben de vaardigheid ontwikkeld om ondanks de schrijnende pijn van binnen, toch een heuse glimlach te dragen. Als je zo iemand zou vragen wat eraan scheelde, dan zou je als antwoord krijgen: &amp;ldquo;Niks, hoezo, je ziet toch dat ik blij ben?&amp;rdquo; En zo houdt iedereen zijn diepste twijfels, verdriet en pijn voor zichzelf.&lt;/p&gt;
&lt;p&gt;Ook ik zelf had mij deze tactiek van verbergen, verdringen en ontkennen geheel eigen gemaakt. Ik ben lange tijd de altijd optimistische Matthias geweest, die de sfeer herstelde wanneer dat nodig was, die hard werkte, omdat anderen dat niet deden en die zijn lot vaak zwijgend (en breed glimlachend) droeg, maar het ondertussen vervloekte. Daar kwam verandering in toen ik in het afgelopen jaar ontdekte dat er mensen bestaan die hun verdedigingsmuren aan het afbreken zijn. Deze mensen laten zich raken door anderen en zijn er voor elkaar. Ze zijn er als je even behoefte hebt aan een paar armen om je heen, of aan een bemoedigende aai over je bol. Ze zijn er ook als je heel hard wilt huilen om &amp;aacute;lles. Liefde stroomt rijkelijk tussen hen. Je mag er van nemen &amp;eacute;n je kunt het ook geven (wat minstens zo heerlijk is).&lt;/p&gt;
&lt;p&gt;Ik heb ontdekt dat vrijuit stromende liefde precies datgene is, wat ontbrak in mijn wereld. Vaak had ik het idee dat ik met mijn liefde onder de arm liep, dat ik het niet kwijt kon. Druk was ik daarom op zoek naar een prinsesje, aan wie ik mijn liefde kon geven. Maar altijd als ik er eentje tegenkwam gooide ik het hele handeltje op haar en dat was natuurlijk niet zo plezierig.&lt;/p&gt;
&lt;p&gt;Dat kon zo niet langer. Het zou beter zijn als alles niet op &amp;eacute;&amp;eacute;n iemand aan hoefde te komen. Maar hoe kun je er nu voor zorgen dat er wat meer liefde kan stromen tussen mensen? Ik ben daar ook nog niet helemaal uit, maar een paar idee&amp;euml;n heb ik er wel over. In de eerste plaats: zorgvuldig zijn in contacten met vrienden. Niet zeggen: &amp;ldquo;ik bel nog wel&amp;rdquo; en het vervolgens niet doen. Zeg dan &amp;ldquo;ik heb deze dagen geen tijd voor je en dat vind ik echt jammer&amp;rdquo; (kusje). Zelf ook eens het initiatief nemen in vriendschappen waar het altijd van de andere kant komt. Luisteren, niet voor iemand invullen. Meeleven met iemands problemen, maar ze niet koortsachtig proberen op te lossen. Elkaar steunen en aanmoedigen. Maar ook elkaar wat warmte bieden als het nodig is. E&amp;eacute;n van de heerlijke dingen die ik heb geleerd de afgelopen tijd is om mensen te omarmen of te omhelzen. Het is voor beide deelnemers van een &amp;ldquo;knuffel&amp;rdquo; een gelegenheid om tot rust te komen, om troost te vinden, om je even op te warmen of om anderzijds nieuwe energie op te doen.&lt;/p&gt;
&lt;p&gt;Onze maatschappij is echter nogal een afstandelijke maatschappij en in het algemeen probeert iedereen elkaars aanraking zorgvuldig te ontwijken. Vaak uit angst dat de aanraking als agressief of seksueel getint wordt opgevat. Het zou heel mooi zijn als we daar een beetje vanaf zouden kunnen. En het liefst vanavond nog. Misschien is het echter nodig om eerst even een korte inleiding te geven over de techniek van de omarming. Wat vaak mis gaat is dat de omhelzing een kort en vluchtig moment is. Bijvoorbeeld om te voorkomen dat anderen er maar vreemde dingen van gaan denken. Ook is de afstand tussen de beide deelnemers vaak te groot en blijft het bij een omhelzing van de schouderpartij.&lt;/p&gt;
&lt;p&gt;Ik wil zometeen graag demonstreren hoe de ideale omhelzing eruit ziet. Daarvoor heb ik iemand van jullie nodig. Maar eerst doen we even een ademhalingsoefening, om er een beetje in te komen.&lt;/p&gt;
&lt;ul&gt;
    &lt;li&gt;Stoelen aan de kant, zorg voor ruimte om je armen te bewegen&lt;/li&gt;
    &lt;li&gt;Twee keer op (inademen) en neer (uitademen) bewegen, de derde keer verder omhoog&lt;/li&gt;
    &lt;li&gt;Zo ver mogelijk uitrekken en blijven in die positie&lt;/li&gt;
    &lt;li&gt;Adem uit en laat alles los en naar beneden komen&lt;/li&gt;
&lt;/ul&gt;
&lt;p&gt;Dan volgt nu als vanzelf een omhelzing. Als je zin hebt om mee te doen en er zit iemand dichtbij die je best wel eens zou willen omhelzen (misschien heeft hij of zij wel een moeilijke gedachte op dit moment), ga je gang!&lt;/p&gt;
&lt;p&gt;Wie wil het met mij even voordoen?&lt;/p&gt;
&lt;ul&gt;
    &lt;li&gt;Sta recht tegenover elkaar&lt;/li&gt;
    &lt;li&gt;Buig de knie&amp;euml;n licht&lt;/li&gt;
    &lt;li&gt;Leg een hand onderaan en bovenaan de rug&lt;/li&gt;
    &lt;li&gt;Bewaar je evenwicht en blijf op eigen benen staan&lt;/li&gt;
    &lt;li&gt;Adem diep in&lt;/li&gt;
    &lt;li&gt;Voel jouw buik tegen de buik van de ander&lt;/li&gt;
    &lt;li&gt;Neem de tijd&lt;/li&gt;
    &lt;li&gt;Als je klaar bent, laat dat dan merken door een subtiele beweging van je hand&lt;/li&gt;
&lt;/ul&gt;
&lt;p&gt;Dat was toch niet zo heel moeilijk zou je zeggen... Als je later op de avond nog eens zin hebt in een omhelzing: ik ben altijd bereid! En je zult er versteld van staan hoeveel meer mensen dat ook zijn. Laat de liefde stromen!&amp;quot;&lt;/p&gt;
&lt;p&gt;&lt;img width=&quot;320&quot; height=&quot;240&quot; class=&quot;movie&quot; alt=&quot;/userfiles/file/movie/canto-ostinato.flv&quot; src=&quot;http://www.matthiasnoback.nl/userfiles/image/preview-canto-ostinato.jpg&quot; /&gt;&lt;/p&gt;
&lt;p&gt;P.S. Casper en ik speelden later op de avond nog een (sterk ingekorte versie) van Canto Ostinato.&lt;/p&gt;</description>
  <pubDate>Sun, 06 Dec 2009 12:55:00 +0100</pubDate>
  <guid>http://www.matthiasnoback.nl/mijn-verhalen/afstudeerfeest</guid>
</item>      <item>
  <title>Ik wil naar huis!!</title>
  <link>http://www.matthiasnoback.nl/mijn-verhalen/ik-wil-naar-huis</link>
  <description>&lt;p&gt;&lt;a href=&quot;http://www.matthiasnoback.nl/userfiles/image/ik-zie-mezelf-in-een-flits-groot.jpg&quot; target=&quot;_blank&quot;&gt;&lt;img width=&quot;330&quot; height=&quot;231&quot; align=&quot;right&quot; alt=&quot;In een flits zie ik mezelf&quot; src=&quot;http://www.matthiasnoback.nl/userfiles/image/ik-zie-mezelf-in-een-flits.jpg&quot; /&gt;&lt;/a&gt;Mmm... Wat is dit? Eens kijken, ah, het wordt al iets scherper allemaal. Maar ik zie nog steeds geen bal. Daar links is een vaag soort schijnsel. Recht voor mij een paar lange, strakke dingen. H&amp;eacute;, dat is frappant. Het ding waar ik mee kan kijken, kan bewegen. Ik beweeg nu naar links en naar rechts. &amp;lsquo;t Kraakt wat. Opeens weet ik het: ik ben veel te laat! Is het al half 7 geweest? Oh, shit. En nu vliegen mijn kijkdingen op. Er komt van alles mee, terwijl het beeld verandert. Een groot, solide ding. Ik noem het &amp;ldquo;romp&amp;rdquo;. En nog wat dingen die er aan bungelen. Plotseling sta ik - denk ik - en alles draait nog wat na. Ik schijn toch te weten hoe ik moet handelen in deze situatie, want er hangen opeens allemaal zachte, gekleurde dingen rondom alles wat onder mijn hoofd - ah, &amp;ldquo;hoofd&amp;rdquo;! - mee kwam toen ik net opstond. Ik sta ervan te kijken hoe alles zich nu als het ware vanzelf voor mijn kijkers voltrekt. Wat een procedures worden daar allemaal in rap tempo afgewerkt! Het lijkt allemaal wel in sc&amp;egrave;ne gezet. Bruine poreuze flapjes worden voorzien van een wit smeerbaar goedje en bestrooid met kleine zwarte langwerpige staafjes - wat een leuk gezicht! Gauw steekt een van mijn aanhangels nog een stokje in mij, in een soort holte onder mijn kijkdingen. Er wordt druk mee heen en weer gehengst en dan buig ik diep. In een flits zie ik mezelf, of althans het gevaarte waar ik voor nu even in verzeild ben geraakt. Rond en breed glimlachend. Waarom dan eigenlijk? Zo, zo... nu zijn we ineens met alles erop en eraan ons aan het verplaatsen naar een ver oord. Het gaat me eigenlijk een beetje te snel. Het lijkt alsof ik overal mezelf zie, ik hoor nu ook van alles en dat maakt me niet echt blij. Het is veel te hard. Oh, wacht even, nu maak ik zelf ook geluid volgens mij. Dat klinkt eigenlijk wel een stuk beter dan al dat andere. Ik onderscheid zelfs een paar woorden &amp;ldquo;Ding, dong, there&amp;rsquo;s the doorbell,&amp;rdquo; en dan iets van &amp;ldquo;Ha, la, jo, flapvla.&amp;rdquo; Oeps, bijna tegen iets aan gebotst. Wat was dat eigenlijk?&lt;br /&gt;
Net als &amp;rsquo;t interessant wordt, sluiten mijn ogen zich. We zijn zojuist in een lang en log ding naar binnen gegaan, waar wel meer dingen naar binnen wilden die enige gelijkenis vertoonden met mijzelf. Nu kan ik alleen nog maar horen wat er gebeurt. Het blijft toch een heel kabaal hoor! Oh, wacht even. Nu zie ik wat. En hop! Nou vliegen mijn kijkers weer een heel eind omhoog. Uit het lange ding stappen we nu, en ach, opnieuw een enorme herrie. Het begon zo kalm allemaal vandaag! Ook hier weer veel van die dingen die op mij lijken, maar naar sommige moet ik kennelijk toch wat langer blijven kijken. Aan de bovenkant hebben die lange witte slierten, of donkerbruine warrige draadjes. En ze hebben kijkers. Nu zie ik het! Ze kijken naar mij. E&amp;eacute;n kijker gaat dicht - waarom is dat? Ach, nu gebeurt hetzelfde daar, dat is wonderlijk. Het lijkt wel afgesproken werk. Ho! Dit is een nieuw geluid. Harder, ronder, het zegt: &amp;ldquo;Ga naar huis!&amp;rdquo; Maar ja, waar is dat en wil ik daar wel heen? Mmm... Dit lijkt toch allemaal iets onaangenamer te worden. Een groot ding is nu tegen mij aan gekomen. H&amp;eacute;, dit lijkt op iets dat ik eerder heb meegemaakt. Ik denk dat ik weer ga slapen nu. Alles wordt wat minder scherp. En zwarter. Iets zegt me dat het niet klopt.&lt;br /&gt;
Euhm. Mag ik er uit? Ik wil naar huis!!&lt;/p&gt;</description>
  <pubDate>Sat, 05 Sep 2009 00:00:00 +0200</pubDate>
  <guid>http://www.matthiasnoback.nl/mijn-verhalen/ik-wil-naar-huis</guid>
</item>      <item>
  <title>Een blonde presentatrice van SBS6 lacht naar mij</title>
  <link>http://www.matthiasnoback.nl/mijn-verhalen/een-blonde-presentatrice-van-sbs6-lacht-naar-mij</link>
  <description>&lt;p&gt;&lt;a href=&quot;http://www.matthiasnoback.nl/userfiles/image/grasmaaien-groot.jpg&quot; target=&quot;_blank&quot;&gt;&lt;img width=&quot;330&quot; height=&quot;222&quot; align=&quot;right&quot; src=&quot;http://www.matthiasnoback.nl/userfiles/image/grasmaaien.jpg&quot; alt=&quot;Grasmaaien&quot; /&gt;&lt;/a&gt;Een blonde presentatrice van SBS6 lacht naar mij. Een mysterieuze glimlach, ze bijt van binnen zacht op haar onderlip, de hoeken van haar mond krullen omhoog, haar gezicht kantelt ze iets en ze maakt haar blauwe ogen met lange wimpers groter, alsof ze me wil verleiden.&lt;br /&gt;
Eerst reclame, straks komt ze kennelijk weer terug.&lt;/p&gt;
&lt;p&gt;Heb ik haar een kaart gestuurd, met rode hartjes en knuffelbeertjes? Heb ik daar lieve woorden op geschreven? Stond er soms: &amp;ldquo;Ik denk de hele tijd aan je, wou dat je bij me was... Duizend kusjes, M.&amp;rdquo; Stuurde ik haar niet alleen die kaart, maar ook een bos witte rozen? Zong ik een lied onder het raam van haar slaapkamer, bracht ik haar thuis na de film en vroeg ze of ik nog een glaasje wijn wilde drinken, binnen? Keek ik diep in haar ogen, en speelde ik met haar blonde krulletjeshaar? Tilde ik haar op en bracht ik haar naar de slaapkamer, waar kaarsjes brandden, en het satijnen dekbed uitnodigend open lag, met Barry White uit de luidsprekers?&lt;/p&gt;
&lt;p&gt;Nee, godverdomme! Ik ging &amp;rsquo;s nachts naar haar huis, maaide stilletjes het gras, snoeide het onkruid weg, en plantte overal madeliefjes, vergeet-me-nietjes en paardebloemen. Ik stuurde een kaart met een kunstwerk van Paul Klee, en een gedicht over hoe ik het leven alleen snap als ik met haar ben. Ik bracht haar naar huis, omhelsde haar en ging toen weg omdat ik wou laten zien dat ondanks dat ik een man ben voor mij niet alles om seks draait. Ik nodigde haar uit voor een feest op een denkbeeldige verjaardag. Er was muziek, en taart en duizend lichtjes en we dronken perensap. We praatten tot diep in de nacht over onze plannen voor de komende tijd: dat we op een tandem zouden gaan fietsen en niet van tevoren een bestemming zouden uitkiezen. Dat we samen een schilderij zouden maken op de lege muur in mijn kamer. Dat we nog een keer chocoladetaart gingen maken, en de hele dag niks gingen eten, zodat we de taart in zijn geheel als avondeten op zouden kunnen snoepen.&lt;/p&gt;
&lt;p&gt;Het enige wat de stomme trut nu nog doet is lachen naar miljoenen kijkers, alsof dat allemaal niet gebeurd is. Ik maakte nota bene foto&amp;rsquo;s van alles wat ze mooi zou vinden. Ik stuurde haar een sms als ze ergens tegenop zag en ik dat wist. Ik had mijn hele hart voor haar in de strijd gegooid, een andere baan gezocht, mijn dagschema omgegooid, en ik was vastbesloten om voortaan geen wijn meer te drinken, omdat ze dat niet op prijs stelde. En het enige wat ik nu nog kan doen om haar te zien is &amp;ldquo;Hart van Nederland&amp;rdquo; kijken. Wat mij betreft heeft mijn leven geen zin meer.&lt;/p&gt;
&lt;p&gt;Vaarwel, lieve Milika. Je was de enige van wie ik ooit &amp;eacute;cht gehouden heb.&lt;/p&gt;</description>
  <pubDate>Sat, 22 Aug 2009 23:30:00 +0200</pubDate>
  <guid>http://www.matthiasnoback.nl/mijn-verhalen/een-blonde-presentatrice-van-sbs6-lacht-naar-mij</guid>
</item>      <item>
  <title>Fietsvakantie</title>
  <link>http://www.matthiasnoback.nl/mijn-verhalen/fietsvakantie</link>
  <description>&lt;p&gt;&lt;a href=&quot;http://www.matthiasnoback.nl/userfiles/image/koffie-drinken-groot.jpg&quot; target=&quot;_blank&quot;&gt;&lt;img width=&quot;330&quot; height=&quot;235&quot; align=&quot;right&quot; src=&quot;http://www.matthiasnoback.nl/userfiles/image/koffie-drinken.jpg&quot; alt=&quot;&quot; /&gt;&lt;/a&gt;We huilden en lachten om Forrest Gump. Allebei alleen en nu even samen. Forrest op een bankje, wij op twee stoelen. Een dekentje voor de warmte, een poes tegen de kou. Eerder die dag had ik me verheugd over de studenten in de stad, hun vertrouwde aanblik en ik groette mezelf: dag lieve Matthias. Het kronkelde op weg hier naartoe. Pauze in een ma&amp;iuml;sveld, waar ik mijn broek verwisselde, het gras en mos zacht in de palm van mijn voet. Het was te warm voor lange mouwen en lange pijpen. Een wit randje op mijn bovenarmen, maar nu waaide wind daar tenminste ook langs. De kilometers werden meteen minder lang en de herberg kwam in zicht. De eerste druppels vielen uit een blauwe lucht. Dikke druppels, die de kamer in rolden. Groene blaadjes op mijn vork en een plas water op het grote, diepe, witte bord. De koffie was bruine drab, het ontbijt onstuimig veel te veel. Ik propte mij vol, klaar voor de barre tocht. Gember-appel-rozijnen-jam-prut op een boterham, met een dikke plak kaas er bovenop. Croissantjes, zes stuks. Ik kroop op schoot bij de dikke eigenares en vroeg haar om te vertellen over haar jeugd. Ze fietste dagelijks naar Bommerpeel of Eigendam, of een ander dorp dat daar dichtbij lag. De knooppunten waren haar te nieuwerwets, zij fietste met een autokaart. Gasten vroeg ze altijd of ze ook een eitje lustten bij het ontbijt. En of die hard of zacht moest zijn, zag ze zelf wel, aan hun ogen.&lt;br /&gt;
Ik werd gek van mij, zag mezelf knikkebollen in het caf&amp;eacute;, schuddebrullen in mijn slaap. Dacht mezelf alleen op een blok hout. Dobberde naar Zuidlaren, waar geen water bleek te zijn. In &amp;ldquo;Den Olden Kater&amp;rdquo; voelde ik me thuis. Men schonk er bier en bracht mij krant. Het meisje van de bediening stond op de voorpagina. Ze studeerde kennelijk Rechten, en ze zag er dommig uit. Ach, ze kon goed masseren, terwijl ik mij boog over mijn limonadeglas biologische port. Tezamen met de couscous, liet ik mij het leven even ontglijden. In de donkere tunnel die volgde, lag zoals gebruikelijk een enorme berg troep. Lege blikjes, doosjes, papieren McDonalds-zakken en ongebruikte, desondanks toch maar uit de verpakking gescheurde condooms.&lt;br /&gt;
Families met zwarte rokjes, hard fietsend, een donkere regenwolk in de rug. Geen onweer, maar het journaal viel daar uit. Onzin en gezeur, net als in de krant. Een enorme, gloednieuwe en wanstaltige kerk in Babbelveld, waar men geld steekt in ijdele hoop, in een machine die twijfel omzet in zekerheid.&lt;br /&gt;
Verslagen in het onbekende bed, een tweepersoonsbed, voor mijn hoofd en mijn hart. Warm onder de dekens, grote tranen en diepe wonden om hoe we elkaar ontmoeten en meteen weer moeten vergeten. Lichtjes in de stad, duister op het plafond. Rare blauwe kussens met wilde leuzen erop geborduurd. &amp;ldquo;De bom valt wanneer hij dat wil!&amp;rdquo; en &amp;ldquo;Beter half gevaren dan gevoelig voor kwartjes&amp;rdquo;. Bij het ontbijt word ik bestookt met vragen over waarom ik niet heel hard werk voor mijn geld, waarom ik elke dag pas om 11 uur opsta en ik maar &amp;eacute;&amp;eacute;n goede vriend heb. Waarom ik mijn oma nooit bel en zoveel kaas eet. Ik storm woedend op, en zeg dat ik ervoor betaal om met rust te worden gelaten. Ik druk met mijn armen op mijn buik om maar niks meer te voelen. Tussen mijn lippen geperst houd ik angstvallig een balpen vast.&lt;br /&gt;
In de kamer naast mij zit een jong stel met twee kleine dochtertjes. Ik vraag hun moeder of zij ook heeft gemerkt - ik wel namelijk - dat het tussen haar en haar man minder gaat, nu alle aandacht naar de kinderen gaat. Inderdaad, maar midden in de volle kamer zegt ze dat het haar niet uitmaakt en ze zet het &amp;ldquo;Mens erger je niet&amp;rdquo; spel klaar. Om de spanning van het moment niet onder ogen te hoeven zien, begin ik te friemelen aan het bosje bloemen dat op tafel staat, wrijf ik over mijn voorhoofd en sla ik mijn armen over elkaar.&lt;/p&gt;
&lt;p&gt;&amp;ldquo;Koffie en melk staan daar,&amp;rdquo; zei het meisje van de bioscoop. &amp;ldquo;Suiker,&amp;rdquo; zei ik, en dat was waar. Gemoedelijk klokte ik de koffie achter mijn veilige krant naar binnen, gedwee volgde ik de bel die rinkelde en aangaf waar ik moest gaan zitten. Op de fiets was dat dus, &amp;ldquo;En nu maar goed kijken, h&amp;egrave;?&amp;rdquo; Zeven dagen later viel ik er vanaf, en kwam terecht op het witte zand. Een lieve vriendin ving me op en goot Prosecco in mijn uitgedroogde keelgat. Vanaf dat moment kon ik alleen nog glimlachen: deze opdracht had ik in elk geval volbracht. Ik maakte de volgende envelop open bij een ondergaande zon. In mijn oude schommelstoel die daar ook ineens stond, las ik de korte notitie, kennelijk haastig opgeschreven: &amp;ldquo;Slaap lekker, vergeet niet wakker te worden. Kus!&amp;rdquo;&lt;/p&gt;</description>
  <pubDate>Mon, 10 Aug 2009 01:53:00 +0200</pubDate>
  <guid>http://www.matthiasnoback.nl/mijn-verhalen/fietsvakantie</guid>
</item>      <item>
  <title>Waarom rozijnen? Een apologie</title>
  <link>http://www.matthiasnoback.nl/mijn-verhalen/waarom-rozijnen-een-apologie</link>
  <description>&lt;p&gt;Het leven is vol onzekerheden. Lange tijd gaat alles je voor de wind, dan ineens steekt er een storm op. Een storm in je hoofd, of een storm in je hart. Het ragfijne draadje waaraan jouw geluk lange tijd bungelde, blijkt door &amp;eacute;&amp;eacute;n kleine gebeurtenis gemakkelijk te kunnen breken. Je geniet van fietsen en op een dag is je fiets verdwenen. Je maakt graag Sudoku&amp;rsquo;s, maar je begaat een denkfout en de hele puzzel mislukt. Of je hebt het idee dat je nu eindelijk de juiste keuze hebt gemaakt, en je moeder zegt zonder blikken of blozen tegen je, dat ze twijfels heeft of het op deze manier wel ooit goed komt met je.&lt;/p&gt;
&lt;p&gt;Natuurlijk heeft je moeder gelijk en pakt die keuze, waar je voor de verandering nu eens helemaal achter stond, totaal verkeerd uit. Je had de illusie dat je de juiste richting in was geslagen, omdat je alle opties had overwogen en geen andere weg meer zag. Maar inderdaad, dat was een illusie. Er zijn altijd meer opties dan je voor mogelijkheid houdt. Als je enorm twijfelt of je nou filosofie of wiskunde gaat studeren, dan vergeet je doorgaans dat je ook n&amp;iacute;et kunt gaan studeren. En als je een toetje moet uitzoeken, dan word je gek van de keuze die je moet maken uit &amp;eacute;&amp;eacute;n van de vele zuivelproducten, maar vergeet je vaak dat je ook brownies kunt eten als toetje.&lt;/p&gt;
&lt;p&gt;Op dergelijke momenten zou je willen terugstappen in de eenvoudige wereld van toen je nog een klein kind was. Je werd in bed gelegd en er viel niks meer te kiezen: slapen was de enige optie. Je werd op een potje gezet en je ging gewoon vanzelf plassen. Boodschappen hoefde je niet te doen: het enige gerecht dat je kon kiezen was de maaltijd die je werd voorgezet. En tijdens een wandeling in het bos kreeg je vanzelf een doosje rozijnen in je hand gedrukt. Het enige wat je dan te doen stond was met je kleine vingertjes te graaien in dat vrolijke rode doosje. Onbezorgd over de uitkomst van die keuze, nog onbekend met alle opties die je in werkelijkheid had: het doosje bewaren voor een speciale gelegenheid, het inruilen voor iets anders, het doosje achteloos op de grond gooien, of het verkopen aan een vriendje...&lt;/p&gt;
&lt;p&gt;Al deze opties waren ook gisteren, toen ik de doosjes met rozijnen uitdeelde, aanwezig. En toch stopte iedereen meteen de rozijntjes in zijn mond! Zo hebben jullie ongemerkt weer even kunnen ervaren hoe het is om als een kind te leven; om niet altijd maar alle opties te moeten overzien en om geen ingewikkelde keuzes te hoeven maken. Met als gevolg: minder spijt, minder zorgen en meer tevredenheid.&lt;/p&gt;
&lt;p&gt;Hou dat vast!&lt;/p&gt;</description>
  <pubDate>Sat, 04 Jul 2009 14:15:00 +0200</pubDate>
  <guid>http://www.matthiasnoback.nl/mijn-verhalen/waarom-rozijnen-een-apologie</guid>
</item>      <item>
  <title>Ik wou dat het zomer was</title>
  <link>http://www.matthiasnoback.nl/mijn-verhalen/ik-wou-dat-het-zomer-was</link>
  <description>&lt;p&gt;&lt;a href=&quot;http://www.matthiasnoback.nl/userfiles/image/blikje-met-sterren-groot.jpg&quot; target=&quot;_blank&quot;&gt;&lt;img width=&quot;330&quot; height=&quot;194&quot; align=&quot;right&quot; src=&quot;http://www.matthiasnoback.nl/userfiles/image/blikje-met-sterren.jpg&quot; alt=&quot;&quot; /&gt;&lt;/a&gt;Ik wil schreeuwen naar de maan, alle speculaas opeten die er bestaat, zingen over God, ook al geloof ik niet in hem. Ik wil elke avond twee uur fietsen, dan zoenen met een mooie vrouw in een witte jurk, tot mijn adem op is en ik sterf in haar armen. Ik wil een boek schrijven en tot drie uur &amp;rsquo;s nachts opblijven. Madeliefjes plukken en ze bezorgen bij vrienden. Mijn oma opbellen en een uur lang zwijgen omdat het allemaal niet gemakkelijk is. Ik wil aardbeien plukken, ze wassen en in de yoghurt doen, en er dan alleen naar kijken, want ik heb nu geen honger meer. Ik wil de stomste boeken in mijn kast nog &amp;eacute;&amp;eacute;n keer lezen en ze daarna direct verbranden. Al mijn cd&amp;rsquo;s achter elkaar beluisteren, hallucineren zonder drugs. En een nieuwe naam bedenken voor mezelf.&lt;/p&gt;
&lt;p&gt;Dan wil ik nog graag huilen om die meneer met Alzheimer die vertelt dat wat er soms gebeurt, dat dat hele episodes zijn uit... en dan niks. Ik geef een kus op zijn voorhoofd en zeg dat hij niet meer hoeft te denken.&lt;br /&gt;
Ik neem hem en zijn vrouw mee, we rijden langs de heide, eten pannenkoeken onderweg. Ik laat ze achter op een hoge heuvel, waar ze op een bankje wachten tot de zon ondergaat. &amp;ldquo;Jij bent nog jong,&amp;rdquo; zegt de vrouw en ik weet dat het zo is en spring in een boom, waar de zon nogmaals ondergaat omdat de planeet zo klein is.&lt;/p&gt;
&lt;p&gt;Ik wil dan voorlezen, eindeloos voorlezen, en kijken naar schildpadden die voorbij hobbelen op het strand. Ze hebben hun eitjes gelegd, en weldra komen daar kleine schildpadjes uit.&lt;br /&gt;
En dan wil ik water drinken, tot ik nooit meer dorst heb en een koud blikje cola langs mijn wangen rollen. Als ik het blikje open doe, veranderen de bubbeltjes in sterren. Orion neemt zijn vaste plaats in aan de zwarte hemel en ik dans met hem in spiegelbeeld. Hij leert me sierlijk bewegen en terwijl ik niet vergeet diep adem te halen, komen stapels oud verdriet in mij los. Ik wil dan schreeuwen om een verrassingsei met een stom cadeautje erin en smeek papa om mij uit de wasmand te halen; ik kan er niet in slapen en heb bovendien mijn sokken nog aan. Ik vraag hem om voor mij te zingen, maar hij kan het niet.&lt;/p&gt;
&lt;p&gt;In de stad wil ik de mensen uitschelden. En de volgende woest rijdende taxichauffeur sleur ik uit zijn auto en timmer ik helemaal in mekaar. Ik wijs hem op de dode eenden die onder zijn auto zijn blijven plakken. De wegafzetting rijd ik met mijn fiets omver. Het is me onduidelijk waar de Oude Mereveldseweg begint, en als die niet bereikbaar is (vanaf nummer 45 althans) dan kan me dat echt niks schelen. Ik wil erheen en ik ga erheen.&lt;/p&gt;
&lt;p&gt;Ik wil dat niets me meer kan schelen, dat ik alles even goed vind. Dat ik nergens iets aan kan doen en dat ik voorbijglijd zonder te blijven hangen aan prikkeldraad, klittenband of stikselgaren. Dat ik moe ben en niet langer zeker weet of er nog wel een volgende dag is, maar dat het niet uitmaakt, want dat deze dag heerlijk was, en de moeite waard.&lt;br /&gt;
Ik wil ten slotte nog dat ik alles ontzettend belangrijk vind, dat niks aan mijn aandacht ontglipt en nadat ik alles heb gezien, dat ik dan ook alles begrijp. Dat ik de schepper recht in de ogen kan kijken en dat hij tussen een paar blikken van verstandhouding door de hele geschiedenis van alles en iedereen samenvat in twee of drie woorden.&lt;br /&gt;
Dat ik dan niks meer hoef, en alles mag. Dat het onduidelijk is wanneer de dag eindigt, wanneer een vriend een echte vriend is, of gewoon zomaar een vriend. Dat het niet erg is om te praten over wat je dwars zit, waar je bang voor bent. Dat iedereen toegeeft dat ie het ook niet weet. Ik wil dat iedereen zegt: ik snap er niks van. En: ik doe maar wat, keer op keer.&lt;/p&gt;
&lt;p&gt;En ik wou dat het zomer was.&lt;/p&gt;</description>
  <pubDate>Tue, 30 Jun 2009 23:44:00 +0200</pubDate>
  <guid>http://www.matthiasnoback.nl/mijn-verhalen/ik-wou-dat-het-zomer-was</guid>
</item>      <item>
  <title>Denk maar niks meer</title>
  <link>http://www.matthiasnoback.nl/mijn-verhalen/denk-maar-niks-meer</link>
  <description>&lt;p&gt;De vos zat te staren naar de rimpels in het water van de rivier. Grote grijze wolken huilden van vermoeidheid. Het waaide hard en de oude wilg kraakte. De vos neuriede een melodietje dat hij wel vond passen en nu moest hij zelf ook een beetje huilen.&lt;/p&gt;
&lt;p&gt;&amp;ldquo;Dag vos! Wat doe je?&amp;rdquo; Daar was de zwaluw. &lt;br /&gt;
&amp;ldquo;Oh niks. Ik zit een beetje na te denken... Denk ik,&amp;rdquo; antwoordde de vos.&lt;br /&gt;
De zwaluw vond dat wel interessant en ging naast hem zitten: &amp;ldquo;Ik kan dat geloof ik niet, denken. Is dat leuk om te doen?&amp;rdquo;&lt;br /&gt;
&amp;ldquo;Nou,&amp;rdquo; zei de vos. &amp;ldquo;Gaat wel. Ik heb daar eigenlijk nog nooit zo over nagedacht.&amp;rdquo;&lt;br /&gt;
&amp;ldquo;Kun je het me leren, vos?&amp;rdquo; zei de zwaluw. &lt;br /&gt;
Dat vond de vos een vreemd plan. Eigenlijk vond hij denken maar onhandig. Vaak had hij het net een beetje naar zijn zin, terwijl hij lekker in de zon lag te slapen, of terwijl hij een mooie taart van beukennootjes aan het maken was, en dan moest hij ineens weer aan iets denken. Hele moeilijke dingen dacht hij dan, over wat er allemaal nog zou gebeuren, hoeveel dieren er eigenlijk zijn en hoeveel jaren die bij elkaar opgeteld al bestonden.&lt;/p&gt;
&lt;p&gt;&amp;ldquo;Laten we dat maar niet doen, zwaluw,&amp;rdquo; antwoordde de vos. &lt;br /&gt;
&amp;ldquo;Dat is ook goed hoor,&amp;rdquo; zei de zwaluw. &amp;ldquo;Vind je het niet leuk soms?&amp;rdquo;&lt;br /&gt;
&amp;ldquo;Nee,&amp;rdquo; zei de vos, &amp;ldquo;eigenlijk niet geloof ik.&amp;rdquo; En hij moest alweer huilen. Gauw draaide hij zich weg van de zwaluw.&lt;br /&gt;
&amp;ldquo;Dat geeft toch niet, lieve vos.&amp;rdquo; En ze sloeg haar vleugel, die veel te klein was voor zo&amp;rsquo;n grote vos, om hem heen. &amp;ldquo;Ik weet wel iets, kom je mee?&amp;rdquo;&lt;/p&gt;
&lt;p&gt;Samen liepen ze een stukje langs de rivier, tot ze bij een groot bos met populieren kwamen. De wind waaide wild langs de kleine ronde blaadjes van de bomen. &amp;ldquo;Luister naar de populieren, vos. Doe je ogen dicht, en doe net alsof jij de wind bent.&amp;rdquo;&lt;br /&gt;
De vos deed zijn ogen dicht en probeerde inderdaad te doen alsof hij de wind was. &amp;ldquo;Ik vind dit toch wel een beetje gek, denk ik,&amp;rdquo; zei hij tegen de zwaluw. &lt;br /&gt;
&amp;ldquo;Ssssh,&amp;rdquo; zei ze tegen hem en duwde zachtjes zijn ogen weer dicht. &amp;ldquo;Denk maar niks meer.&amp;rdquo;&lt;/p&gt;
&lt;p&gt;Voordat de vos stopte met denken, dacht hij nog: &amp;ldquo;Tjonge, dat is wel heel...&amp;rdquo; En toen was hij al in de lucht. Met de wind mee, tuimelde hij hoog boven de grond alle kanten op. Met zand en gras in zijn haar maakte hij een koprol door de lucht, en na een reuzensprong dook hij met een grote zwier tussen de populieren door. De ronde blaadjes kietelden op zijn blote buik, en terwijl hij ze probeerde vast te pakken, gleden ze zacht tussen zijn vingers door. &amp;ldquo;Ik ben de wind!&amp;rdquo; riep hij naar de zwaluw. &amp;ldquo;Woesh!&amp;rdquo;&lt;br /&gt;
&amp;ldquo;Heerlijk h&amp;egrave;? Kom we gaan naar beneden,&amp;rdquo; zei de zwaluw.&lt;br /&gt;
&amp;ldquo;Goed, ja,&amp;rdquo; zei de vos, en hij landde tegelijk met de zwaluw op het zachte mos.&lt;/p&gt;
&lt;p&gt;&amp;ldquo;Mmm, hier is het ook fijn,&amp;rdquo; zei hij, en hij rolde wat rond op de grond. &lt;br /&gt;
De vos rekte zich eens goed uit, gaapte flink en deed toen zijn ogen dicht. Hij droomde dat hij met de zwaluw naar de rand van het bos vloog om te kijken hoe het daar was. Het was er eigenlijk heel mooi: er was een groot grasveld met paardenbloemen en madeliefjes. Er groeiden ook heel veel bosbessen en samen met de zwaluw bakte hij daar de lekkerste taart van die je maar kunt bedenken. &lt;br /&gt;
&amp;ldquo;Ik vind jou lief, denk ik,&amp;rdquo; fluisterde de zwaluw, nog net op tijd, in zijn oor.&lt;/p&gt;</description>
  <pubDate>Fri, 01 May 2009 14:10:00 +0200</pubDate>
  <guid>http://www.matthiasnoback.nl/mijn-verhalen/denk-maar-niks-meer</guid>
</item>      <item>
  <title>Mijn constitutie</title>
  <link>http://www.matthiasnoback.nl/mijn-verhalen/mijn-constitutie</link>
  <description>&lt;p&gt;&lt;a href=&quot;http://www.matthiasnoback.nl/userfiles/image/constitutie-groot.jpg&quot; target=&quot;_blank&quot;&gt;&lt;img width=&quot;330&quot; height=&quot;278&quot; align=&quot;right&quot; src=&quot;http://www.matthiasnoback.nl/userfiles/image/constitutie.jpg&quot; alt=&quot;Constitutie&quot; /&gt;&lt;/a&gt;Ik stond keihard te huilen op straat en opeens werd ik wakker met een glimlach in de bar. De linten vlogen om mijn oren en de teddybeer stond op de hoogste plank. Een schreeuw hoorde ik en ik zag een gladde jongeman met desondanks een stoppelbaard door de ruimte stormen. Een woeste, mannelijke oerkreet klonk en glazen vielen kapot. Een ruit barstte, maar niemand keek, alleen de glazen waren belangrijk. De jongen ontvoerde de beer, rukte een oor van zijn hoofd. De beer kwam onder de tafel terecht, onder de half leeggedronken glazen ros&amp;eacute; en bijna nog volle glazen bier met te weinig schuim - bier genoeg, je hoeft het heus niet helemaal op te drinken. &amp;rsquo;t Is toch smerig want bitter en wie houdt er nu van bitter. Algehele consternatie, de klok draait snel door, het is ineens half 7, bijna kan ik het maken om zonder al te veel excuses van deze plek weg te gaan. Maar nu moeten wij ons nog voorstellen aan het nieuwe bestuur. De Praeses schuddebuikt van het lachen, de wijnvlekken op zijn vest, door zijn eigen moeder genaaid en voor deze gelegenheid speciaal gestreken. De pedel klappertandt en breekt haar stok terwijl zij luidkeels roept: &amp;ldquo;Ik wil niet meer!&amp;rdquo; Het einde is in zicht, nog nooit ben ik mij zo wezenloos rot geschrokken. De mensen van de beveiliging met duistere zonnebrillen en te grote zwarte pakken, vadsig vieze overhemden en gestreepte stropdassen lopen mij en haar omver, trappen keihard op mijn grote teen, die ook even geen weerwoord heeft. Godverdomme wat een kinderachtige toestand is dat hier! Drink je koffie op man, wordt helder en stap op je fiets. Vertrek uit deze treurige, veel te duistere ruimte. Waar men de schijn ophoudt en vriendelijk doet omwille van de gebruiken. Vrolijk lachen, prietpraat opsteken, door de lucht opdrogen en eindigen met een kop vieze gin seng thee in &amp;eacute;&amp;eacute;n hand, een lelijk mens in de andere. De muziek dreunt door mijn hoofd en mensen beginnen te dansen. Al wiebelend op hun tenen schrijven ze in het gastenboek. Lange onzinnen met vreemde idee&amp;euml;n daar doorheen, geheime codes, grapjes voor insiders; maar ik ben een outsider! Ik snap hier niks van, word dol in mijn hoofd, frontale kwabben wentelen zich in het rond. Hoe zit dat met de rode wijn, is er ook kaas bij met crackers? Pas op voor brandend maagzuur natuurlijk, maar voor zo lang als het duurt - voor zeven uur ben ik weg - kan het vast geen kwaad. Zeg dat het mag! Zeg dat het me siert, dat dit colbertje me goed staat, dat de drank gratis is en nog lang niet op. We hopen op een prettige samenwerking, dat onze organisatie de standaard hoog mag houden, dat we veel voor elkaar mogen betekenen en dat je mag genieten van de appeltaart met Amerikaanse vlaggetjes, de appeltaart die eigenlijk geen appeltaart is, maar als je hem nuttigt samen met appelsap dan lijkt het er toch op. Eigenlijk is het een boterham, een dikke, donkere, duistere bruine boterham met pitten en vlokken. Oh, nu valt nog een glas en ik kijk in jouw grote blauwe ogen. Duik er in maar jij praat tegen mij, dus ik kan er maar beter weer uit komen. Je hebt me door, maar ik had jou net ook even door. Ik zag dat jij het ook vreselijk vindt hier en dat je ook heel graag weg wilt, misschien wel naar het zwembad. Maar ik hou niet van zwemmen dus bied ik je nog wat te drinken aan. Jij begint dan over je goudvis die zo treurig is de laatste dagen en je haalt hem uit je borstzakje. Ik zie nu ineens dat je overhemd drijfnat is - geen wonder! Al die tijd had je hem met je meegedragen, wat een zware last. Het blijkt dat hij een hersentumor heeft en nu zegt hij tegen mij: &amp;ldquo;Ik ga dood.&amp;rdquo; Je wilt hem natuurlijk zo goed mogelijk bijstaan maar je kunt je een leven zonder hem ook nog niet echt goed voorstellen. Je zult alleen voor de kinderen moeten zorgen en natuurlijk gewoon door moeten gaan met je studie en nog een baan ernaast want anders is er nooit genoeg geld om alle lasten te dragen. Het is ook niet niks, leven in deze tijd. En dan ook nog eens die rotziekte erbij. E&amp;eacute;n op de drie krijgt tegenwoordig al kanker. En wat moet je dan? Samen gaan jullie alle borrels af, om toch vooral bezig te blijven en niet achter de geraniums te verdwijnen. Maar daar komt zowaar mijn oma binnen! Excuses, goudvis, en blauwe ogen, zie je misschien straks nog, maar moet me nu eerst even verexcuseren. Ik plas kletterend tegen de bar aan en bestel nog twee cola. Ben gelijk aan de beurt om te schrijven in het gastenboek en schrijf &amp;ldquo;Naar de maan. Wil ik wel eens gaan. Maar niet nu. Want het komt niet goed uit.&amp;rdquo; Echt iets waar het nieuwe bestuur helemaal niks aan heeft, dunkt mij. Ik geniet van het zetten van mijn handtekening die zo weinig voorstelt dat men er juist bewondering voor heeft en hem aandachtig bestudeert. Een theedoek belandt op de grond en ik grijp de nieuwe zitplek meteen aan. Al gauw voegt het voltallige bestuur van Stichting Veel Speel zich bij mij en samen praten we honderduit. Ik geniet van hun oren, ze stralen mij toe. Oh, dag oma! Is alles wel?&lt;/p&gt;</description>
  <pubDate>Wed, 15 Oct 2008 23:04:00 +0200</pubDate>
  <guid>http://www.matthiasnoback.nl/mijn-verhalen/mijn-constitutie</guid>
</item>      <item>
  <title>Voor Diede</title>
  <link>http://www.matthiasnoback.nl/mijn-verhalen/voor-diede</link>
  <description>&lt;p&gt;Ik snap er niks van, werkelijk.&lt;br /&gt;
Zulke mooie ogen,&lt;br /&gt;
zulke lieve woorden.&lt;br /&gt;
Zoveel golfjes in je haar,&lt;br /&gt;
zoveel kleine sprongetjes tijdens het wandelen.&lt;br /&gt;
Tekeningen van dolfijnen,&lt;br /&gt;
van prinsessen en vlinders.&lt;/p&gt;
&lt;p&gt;Ik zong je in slaap&lt;br /&gt;
en gaf je een kus als jij al vertrokken was.&lt;br /&gt;
Luchtkastelen, zandkastelen,&lt;br /&gt;
ridders te paard en dansende kreeften.&lt;br /&gt;
Zand tussen je vingers en &lt;br /&gt;
je bruine haren die aan je lippen blijven plakken.&lt;/p&gt;
&lt;p&gt;Een witte zee, een koel bos,&lt;br /&gt;
groen genieten en zitten op het mos.&lt;br /&gt;
Koekhappen en limonade&lt;br /&gt;
terwijl het tafelkleed wappert. Eekhoorntjes.&lt;br /&gt;
Nog &amp;eacute;&amp;eacute;n verhaaltje dan.&lt;/p&gt;
&lt;p&gt;De dag wordt pas mooi als jij wakker bent.&lt;br /&gt;
Water in je ogen door het staren in de zon.&lt;br /&gt;
Knijpijsjes, strandstoelen en pootjebaden.&lt;br /&gt;
Zonnebrandcr&amp;egrave;me, je lievelingshanddoek.&lt;br /&gt;
Blauw met groene stippen.&lt;br /&gt;
Op het lipje een strijkbout en 40 graden.&lt;/p&gt;
&lt;p&gt;Ik til je op en jij vliegt verder.&lt;br /&gt;
Ik wil je vasthouden bij je enkels,&lt;br /&gt;
maar jij bent al voorbij de populieren.&lt;br /&gt;
Ze ritselen dat het voorbij is.&lt;br /&gt;
Wensen je goede reis en goede nacht.&lt;br /&gt;
De maan haalt een bloem uit zijn jaszak.&lt;br /&gt;
Voor jou Diede,&lt;br /&gt;
hij steekt hem in je haar.&lt;/p&gt;
&lt;p&gt;Je bent een schoen verloren&lt;br /&gt;
en ook nog je haarband.&lt;br /&gt;
De maan schijnt feller:&lt;br /&gt;
hij is blij dat je komt.&lt;br /&gt;
Ik knijp met mijn ogen en ik knijp in mijn hart.&lt;/p&gt;
&lt;p&gt;Dat was het dan...&lt;br /&gt;
Grassprietjes voeren aan de geiten&lt;br /&gt;
en lachen om de kamelen.&lt;br /&gt;
Rollen van de duinen&lt;br /&gt;
en bellenblazen in bad.&lt;br /&gt;
Een hele nacht bij het haardvuur,&lt;br /&gt;
met sokken aan in bed.&lt;br /&gt;
Uitvindingen bedenken en&lt;br /&gt;
praten tegen het onkruid.&lt;br /&gt;
Stoepkrijt op de muur&lt;br /&gt;
en lichtjes tellen in de trein.&lt;br /&gt;
Bloemen plukken voor mama&lt;br /&gt;
en een verrassingssteen, speciaal voor mij.&lt;/p&gt;
&lt;p&gt;Lieve Diede,&lt;br /&gt;
echt,&lt;br /&gt;
dankjewel.&lt;br /&gt;
We denken elkaar nog wel.&lt;/p&gt;</description>
  <pubDate>Sun, 21 Sep 2008 14:13:00 +0200</pubDate>
  <guid>http://www.matthiasnoback.nl/mijn-verhalen/voor-diede</guid>
</item>      <item>
  <title>Waarom iedereen mij naroept op straat</title>
  <link>http://www.matthiasnoback.nl/mijn-verhalen/waarom-iedereen-mij-naroept-op-straat</link>
  <description>&lt;p&gt;Een interessant fenomeen heeft de afgelopen week plotseling en vrij nadrukkelijk zijn intrede gedaan in mijn leven. In voorgaande jaren kwam het nog slechts sporadisch voor. En tot de afgelopen week had ik het nog niet opgemerkt als een structureel aanwezig element in het verkeer. Maar nu het zo vaak is gebeurd, en het me toch elke keer weer aangrijpt, leek het me een goed idee om het verschijnsel eens onder de loep te nemen. Ik hoor door erover te schrijven tot de de diepere kern van de zaak te kunnen doordringen.&lt;/p&gt;
&lt;p&gt;Het betreft zoals u wellicht had geraden, of anders toch wellicht had kunnen zien aankomen, het nageroepen worden door andere mensen, wanneer je voorbij fietst. U bent natuurlijk zeer wel bekend met dit verschijnsel, maar voor mij was het toch echt een nieuwigheid.&lt;br /&gt;
Het is mij deze week in totaal maarliefst 8 keer overkomen. De eerste keer waren het twee blonde meisjes van 16, die ik inhaalde op mijn sportieve fiets. Eentje hoorde ik tegen de andere zeggen: &amp;ldquo;Moet je kijken hoe die vent op z&amp;rsquo;n zadel zit!&amp;rdquo; en de ander riep naar mij &amp;ldquo;Lekker kontje hoor!&amp;rdquo; De tweede keer had ik een oranje sjaal om en riepen bouwvakkers langs de kant van de weg: &amp;ldquo;Oranje boven, oranje boven!&amp;rdquo; De derde keer betrof het een oude man, reeds in een vergevorderd stadium van kaalheid, die mij toeriep: &amp;ldquo;Kale!&amp;rdquo; Twee corpsballen die mij als tegenliggers passeerden, stootten elkander aan en deelden mij mede: &amp;ldquo;Wat een yuppenfiets man&amp;hellip;&amp;rdquo; De vijfde gelegenheid bestond voornamelijk uit hardop lachen van twee dames van rond de 50, die zich kennelijk bescheurden om het totaalpakket van alle al eerder door andere mensen tot spot verheven zaken, namelijk mijn rare kont, mijn lelijke sjaal, mijn te dure fiets en mijn uitermate kale hoofd. Niettemin voelde hun lachen als naroepen! De zesde gelegenheid was toen ik, nadat ik netjes op het groene licht had gewacht, op mijn fiets stapte en vanuit mijn linker ooghoek een fietser zag aankomen, die zelf duidelijk door het rode licht gefietst was. Omdat ik mijn fietstempo niet inhield en hij daarom moest remmen, riep hij mij na &amp;ldquo;Klootzak!&amp;rdquo; De zevende gelegenheid was in Houten, toen ik door het donkere park aldaar fietste met mijn felle lamp aan (veiligheid voor alles!). Vanuit een duistere groep hangjongeren klonk een brutale meisjesstem, die het uitermate flauwe commentaar gaf op de grote bundel licht uit mijn fietslamp: &amp;ldquo;Oh, is het nu al weer dag?&amp;rdquo; En de laatste keer was bij een kruispunt toen ik in mijn enthousiasme over het na vijf minuten pas op groen gesprongen stoplicht keihard wegstoof. Een snotneus uit pakweg de tweede klas had al die tijd naast mij staan wachten en riep mij na: &amp;ldquo;Kan het nog sneller?&amp;rdquo;&lt;/p&gt;
&lt;p&gt;Ik neem aan en mag toch hopen dat de lezer dit alles met grote verbazing heeft gelezen en inmiddels met stomheid geslagen is. De schrijver idem dito. Want zo op een rijtje gezet, is het toch best schokkend allemaal.&lt;br /&gt;
De vraag is nu: waarom? Natuurlijk, mijn uiterlijke verschijningsvorm is lachwekkend en roept bij zelfs de meest sociaal afgezonderde mens de neiging op om commentaar te leveren. Maar waarom moet dit commentaar nu ook nog naar mij toe geschreeuwd worden? Soms gilt men het uit, alsof het een zaak van leven en dood is. Waarom zou men de ongetwijfeld uiterst komische opmerkingen niet uitspreken in meer besloten kring, tegen degene met wie men zich op dat moment sociaal verhoudt, of bewaren voor een andere context, bijvoorbeeld een samenzijn met vrienden later op de dag.&lt;br /&gt;
Na lang nadenken over deze kwestie (veelal tijdens het fietsen!), ben ik uitgekomen op een voorlopige verklaring, die tweeledig is. Ten eerste geniet men duidelijk van de onbegrijpende, onnozele of gekwetste blik die ik - uiteraard onbewust, want met stomheid geslagen - terugwerp nadat iemand weer eens zijn verbale commentaar naar mij toe heeft geworpen.&lt;br /&gt;
Maar dit plezier in andermans ellende, dat van alle tijden is, kan op zichzelf geen voldoende oorzaak zijn voor het merkwaardige, steeds vaker voorkomende fenomeen. Een andere verklaring is nodig en ik denk dat het deze moet zijn: deze tijd is een tijd van sociale onzekerheid. De 21e eeuw is een tijdperk waarin iedereen door iedereen wordt beoordeeld op zijn uiterlijk. Denk bijvoorbeeld aan de vleeskeuringen op Veronica (jongens en meisjes die worden weggestemd op grond van hun uiterlijk), de sociale verschillen die voortkomen uit het eigenaar zijn van een iPod, dan wel van een eenvoudige mp3-speler, het aantal vrienden dat men op Hyves heeft en of men daar dan ook foto&amp;rsquo;s van &amp;ldquo;vette party&amp;rsquo;s&amp;rdquo; op heeft staan, of alleen foto&amp;rsquo;s van familieleden en eventueel een huisdier. Dit voortdurend elkaar in de gaten houden, controleren en beoordelen op grond van de &amp;ldquo;normen&amp;rdquo; die gelden met betrekking tot al die uiterlijke zaken, precies d&amp;aacute;t recente fenomeen heeft als gevolg dat mensen openlijk elkaar naroepen en luidkeels commentaar geven op elkaars uiterlijke verschijning.&lt;br /&gt;
Deze publieke veroordeling van iemands uiterlijk dient ervoor om de eigen verschijningsvorm tegen die van de ander af te zetten en te concluderen dat men het zelf toch nog best goed doet. Men kan op deze manier omgaan met de onzekerheid die het voortdurende gevoel van gecontroleerd worden met zich meebrengt. Zelf afgeven op een ander, maakt jou namelijk tijdelijk immuun voor het commentaar van anderen. Je voelt je er weer even goed door.&lt;br /&gt;
Om dit patroon te doorbreken - het patroon van commentaar leveren om daardoor zelf even niet becommentarieerd te kunnen worden - weet ik nu precies wat ik voortaan moet doen als een dergelijke situatie zoals ik die hierboven heb beschreven zich weer eens voordoet: ik ga gewoon lekker terugschreeuwen! Over het stomme jurkje van het 16-jarige meisje, over het vieze plakkerige kapsel van de corpsbal, de verlepte tieten van de twee vrouwen, het smerige bevlekte jasje van de oude man en natuurlijk ook over de onder haar shirtje uitpuilende buik van het meisje dat mij naroept vanwege mijn zogenaamd &amp;ldquo;te felle lamp&amp;rdquo;.&lt;br /&gt;
Als iedereen dat nou eens doet, dan is het hopelijk na een tijdje wel afgelopen met dat irritante naroepen en kunnen we er weer gewoon belachelijk uit zien zonder dat iemand er commentaar op levert. &lt;/p&gt;</description>
  <pubDate>Sun, 20 Jul 2008 23:24:00 +0200</pubDate>
  <guid>http://www.matthiasnoback.nl/mijn-verhalen/waarom-iedereen-mij-naroept-op-straat</guid>
</item>      <item>
  <title>Verrot verprutst verdorven</title>
  <link>http://www.matthiasnoback.nl/mijn-verhalen/verrot-verprutst-verdorven</link>
  <description>&lt;p&gt;&lt;a href=&quot;http://www.matthiasnoback.nl/userfiles/image/verprutst-groot.jpg&quot; target=&quot;_blank&quot;&gt;&lt;img width=&quot;330&quot; height=&quot;233&quot; align=&quot;right&quot; src=&quot;http://www.matthiasnoback.nl/userfiles/image/verprutst.jpg&quot; alt=&quot;&quot; /&gt;&lt;/a&gt;Vandaag liep ik mijn spiritueel ingestelde werkeloze buurvrouw weer eens tegen het lijf. Zij belt overdag naar &amp;ldquo;Astro TV&amp;rdquo; voor persoonlijk advies en &amp;rsquo;s avonds legt zij voor een geringe bijdrage van 57 euro per keer haar Tarotkaarten uit voor wie dat maar wil. Omdat ik er altijd zo slecht uit zie (dat z&amp;eacute;gt ze ook gewoon recht in mijn gezicht), begint ze meestal tegen me aan te zeuren dat &amp;ldquo;mijn aura vandaag wat aan de zwarte kant is&amp;rdquo; of dat &amp;ldquo;mijn kruinchakra uitgeblust is&amp;rdquo;. Normaal negeer ik haar altijd een beetje en loop stug door, maar vandaag versperde ze volledig mijn weg en drukte ze mij een bakje met kaartjes in de handen. &amp;ldquo;Hier, elke dag &amp;eacute;&amp;eacute;n kaartje pakken en eens rustig ervaren wat het met je doet. Geniet ervan!&amp;rdquo;&lt;br /&gt;
Ik rende in paniek drie keer zo hard naar huis dan normaal en nadat ik de voordeur goed op slot had gedraaid, bekeek ik in &amp;eacute;&amp;eacute;n ruk alle kaartjes in het bakje. Wat een waanzinnige dingen stonden daar op.&lt;/p&gt;
&lt;p&gt;Verheugd&lt;br /&gt;
Verrukkelijk&lt;br /&gt;
Vertier&lt;br /&gt;
Verrast&lt;br /&gt;
Vertederend&lt;br /&gt;
Vermakelijk&lt;br /&gt;
Versieren&lt;br /&gt;
Vertrouwen&lt;br /&gt;
Verliefd&lt;br /&gt;
Verwondering&lt;br /&gt;
Verleidelijk&lt;br /&gt;
Verrijkend&lt;br /&gt;
...&lt;/p&gt;
&lt;p&gt;Kennelijk was de grap dat het om allemaal fijne woorden ging die beginnen met &amp;ldquo;ver-&amp;rdquo;.&lt;/p&gt;
&lt;p&gt;Nou, dat kan ik ook. De volgende dag gaf ik mijn buurvrouw het bakje terug met heel andere briefjes erin:&lt;/p&gt;
&lt;p&gt;Verrot&lt;br /&gt;
Verprutst&lt;br /&gt;
Verdorven&lt;br /&gt;
Verloochend&lt;br /&gt;
Verloren&lt;br /&gt;
Verdronken&lt;br /&gt;
Vergeten&lt;br /&gt;
Verguisd&lt;br /&gt;
Vertrokken&lt;br /&gt;
Verregend&lt;br /&gt;
Verkleurd&lt;br /&gt;
Verzopen&lt;br /&gt;
Verdrietig&lt;br /&gt;
Verdampt&lt;br /&gt;
Versleten&lt;br /&gt;
Verduisterd&lt;br /&gt;
Verdoezeld&lt;br /&gt;
Verzuimd&lt;br /&gt;
Verraden&lt;br /&gt;
Verdord&lt;/p&gt;</description>
  <pubDate>Fri, 23 May 2008 00:28:00 +0200</pubDate>
  <guid>http://www.matthiasnoback.nl/mijn-verhalen/verrot-verprutst-verdorven</guid>
</item>      <item>
  <title>Het gaat de laatste tijd wel een stuk minder hoor</title>
  <link>http://www.matthiasnoback.nl/mijn-verhalen/het-gaat-de-laatste-tijd-wel-een-stuk-minder-hoor</link>
  <description>&lt;p&gt;Sinds mijn afgelopen verjaardag is het allemaal snel bergafwaarts gegaan. Niet alleen lichamelijk, maar ook in mentaal opzicht is de slijtageslag nu definitief begonnen. De eerste tekenen van verval deden zich al voor toen ik 16 was, maar ik wijt de kwaaltjes die toen opstaken vooral aan de puberteit, wat immers in het algemeen een periode is van lichamelijke ongemakken die zich allemaal na elkaar en in zeer korte tijd voordoen.&lt;br /&gt;
Maar goed, u zult natuurlijk zeggen: &amp;ldquo;Ach, zo&amp;rsquo;n jonge vent, waar kan die nu over klagen? Die heeft toch &lt;em&gt;deo volente&lt;/em&gt; nog wel een paar jaar te leven in een prima conditie!&amp;rdquo; Niets is minder waar. Als ik de tekenen mag geloven is het einde nu wel in zicht. Vanochtend nog was het plotseling mijn linkerknie die dienst weigerde. Ik weet natuurlijk dat ik op deze leeftijd niet langer kan vertrouwen op het goed functioneren van mijn botten en gewrichten, en pak mij dus voor het slapen gaan goed in om eventuele blessures door tocht of koude te voorkomen. Maar dat mocht niet baten - tegen ouderdom kan men niet vechten. Eenmaal wakker geworden - moeizaam als dat tegenwoordig gaat, vooral ook omdat ik steeds zo moeilijk in slaap kom door de pijn in mijn schouderbladen - voelde ik al wel dat er iets mis was. Enthousiast uit bed springen zoals vroeger ging al lang niet meer, ook omdat ik een paar maanden geleden een paar ribben heb gebroken toen ik in de badkamer was gevallen en de pijn daarvan nog altijd niet helemaal weg is, maar normaal gesproken lukt het mij toch nog wel om enigszins vlot uit bed te komen. Echter merkte ik dat mijn linkerbeen totaal niet mee wilde werken. Hij zat volledig op slot en ik moest eerst mijn been handmatig uit bed &amp;ldquo;gooien&amp;rdquo; en pas daarna kon de rest volgen. Gelukkig had ik voor dit soort gelegenheden al een constructie boven mijn bed laten maken, zodat ik me gemakkelijk kan opheffen op &amp;eacute;&amp;eacute;n van mijn mindere dagen. Tevens heb ik sinds mijn val in de badkamer, waarna ik twee dagen op de grond heb gelegen voordat mijn buurman me eindelijk hoorde roepen, mijn mobiele telefoon altijd bij de hand. Op nummer &amp;eacute;&amp;eacute;n staat natuurlijk de huisarts voorgeprogrammeerd, maar op nummer twee de wijkverpleegster van de Thuiszorg. Die laatste heb ik toen dus maar gebeld, in de hoop dat zij beschikbaar zou zijn voor het bereiden van een ontbijt. Gelukkig was ze in de buurt bij een studievriend van mij, die de laatste tijd ook hard achteruit gaat. (Wat is dat toch treurig h&amp;egrave;? Een paar jaar geleden zaten we nog gezond en wel samen in de collegebanken!)&lt;br /&gt;
Maar laat ik ophouden met klagen over al mijn kwaaltjes. Iedereen heeft ze immers en als je eenmaal de respectabele leeftijd van 24 hebt bereikt en je hele leven lang hebt kunnen genieten van al het moois onder de zon, dan moet je er toch niet gek van opkijken als je ineens alles afgenomen wordt. Ik heb een mooi leven gehad en hoewel deze kaalslag op het eind natuurlijk niet leuk is en mij zeker ook als onrechtvaardig overkomt na al het lange en harde werken dat ik in mijn leven heb gedaan, is iedereen toch op zekere dag aan de beurt. Dan rest een mens niets anders dan God te danken voor alle goede jaren en alle zegeningen te tellen die hem dan toch maar ten deel zijn gevallen. Hoe weinig talrijk die zegeningen ook mogen zijn, want welbeschouwd heb ik toch eigenlijk nauwelijks iets bereikt in mijn leven. Natuurlijk is het in vergelijking met een arme sloeber in de derde wereld al heel wat als je weer vijf euro bij elkaar hebt weten te schrapen en daarvan net het meest noodzakelijke voedsel kunt kopen voor deze maand, maar een echte zegening kun je het niet noemen. Ook het feit dat mijn beide ouders al op vroege leeftijd uit hun en mijn leven werden gerukt, kan moeilijk als positief worden gezien, en ik ben er dan ook eigenlijk nog altijd kwaad over. Verder heb ik nooit een diploma gehaald, omdat mijn pleegouders mij al vroeg nodig hadden voor het doen van huishoudelijke taken. Bijna altijd bleek dat ik die in hun ogen onvoldoende had uitgevoerd, waarna ze mij bijna dagelijks stevig afranselden en ik hierbij herhaaldelijk dermate zware blessures opliep, dat ik niet langer met fatsoen op school kon verschijnen.&lt;br /&gt;
&lt;img width=&quot;330&quot; height=&quot;289&quot; align=&quot;right&quot; src=&quot;http://www.matthiasnoback.nl/userfiles/image/tegeltje.jpg&quot; alt=&quot;Tegeltje&quot; /&gt; Door deze problematische eerste jaren liep mijn zelfvertrouwen een flinke deuk op, en ik werd een echte kluizenaar - een jongeman met pleinvrees, praatangst en flatulentie wegens opgekropte haat. Geen wonder dat ik nooit de liefde van mijn leven heb gevonden. In mijn wanhoop heb ik toen nog eens een prostituee bezocht - omdat ik zo weinig geld had was dat niet veel soeps - maar van nageslacht kon dus helaas geen sprake zijn.&lt;br /&gt;
En hoewel ik natuurlijk diep teleurgesteld ben hierover en zo mogelijk nog treuriger word bij de gedachte dat ik nooit het geluk zal hebben om mijn kleinkinderen het daglicht te kunnen zien begroeten, weet ik maar al te goed: in dit leven kun je niet &amp;aacute;lles hebben. Ik citeer dan ook graag het wandtegeltje dat bij mij boven de eettafel hangt:&lt;em&gt; &amp;ldquo;Dat wat wij hebt, dat tel wij niet, maor dubbel dat wat oes ontgiet.&amp;rdquo; &lt;/em&gt;Dit is helaas maar al te waar en ik hoop dat ik u door het schrijven van deze tekst ervan heb weten te overtuigen dat ik niet alleen maar klaag over wat ik niet heb gehad in dit leven, maar dat ik ook oog heb voor al het goede wat mij dan wel ten deel is gevallen, hoe weinig dat ook is.&lt;/p&gt;</description>
  <pubDate>Sun, 18 May 2008 23:23:00 +0200</pubDate>
  <guid>http://www.matthiasnoback.nl/mijn-verhalen/het-gaat-de-laatste-tijd-wel-een-stuk-minder-hoor</guid>
</item>      <item>
  <title>Prediker</title>
  <link>http://www.matthiasnoback.nl/mijn-verhalen/prediker</link>
  <description>&lt;p&gt;Alles heeft zijn uur en ieder ding onder de hemel zijn tijd.&lt;br /&gt;
Er is een tijd van bidden en een tijd van vloeken,&lt;br /&gt;
een tijd om te denken en een tijd om te voelen,&lt;br /&gt;
een tijd van uitstellen en een tijd van haasten,&lt;br /&gt;
een tijd van schaamteloos kopen en een tijd van roekeloos weggooien,&lt;br /&gt;
een tijd van Albert Heijn en een tijd van C1000,&lt;br /&gt;
een tijd van crackers met kaas en jam en een tijd van boterhammen met kaas en stroop,&lt;br /&gt;
een tijd van Verlichting en een tijd van Romantiek,&lt;br /&gt;
een tijd van knuffelen en een tijd van kietelen,&lt;br /&gt;
een tijd van Popla Dubbeldik Extra Zacht (met opdruk) en een tijd van schuurpapier,&lt;br /&gt;
een tijd van haat en een tijd van liefde,&lt;br /&gt;
een tijd van afwachten en een tijd van opwachten,&lt;br /&gt;
een tijd van macaroni en een tijd van rijst,&lt;br /&gt;
een tijd van passie en een tijd van actie,&lt;br /&gt;
een tijd van verlangen en een tijd van vervullen.&lt;br /&gt;
een tijd van anderhalf uur snoozen en een tijd van verend opspringen,&lt;br /&gt;
een tijd van streven en een tijd van laten streven,&lt;br /&gt;
een tijd van inhouden en een tijd van uitkotsen,&lt;br /&gt;
een tijd van al huilend in slaap vallen en een tijd van dromen dat je huilt,&lt;br /&gt;
een tijd van rennen voor de bus en een tijd van wachten op de bus.&lt;/p&gt;
&lt;p&gt;Welk voordeel heeft de arbeider van datgene waarvoor hij zich aftobt? Ik heb in ogenschouw genomen de bezigheid, die God aan de buurman gegeven heeft om zichzelf daarmee te kwellen. Alles heeft Hij voortreffelijk gemaakt; ook heeft Hij de haat in buurmans hart gelegd, zonder dat deze de oorzaak kan ontdekken van die haat. Ik heb ingezien, dat de haat niet in zijn eigen macht staat, maar als hij bij thuiskomst zijn kat uitscheldt en vergezeld van de woorden &amp;ldquo;vuile kutkat&amp;rdquo; de deur uit schopt, kortom als hij zich verheugt om zijn wrede activiteiten, en het goede geniet bij al het vloeken, dan is dat een gave Gods.&lt;/p&gt;</description>
  <pubDate>Thu, 01 May 2008 14:08:00 +0200</pubDate>
  <guid>http://www.matthiasnoback.nl/mijn-verhalen/prediker</guid>
</item>      <item>
  <title>Filmrecensie van "Ghesus the Movie 1" en "Ghesus: The Movie – Second Version"</title>
  <link>http://www.matthiasnoback.nl/mijn-verhalen/filmrecensie-van-ghesus-the-movie-1-en-ghesus-the-movie-second-version</link>
  <description>&lt;p&gt;Recentelijk uitgekomen en nu al een megahit op YouTube: deze twee prachtige films van Lars Noback en kornuiten, die sinds begin deze maand verenigd zijn in het filmproductiebedrijf &amp;ldquo;No dick films - films met ballen&amp;rdquo;. De films bieden een interessante kijk op de idee&amp;euml;nwereld van een stel hedendaagse scholieren van om en nabij de 14 jaar: we krijgen inzicht in de problematiek die zij ondervinden terwijl ze in deze onstuimige samenleving proberen het hoofd boven water te houden en tevens zien we de conceptueel sterke oplossingen die zij cre&amp;euml;ren om met die problemen om te gaan.&lt;br /&gt;
Dat de nog jonge makers reeds een verknipte geest hebben, blijkt uit het feit dat zij met het op film vastgelegde materiaal niet konden komen tot &amp;eacute;&amp;eacute;n film, maar er uiteindelijk twee hebben gemonteerd. Beide films vertellen een totaal ander verhaal, hoewel ze natuurlijk ook gedeelde elementen hebben. De makers hebben de continu&amp;iuml;teit willen aangeven door in de titel beide keren &amp;ldquo;Ghesus&amp;rdquo; - de hoofdpersoon van het verhaal - op te nemen, maar ze hebben tevens de grote verschillen willen benadrukken door de ene film &amp;ldquo;the Movie 1&amp;rdquo; te noemen, en de andere film niet zoals te verwachten valt &amp;ldquo;the Movie 2&amp;rdquo;, maar juist &amp;ldquo;The Movie - Second Version&amp;rdquo;. Een gewaagde keuze, die echter duidelijk zijn vruchten afwerpt bij het internetpubliek. Mensen die beide films online hebben bekeken, hebben veelal direct hun keuze gemaakt en winden in hun commentaar geen doekjes om hun uitgesproken voorkeur voor &amp;ldquo;the Movie 1&amp;rdquo; of juist voor &amp;ldquo;The Movie - Second Version&amp;rdquo;. De eerstgenoemden zijn fans van het eerste uur, puristen en dogmatisten die tevens van mening zijn dat men een eenmaal gemonteerde film niet nog eens moet monteren. De laatstgenoemden, die kiezen voor de tweede versie van de film, zijn fans die vanaf het begin af aan ontevreden waren over de eerste versie. Fans van de eerste versie menen echter dat dit gewoonweg ligt aan hun tekort aan intelligentie, omdat de keus wel m&amp;oacute;et vallen op de eerste film - als men tenminste voldoende hersenen heeft om de intrigerende maar nogal gecompliceerde verhaallijn te kunnen doorzien. De discussies lopen door dergelijke aantijgingen hoog op en men scheldt elkaar op internetfora dan ook graag uit met uitdrukkingen die in het normale taalgebruik doorgaans niet worden gehanteerd.&lt;/p&gt;
&lt;p&gt;Nu een korte inleiding is gegeven op het werk van &amp;ldquo;No dick films&amp;rdquo;, wil ik graag enkele grote thema&amp;rsquo;s belichten, die Lars en zijn vrienden op imposante wijze door de plot van hun film hebben verweven. Het knappe is dat zij al filmend haast ongemerkt belangrijke inzichten doorgeven over het soms plotselinge optreden van dood, de diepere zin achter het leven of de problemen die men ondervindt bij het uitkiezen van een religieus leider, maar ook worden film-filosofische vraagstukken behandeld zoals: &amp;ldquo;Kan een rol door verschillende personen worden gespeeld en toch geloofwaardig blijven?&amp;rdquo;&lt;br /&gt;
De zinspeling in de titel van de film die de athe&amp;iuml;stische jongelui uit het oosten van ons land maken op de welbekende religieuze leider uit de eerste eeuw na Christus, is wellicht voor de hand liggend in dit soort religiekritische films. De keuze voor &amp;ldquo;Ghesus&amp;rdquo; echter - de &amp;ldquo;u&amp;rdquo; spreekt men uit als &amp;ldquo;oe&amp;rdquo; - biedt tevens gelegenheid om het probleem van racisme ten overstaan van Mexicanen aan de kaak te stellen. De jonge filmmakers/acteurs hebben natuurlijk in hun dagelijks leven op een katholieke school veel te maken met de onheuse behandeling van Mexicaanse jongelui. Zij willen echter niet moraliserend optreden richting de kijker, maar hem slechts een klein schuldgevoel aanpraten. De volgende keer dat deze dan een Mexicaan tegenkomt, zal hij hem- zo hopen althans de filmmakers - met respect behandelen.&lt;br /&gt;
Er moet echter nogmaals opgemerkt worden dat het slechts blijft bij een voorzichtige suggestie van het racismeprobleem. Wat blijkt namelijk? Ghesus wordt wel genoemd, maar het is in de film volstrekt onduidelijk wie van de personen op het witte doek nu feitelijk Ghesus is. Alle spelers dragen - echter niet allemaal op het zelfde moment - de inmiddels wereldberoemde en tevens op eBay zeer gewilde sombrero, waardoor het onduidelijk is wie op welk moment de &amp;ldquo;zwarte piet&amp;rdquo; is. Deze principi&amp;euml;le onduidelijkheid in de plot van de film is een bewuste keuze van de makers geweest. In een interview met de Hoogeveensche Courant vertellen zij over hun motivatie: &amp;ldquo;Het grote gehalte aan structurele onzekerheid doet de kijker als het goed is contempleren over zijn eigen onzekerheden in het leven.&amp;rdquo; Wederom een filosofische insteek dus, en een aanmoediging tot zelfreflectie.&lt;br /&gt;
Echter de filosofische, contemplatieve neiging in de beide &amp;ldquo;Ghesus&amp;rdquo; films slaat nimmer om in een voor de hand liggende depressiviteit of een sombere kijk op de typisch menselijke omstandigheid: het geworpen zijn in een volstrekt onbegrijpelijke wereld. Zo speelt in de films steeds &amp;ldquo;de dood&amp;rdquo; een belangrijke rol, maar die zal nooit bij name genoemd worden. Daarentegen nemen de makers hun toevlucht tot diverse stijlmiddelen, om te verhullen waar zij het over hebben. Zo fungeert op diverse plaatsen in hun films &amp;ldquo;de val&amp;rdquo; als metafoor voor de dood. Die treedt ook vaak plotseling in en de gevolgen zijn niet te overzien. Daarnaast wordt er gespeeld met het begrip &amp;ldquo;onsterfelijkheid&amp;rdquo; als &amp;ldquo;Ghesus&amp;rdquo;, nadat aan hem is aangekondigd: &amp;ldquo;It is time to meet your doom,&amp;rdquo; niet dood lijkt te kunnen gaan, ondanks de vele honderden rake klappen die aan hem worden uitgedeeld door zijn tegenspeler. Brian, &amp;eacute;&amp;eacute;n van de medewerkers van No dick films, levert hierop in zijn weblog het volgende commentaar: &amp;ldquo;Als 14-jarige heb je het gevoel dat je alles wel aankunt, dat je het eeuwige leven hebt. Toen mijn cavia vorige week overleed, zag ik wel in dat dat echt niet zo is. En die ontdekking wilde ik met de kijkers delen.&amp;rdquo;&lt;/p&gt;
&lt;p&gt;Dan nog een paar opmerkingen over de verschillen tussen beide films. Het is alleen al uit de muziekkeuze duidelijk dat &amp;ldquo;the Movie 1&amp;rdquo; een veel optimistischer kijk op het leven geeft dan &amp;ldquo;The Movie - Second Version&amp;rdquo;. We vinden er ook &amp;eacute;&amp;eacute;n van hun beroemde gevallen van een &amp;ldquo;split-between-balls-cut&amp;rdquo;: een filmisch zeer sterk stijlmiddel dat door de heren vaak wordt toegepast en welhaast als typerend voor hun werk kan worden beschouwd. Het betreft hier de sc&amp;egrave;ne met de fietstassen van het merk &amp;ldquo;Dickies&amp;rdquo; - wat keurig wordt weggepiept (geen commerci&amp;euml;le reclame in idealistisch werk!). De existenti&amp;euml;le twijfel die acteur Brian hier oproept met zijn opmerking over de levenslange garantie van de tas - alsof een dergelijke garantie &amp;uuml;berhaupt te bieden valt - is in deze context licht ironisch en niet zonder zelfspot. Het is mooi om te zien dat daarna ook het gevoel van verdriet - dat een ieder van ons toch van tijd tot tijd overkomt - een plek krijgt in het leven van Ghesus, die hier zelfs voor een paar seconden op de kop wordt gefilmd, waarmee door de makers gelijk een vraagteken wordt geplaatst bij de oprechtheid van de getoonde emotie.&lt;br /&gt;
De parallelsc&amp;egrave;ne in &amp;ldquo;The Movie: Second Version&amp;rdquo; heeft van zichzelf een vrij bittere bijsmaak. Dit lijkt te maken te hebben met het onder filmregisseurs welbekende Kuleshov effect, waarbij de emotionele lading van een betreffend shot voor een groot deel afhankelijk wordt gemaakt van het voorgaande shot. Nadat Brian op de grond is gevallen en hiermee dus metaforisch zijn eigen dood in beeld brengt, wordt in het volgende shot naar hem verwezen alsof hij inderdaad inmiddels is overleden. Ghesus vraagt zich daar namelijk af: &amp;ldquo;Waar is die ene gozer nou?&amp;rdquo; Dit is een eufemistische uitdrukking voor de eigenlijke vraag: &amp;ldquo;Waar gaan we heen na onze dood?&amp;rdquo;. Direct na dit shot volgt een sc&amp;egrave;ne waarin Ghesus, kort na het emotionele intermezzo, al weer druk in de weer is zijn alledaagse activiteiten op te pakken. Deze sc&amp;egrave;ne drukt ons weer eens met de neus op de feiten: als je dood gaat, rouwt men er slechts kort om - enkele &amp;ldquo;seconden&amp;rdquo; later wordt de draad al weer opgepakt en is het alsof er niets gebeurd is.&lt;/p&gt;
&lt;p&gt;Al met al zijn deze beide films dus schoolvoorbeelden van po&amp;euml;tisch-metaforische art films, echte &amp;ldquo;mensenfilms&amp;rdquo;, waar elke kijker op zijn eigen manier bij betrokken raakt: er zijn sc&amp;egrave;nes voor elk wat wils: de pareltjes liggen in de beide Ghesus films voor het oprapen. &lt;/p&gt;</description>
  <pubDate>Mon, 28 Apr 2008 22:06:00 +0200</pubDate>
  <guid>http://www.matthiasnoback.nl/mijn-verhalen/filmrecensie-van-ghesus-the-movie-1-en-ghesus-the-movie-second-version</guid>
</item>      <item>
  <title>Ik voelde mij...</title>
  <link>http://www.matthiasnoback.nl/mijn-verhalen/ik-voelde-mij</link>
  <description>&lt;p&gt;Als uitgedroogd gebladerte,&lt;br /&gt;
als een rotte vrucht te pletter gevallen&lt;br /&gt;
in het vergeelde gras.&lt;br /&gt;
En vogels die er in pikken.&lt;/p&gt;
&lt;p&gt;Als een broodrooster,&lt;br /&gt;
vol kruimels van oud brood,&lt;br /&gt;
roestend in de kast.&lt;br /&gt;
Niemand die hem nog nodig heeft.&lt;/p&gt;
&lt;p&gt;Als een krantje,&lt;br /&gt;
op de grond in de bus,&lt;br /&gt;
op een regenachtige dag.&lt;br /&gt;
Met de voorpagina in de modder!&lt;/p&gt;
&lt;p&gt;Als een tandenborstel,&lt;br /&gt;
met de haren alle kanten op.&lt;br /&gt;
Te hard gepoetst&lt;br /&gt;
en niet op tijd vervangen. &lt;/p&gt;</description>
  <pubDate>Sun, 27 Apr 2008 14:10:00 +0200</pubDate>
  <guid>http://www.matthiasnoback.nl/mijn-verhalen/ik-voelde-mij</guid>
</item>      <item>
  <title>Ik had al lang dood moeten zijn</title>
  <link>http://www.matthiasnoback.nl/mijn-verhalen/ik-had-al-lang-dood-moeten-zijn</link>
  <description>&lt;p&gt;Toen ik nog een hummeltje van 2 jaar was, kroop ik op een goede dag in mijn geboortehuis de houten zoldertrap op, achter mijn moeder aan, die daar op het zoldertje de was ging ophangen. Zij had helemaal niet door dat ik achter haar aan kroop, en liet het luik dat de bovenverdieping van de zolder scheidde, achter zich dicht vallen. Recht op mijn tere hoofdje dus, met als gevolg dat ik van de trap af stortte en met een dreun op de kleine overloop belandde. Met gelukkig n&amp;eacute;t te weinig momentum om ook nog van de trap naar de begane grond te rollen. Mijn eerste mogelijke doodsoorzaak was dus: &amp;ldquo;van de trap gegooid door moeder&amp;rdquo;.&lt;br /&gt;
Dit verschrikkelijke incident eenmaal overleefd, was de fascinatie met de dood natuurlijk goed in gang gezet. Een jaar later - inmiddels 3 jaar oud en nog altijd een fervent middagdutter - zocht ik nogmaals de grenzen van het bestaan op, door vlak voor het middagslaapje nog een pepermuntje te eten. Mijn moeder had mij natuurlijk altijd gewaarschuwd voor dat soort zaken: je kon er wel eens in stikken tijdens het slapen. Ik wilde wel eens weten of dat echt zo zou zijn. Nou, en zoals jullie allemaal weten is dat toch nog goed gegaan. Mogelijke doodsoorzaak nummer 2 was dus: &amp;ldquo;gestikt in pepermuntje&amp;rdquo;.&lt;br /&gt;
Een gevoel van onsterfelijkheid had zich bij het ontwaken natuurlijk meester van mij gemaakt, waardoor ik bij een volgende levensbedreigende situatie absoluut niet bang meer hoefde te zijn. Ons huis stond aan een drukke weg, waar veel auto&#039;s op doorreis naar het pittoreske dorpje Bredevoort langs kwamen rijden, en hoewel Bredevoort toch ook weer niet zo&#039;n razend interessant dorp is, reed men er toch nogal hard naartoe. Op een goede morgen zou ik met mijn moeder een stukje wandelen in het bos aan de overkant van die drukke weg en omdat zij mij altijd had gekend als een bijzonder bewust mannetje, dat zich niet in gevaarlijke situaties zou begeven, hield ze mij niet zoals de meeste moeders angstvallig vast aan de kant van de weg. In plaats daarvan keek zij alvast goed naar links en naar rechts en nogmaals naar links (hoewel ik de aanduidingen voor links en rechts toen nog niet kende), maar nog voordat ze had besloten dat het veilig was en mij een hand wilde geven om me naar de overkant te geleiden, was ik al naar de andere kant gerend. Triomfantelijk stond ik daar naar haar te stralen: ik had het weer gered! Potenti&amp;euml;le doodsoorzaak nummer 3 is daarmee: &amp;ldquo;overreden door vrachtauto onder toeziend oog van moeder&amp;rdquo;.&lt;br /&gt;
Een paar jaar later toen we naar Kampen waren verhuisd, overviel plotseling een schijnbaar vrij ernstige ziekte mij, gepaard met een eindeloze vermoeidheid en koorts. Wekenlang hield dit aan. Bloedprikken in het ziekenhuis leverde de conclusie op dat er inderdaad iets niet goed was (wat precies weet ik eigenlijk niet meer). Een behandelingsplan werd nog opgesteld. Inmiddels had ik echter het idee dat ik naast een zekere onaantastbaarheid in gevaarlijke situaties ook mijzelf wel beter zou kunnen maken. Al in de tweede week van mijn ziek zijn had ik alle LP&#039;s van mijn moeder gedraaid en wist ik precies welke liedjes ik mooi vond. Een bepaalde combinatie van liedjes, op een bepaalde volgorde afgespeeld, gaf mij het tijdelijke gevoel dat ik niet langer ziek was: eerst het liedje over de koningskinderen van Miel Cools, dan een instrumentaal liedje van Herman van Veen, dan &amp;ldquo;Kom je strakjes bij me spelen?&amp;rdquo; van Kinderen voor Kinderen en ten slotte de &amp;ldquo;Alfabetmars&amp;rdquo; van Bert er Ernie. Mijn eigen behandelplan hield dus in dat ik de hele dag deze liedjes zou draaien en dat ik op die manier mezelf beter kon maken. En warempel, bij een nieuwe controle in het ziekenhuis een week later, bleek dat er niks meer mis was met mij. Het behandelingsplan van de arts kon in de prullenbak.&lt;br /&gt;
Omdat ik inmiddels al op vele manieren mijn levensduur kunstmatig had weten op te rekken, was het voor mij nu wel duidelijk dat ik niet keer op keer zoveel geluk zou kunnen hebben. De kans op een fatale afloop van om het even welk incident werd elke dag groter. De volgende jaren ben ik daarom steeds voorzichtiger geworden en heb ik elke potentieel onveilige situatie vermeden, om Magere Hein vooral geen kans te geven. Vanaf dat moment heb ik altijd het idee gehad dat ik wel vroeg zou sterven: gezien de vele risicovolle situaties uit mijn vroege levensjaren had ik immers al lang niet meer mogen bestaan. &lt;/p&gt;</description>
  <pubDate>Mon, 24 Mar 2008 13:39:00 +0100</pubDate>
  <guid>http://www.matthiasnoback.nl/mijn-verhalen/ik-had-al-lang-dood-moeten-zijn</guid>
</item>      <item>
  <title>Burengeluiden</title>
  <link>http://www.matthiasnoback.nl/mijn-verhalen/burengeluiden</link>
  <description>&lt;p&gt;Het is niet bepaald een stille straat waar ik aan woon. Om de 5 minuten dendert er een bus langs, waarvan de remmen ernstig knarsen in de bocht. De halte zelf zit hier bijna vlak voor de deur en de deuren van de bus maken een indringend piepsignaal wanneer ze weer sluiten. Ook het lawaai van bezopen jongeren die - zeer verstandig - de bus nemen naar het station is natuurlijk erg irritant, vooral omdat deze jongelui altijd weer kans zien om precies op het moment naar huis te gaan, waarop ik n&amp;eacute;t in slaap ben en nog niet ver genoeg in dromenland ben doorgedrongen om ongestoord verder te gaan met mijn belevenissen aldaar.&lt;br /&gt;
Maar niet alleen &amp;rsquo;s avonds dringen diverse geluiden zich door mijn immer open raam naar binnen. Ook &amp;rsquo;s ochtends valt er tegenwoordig van alles te beleven aan onplezierige wanklanken. Zo blijkt mijn nieuwe bovenbuurman een reusachtige vent van minstens 150 kilo te zijn, die vroeg in de morgen al stampend door het huis rent om zich op tijd aan te kleden en nog wat eten mee te grissen voor tijdens het werk. Maar dit alles niet nadat hij een flinke ochtendplas heeft gepleegd en daarbij niet op het plateautje van de wc-pot mikt, maar op het waterreservoir onderin, waardoor het geklater en geborrel door alle omwonenden nauwgezet te volgen valt. Ook gaat iedereen in de flat n&amp;aacute; elkaar douchen, zodat het stromende water dat voor al die douchebeurten nodig is, gedurende enkele uren lang te beluisteren valt vanuit mijn bed, dat ook nog eens direct naast de waterleiding geplaatst is.&lt;br /&gt;
Helaas blijft het niet bij al deze mensengeluiden, ook de dieren hebben zich ingemengd. En dan doel ik natuurlijk op de vrolijke en zeer vroege vogels die vanaf een uur of 5 in de ochtend al aan iedereen laten horen dat ze wakker zijn en die het tevens ook niet voor zich zullen houden dat ze bijzonder vrolijk zijn vandaag. Gelukkig is er een aantal vogeltjes dat die vrolijkheid op gelijkmatige wijze mededeelt aan het publiek. Hun humeur maken zij bekend door een vrij continue stroom van getwirrel en gefluit. Helaas zijn er ook vogels die in dialoog treden met elkaar en die zich daarbij niet bekommeren om de overlast die zij veroorzaken in hun directe omgeving. Van tientallen meters afstand vechten zij om de titel &amp;ldquo;Meest vrolijke vogel van de dag&amp;rdquo; en daarbij zullen ze het niet laten om met onregelmatige tussenpozen en tevens ook onregelmatige lengtes, maar met een des te regelmatiger want voortdurend te groot volume uit te wijden over de redenen waarom de vogel in kwestie nu eigenlijk de meeste aanspraak op de felbegeerde titel heeft. De redenen die worden aangevoerd in dit debat komen eigenlijk allemaal op hetzelfde neer en worden ook door alle vogels gebruikt en hergebruikt. Meestal is het tudutudutudutuud. Of fili fili fili. Het gevolg van dit eindeloos herhalen van dezelfde argumenten is dat een oplettende luisteraar al gauw erg flauw wordt van de redevoeringen en in mijn geval bouwt zich de irritatie natuurlijk flink op, temeer omdat ondertussen ook de eerste bussen vertrekken, de buurman uit zijn bed springt en er weer vrolijk op los stampt en de onderbuurman niet alleen als eerste een mooi lange en uiterst welluidende plas produceert, maar tevens een flinke scheet laat in de pot. Dieper onder de deken kan ik niet kruipen en bovendien komt alle herrie in de buurt daar toch dwars doorheen, dus besluit ik dan maar om ook mee te gaan stampen, zingen en plassen. Want zoals een oud-Hollands spreekwoord zegt: &amp;ldquo;If you can&amp;rsquo;t beat them, join them.&amp;rdquo; &lt;/p&gt;</description>
  <pubDate>Fri, 14 Mar 2008 14:29:00 +0100</pubDate>
  <guid>http://www.matthiasnoback.nl/mijn-verhalen/burengeluiden</guid>
</item>      <item>
  <title>Ga je mee?</title>
  <link>http://www.matthiasnoback.nl/mijn-verhalen/ga-je-mee</link>
  <description>&lt;p&gt;Soms snap ik even niks meer van alles en komen heel vervelende vragen in mij op, zoals &amp;ldquo;wat moet ik met mijn leven aan&amp;rdquo; en &amp;ldquo;wat is nou eigenlijk &amp;eacute;cht belangrijk&amp;rdquo;. Het zijn uiterst pijnlijke vragen, want ik heb geen idee wat het antwoord zou moeten zijn, maar dat weerhoudt mijn hersenen er niet van om ze af en toe toch op te werpen. Negeren kan ook niet echt, dus neem ik dan maar even een &amp;lsquo;levenspauze&amp;rsquo; (levensbe&amp;euml;indiging is gelijk zo dramatisch h&amp;egrave;?). Dit houdt in dat ik naar Utrecht Centraal ga en daar op een bankje bij het grote blauwe bord plaats neem. De eerste twee uur dat ik daar dan zit, neem ik alles wat ik om mij heen zie, goed in mij op. Een mevrouw met een raar hoedje, twee kinderen die erg verlegen zijn en beiden vechten om een plaatsje onder moeders rok, het jongetje met de snottebel, de ongeschoren student die haastig nog een koffie bestelt alvorens hij naar zijn trein rent, de politieagent die met zijn armen over elkaar hetzelfde doet als ik, maar dit heel stoer vindt van zichzelf, de zwerver die vraagt om een kwartje terwijl we al lang geen kwartjes meer hebben, de schoonmaker die kauwgummetjes weg prutst van de grond en natuurlijk ik zelf, die daar - ondanks een mooie nieuwe jas en stoere schoenen - toch maar een beetje sneu op dat bankje voor zich uit zit te staren.&lt;br /&gt;
Op het moment dat ik mijzelf op die manier kan aanschouwen, heb ik een dermate vergroot bewustzijn, dat ik het meteen ook probeer uit te breiden naar alle andere mensen in de stationshal. Ik probeer mij dan in te leven in de gedachten van de andere mensen en als het ware geestelijk &amp;eacute;&amp;eacute;n te worden met hen. Niet iedereen is natuurlijk even interessant, maar bijvoorbeeld de meneer die aan de overkant heel serieus en gespannen kijkt naar het blauwe bord is wel intrigerend. Zijn dikke snor, en dito wenkbrauwen maken dat het lijkt alsof hij boos is. Zijn armen houdt hij ook nog eens stevig over elkaar. Hij moet nog een half uur wachten tot zijn trein eraan komt en hij weet natuurlijk dat het niks helpt om boos naar het bord te kijken, maar hij wil gewoon graag dat de trein eerder komt. Hij hoopt er eigenlijk op dat er zal worden omgeroepen: &amp;ldquo;Dames en heren. De trein naar Amersfoort, Zwolle en Groningen vertrekt vandaag een half uur eerder, speciaal voor meneer Van den Akker. Zijn vrouw is zojuist bevallen en hij wil er natuurlijk zo snel mogelijk naar toe. Het is een meisje overigens!&amp;rdquo;&lt;br /&gt;
De oude dame - die met de grijze haren, de groene baret, en de geruite jas - die een bankje verderop zit, kijkt vooral erg treurig. Ze heeft spijt van een paar dingen. Spijt van het feit dat ze niks te drinken heeft meegenomen van huis. En ze wil niks kopen bij de Kiosk, want dat zijn natuurlijk afzetters. Vroeger had je een flesje cola voor een dubbeltje! Dus nu moet ze maar wachten tot ze thuis is. Maar ja: ze is ook al drie uur onderweg en ze heeft inmiddels hoofdpijn van de dorst. Maar dat is maar &amp;eacute;&amp;eacute;n van de dingen waar ze spijt van heeft&amp;hellip; Vanmiddag heeft ze tegen haar man gezegd dat ze niet langer van hem hield en dat ze wilde scheiden. Hij had toen gezegd dat hij natuurlijk al lang wist dat ze niet meer van hem hield, maar waarom zouden ze nu nog uit elkaar gaan? Ze zijn beiden 80, wat had dat nog voor zin! Het ging haar echter om het principe. Als je niet van elkaar houdt, moet je ook niet meer getrouwd zijn! En wie weet wat er allemaal nog voor spannende dingen zouden gebeuren als ze niet meer dag in dag uit bij elkaar waren?&lt;br /&gt;
Maar nu ging het toch een beetje knagen. Echt houden van hem deed ze inderdaad niet meer, maar zou hij het wel aan kunnen als ze nu bij hem weg zou gaan? Je weet hoe het gaat - als je al wat ouder bent kan een dergelijke grote verandering en de spanning die het oplevert, je dood betekenen. En dat wilde ze hem toch ook niet aandoen?&lt;/p&gt;
&lt;p&gt;Een paar meter verderop stond ook nog een interessant persoon, waarin ik mij met veel plezier zou inleven. Het was een jonge vrouw - geheel in het zwart gekleed. Ze had rood haar, met krulletjes en ze droeg een leren tas. Ze keek wat dromerig en met een vragende blik mijn kant op. Wat een interessante jongen daar op dat bankje! Ze had hem net ook al gezien, toen ze uit de trein stapte. Nu ze hier wachtte op haar aansluiting was het haar opgevallen dat hij zelf ook nogal dromerig was aangelegd en dat hij met aandacht naar de mensen in de hal had zitten kijken. Hij is eigenlijk wel heel leuk, bedacht ze, en terwijl ze zich bewust werd van die gedachte werd ze ook meteen wat onrustig. Ze begon wat te wiebelen op haar benen en te schuiven met haar voet tegen die tegels met die kleine puntjes erop, voor blinde mensen. Ik wist precies hoe dat voelde en begon zelf ook wat te schuiven over de vloertegels. Toen moest ze ineens weer denken aan de trein die ze over vijf minuten zou gaan halen en ik dacht met haar mee: &amp;ldquo;Nee, dan weet ik nooit wie het was die ik zo leuk vond!&amp;rdquo; Vijf minuten was toch genoeg om op zijn minst een telefoonnummer uit te wisselen? Ze zette voorzichtig een stap in mijn richting. Ik stond op van het bankje en alsof ik naar haar toe was gevlogen, stonden we twee tellen later al tegenover elkaar. &amp;ldquo;H&amp;eacute;!&amp;rdquo; zei ik. En zij zei: &amp;ldquo;Ga je mee?&amp;rdquo; &lt;/p&gt;</description>
  <pubDate>Mon, 28 Jan 2008 22:13:00 +0100</pubDate>
  <guid>http://www.matthiasnoback.nl/mijn-verhalen/ga-je-mee</guid>
</item>      <item>
  <title>Heerlijke blauwe ogen</title>
  <link>http://www.matthiasnoback.nl/mijn-verhalen/heerlijke-blauwe-ogen</link>
  <description>&lt;p&gt;Ik stond op haar te wachten langs de Oudegracht, vlak bij het Stadskasteel Oudaen, en ook niet ver van het gebouw met de merkwaardige naam &amp;ldquo;De Blauwe Planeet&amp;rdquo;, die - minder merkwaardig - aan de buitenkant geheel blauw van kleur was. Het duurde langer dan ik had verwacht en terwijl ik steeds onrustig om mij heen keek of ze er al aan kwam, was achter mij de zon zelfs al aan de laatste stralen van deze dag begonnen. Oranje licht scheen op de Domtoren en een lichte bries stak op. Ik zette mijn kraag op en wierp nog een blik naar de lucht, waar roze-rode toefjes wolk te zien waren. Op dat moment voelde ik dat een warme zachte hand mijn eigen hand vast pakte. &amp;ldquo;H&amp;eacute; liefie! Daar ben ik dan eindelijk. Hoe was je dag?&amp;rdquo; Ik verheugde mij dermate over deze plotselinge verschijning van diegene op wie mijn hart al zo lang had gewacht, dat het een slag inhield, en vervolgens zo driftig ging kloppen, dat ik in enkele seconden helemaal was opgewarmd.&lt;br /&gt;
Ik omhelsde haar en zei dat het allemaal een beetje tegen was gevallen vandaag. Op weg naar de bibliotheek moest ik mij een weg banen door duizenden supporters van FC Utrecht die het fietspad voor wandelpad hielden en hun urine de vrije loop lieten in de sloten aan de kant van de weg. Op straat had weer eens overal glas gelegen (en ik was zelfs nog afgestapt om het op te gaan ruimen). De boeken die ik kwam terugbrengen waren beschadigd door de vorige lener en ik had de schuld gekregen, met een fikse boete als gevolg. Eenmaal teruggekomen bij mijn fiets bleek de band toch nog lek te zijn geraakt. En hoewel ik mij goed hield en netjes met het fietslicht aan naar huis liep, fietste er nog een of andere dronkelap tegen mij aan, waardoor mijn broek nu gescheurd was en op mijn been een flinke blauwe plek was ontstaan.&lt;br /&gt;
&amp;ldquo;Ach, lieve schat,&amp;rdquo; zo werd ik gelukkig onderbroken - anders was ik echt in huilen uitgebarsten: &amp;ldquo;Kom eens hier.&amp;rdquo; En ik kreeg een kus in mijn haar en een aai over mijn bol. &amp;ldquo;En jij?&amp;rdquo; zei ik, mijn eigen miezerige gebeurtenissen van vandaag in zo&amp;rsquo;n korte tijd al weer vergeten: &amp;ldquo;Hoe is het met jou?&amp;rdquo;&lt;br /&gt;
&amp;ldquo;Heel goed!&amp;rdquo; zei ze. &amp;ldquo;Ik heb het gevoel dat eindelijk alles weer goed aan het komen is. Mijn leven is weer op de rails. Ik ben weer lekker aan het studeren, word elke dag om half 8 wakker, vol goede moed en zin om weer een aantal dingen aan te pakken en tot een goed einde te brengen. En ik ben nu niet meer alleen, dat scheelt ook een hoop,&amp;rdquo; en ze keek mij diep aan. Wat een heerlijke blauwe ogen heeft ze toch! En die blonde krullen om haar oren: goddelijk, echt. Met haar wil ik altijd samen zijn. &amp;ldquo;Hoe heet je eigenlijk?&amp;rdquo; zei ik toen maar. &lt;/p&gt;</description>
  <pubDate>Sun, 13 Jan 2008 19:36:00 +0100</pubDate>
  <guid>http://www.matthiasnoback.nl/mijn-verhalen/heerlijke-blauwe-ogen</guid>
</item>      <item>
  <title>Een niet onaantrekkelijke dakloze jongedame</title>
  <link>http://www.matthiasnoback.nl/mijn-verhalen/een-niet-onaantrekkelijke-dakloze-jongedame</link>
  <description>&lt;p&gt;Herman liep met zijn nog ongevulde rugzak over het betongrauwe plein in het plaatselijke winkelcentrum. Met als eindbestemming de C1000, besloot hij toch maar even via de Albert Heijn te lopen, omdat daar op maandag altijd een voor de verandering eens niet onaantrekkelijke, schijnbaar dakloze, jongedame met haar daklozenkranten stond te leuren. Het ging Herman uiteraard niet om dat suffe krantje, met de onge&amp;iuml;nspireerde naam &amp;ldquo;Straatnieuws&amp;rdquo;, maar hij hoopte nog een aardige glimlach aan de verkoopster te kunnen ontlokken. Zo&#039;n glimlach waar hij dan de rest van de dag weer energie uit kon putten.&lt;br /&gt;
Al van een afstandje had Herman haar zien staan, maar het viel hem meteen op dat er iets niet helemaal in de haak was deze keer. Haar kranten had ze verruild voor een bonte verzameling van schilderijen en tekeningen, die ze had uitgehangen aan een waslijn. Op de prentjes waren schrikwekkende taferelen vol doodshoofden, hellevuur, en duivelse poppetjes getekend. Een groot bord vermeldde: &amp;ldquo;Het einde van de wereld is nabij.&amp;rdquo; De vrouw zelf stond niet zoals gebruikelijk suf voor zich uit te kijken, maar liep met het vuur in haar ogen driftig te ijsberen temidden van haar koopwaar, alsof ze niet goed wist wat nu haar eerste prioriteit moest zijn: de mensen wijzen op het naderende einde, of toch haar afschrikwekkende doeken aan de man brengen.&lt;br /&gt;
Verlegen als altijd en lichtelijk in de war van deze plotselinge verandering ten opzichte van de normale loop der dingen, liep Herman stevig stappend door, in de richting van die andere, veel goedkopere supermarkt. Terwijl Herman daar brood, jam en een pak melk uitzocht, was hij in gedachten nog druk bezig met het vinden van een verklaring voor het vreemde gedrag van de dakloze, kansloze, maar intrigerende vrouw, die zich nog tot voor kort had beperkt tot het verkopen van een saaie krant, maar die nu ineens een belangrijke missie in haar leven bleek te hebben. Tijdens het uitzoeken van een fijne diepvriespizza, sloeg hem plotsling de angst om het hart. Wat nu als daadwerkelijk het einde van de wereld nabij zou zijn? Dan had hij zijn studie niet afgemaakt, dan had hij nooit een koopwoning gehad, nooit de rijke zegening van kinderen en kleinkinderen mogen ontvangen, en erger nog: hij had nooit een vrouw gehad om uit de grond van zijn hart van te kunnen houden. Het realiseren van dat laatste feit, deed hem tevens realiseren dat hij nog met zijn hoofd in de vrieskist hing, boven de Big American pizza&#039;s. De vegetarische variant was weer eens niet verkrijgbaar. En van al het mijmeren had hij nu ook nog een koude neus gekregen. Al snuitend in zijn katoenen zakdoek (die vrijdag maar weer eens in de was moest), trok Herman zijn koude hoofd terug uit het vriesvak, vast van plan om maar gauw naar de kassa te gaan en zich thuis dan maar te laven aan een warme kop koffie.&lt;br /&gt;
Aangekomen bij de kassa, terwijl hij de nodige tegenwoordigheid van geest terugkreeg, keek Herman - om te voorkomen dat hij later op de dag nog een keer terug moest voor eventuele vergeten boodschappen - nog even in zijn mandje: brood, jam en melk. Oh, nou was hij nog vergeten een pizza uit te zoeken. Stom! En zichzelf vervloekend liep hij zonder op of om te kijken terug naar het vriesvak, een plaats die natuulijk moeiteloos te bereiken zou zijn, ware het niet dat hij op zijn weg daar naartoe in botsing kwam met een vrouw in een roze jas. &amp;ldquo;Pardon,&amp;rdquo; mompelde Herman, maar de vrouw greep hem bij zijn armen en schreeuwde: &amp;ldquo;Ik hou van jou!&amp;rdquo; Herman, die absoluut niet wist wat hij met dergelijke woorden aan moest, stompte de vrouw in haar buik, waarop zij zelf reageerde met een knietje in Hermans tere kruis. &amp;ldquo;Verdomme, trut!&amp;rdquo; riep Herman, en hij duwde de vrouw op de grond. Zij trok hem echter mee in haar val, zodat ze beiden met een smak op de koude betegelde vloer terecht kwamen. Herman viel als laatste en kwam bovenop de vrouw terecht. De zwaartekracht was sterker dan de spieren in Hermans nek, waardoor zijn hoofd met een knal tegen dat van haar aan kwam. Lichtelijk van de kaart door dit natuurgeweld, kwam Herman langzaam weer bij krachten in een heerlijk zachte bos haar, donkerbruin en welriekend. De vrouw, van wie natuurlijk dit prachtige haar was, worstelde zich onder Herman vandaan en kroop bovenop hem, zodat de rollen nu omgedraaid waren. &amp;ldquo;H&amp;eacute;,&amp;rdquo; zei de vrouw. &amp;ldquo;H&amp;eacute;,&amp;rdquo; zei Herman. &amp;ldquo;Jij bent het!&amp;rdquo;&lt;br /&gt;
Plotseling werden al zijn vermoedens over deze merkwaardige vrouw die hij alleen van de straat kende, bevestigd. Haar schone, zoet geurende haar, de glanzend witte tanden, haar onbeschadigde lippen en veel te mooie kleding - zonder vlekken, puntgaaf. Alles werd hem nu duidelijk: deze vrouw is helemaal geen zwerver. &amp;ldquo;Ik hou ook van jou,&amp;rdquo; fluisterde Herman. &amp;ldquo;Voor altijd!&amp;rdquo; voegde hij er nadrukkelijk aan toe.&lt;br /&gt;
&amp;ldquo;Nee lieverd, voor zo lang als het duurt. De wereld bestaat niet zo lang meer, wist je dat niet?&amp;rdquo; &lt;/p&gt;</description>
  <pubDate>Sat, 22 Dec 2007 13:55:00 +0100</pubDate>
  <guid>http://www.matthiasnoback.nl/mijn-verhalen/een-niet-onaantrekkelijke-dakloze-jongedame</guid>
</item>      <item>
  <title>Bang voor wiskunde</title>
  <link>http://www.matthiasnoback.nl/mijn-verhalen/bang-voor-wiskunde</link>
  <description>&lt;p&gt;Veel mensen die ik ken zijn erg bang voor wiskunde. Een lange formule met veel wortels, exponenten en deelstrepen doet hen met de ogen knipperen en nog binnen dezelfde seconde concluderen ze: &amp;ldquo;Daar snap ik niks van, hoor!&amp;rdquo;&lt;br /&gt;
Zelf ben ik bijna nooit bang voor wiskunde. Dat komt doordat ik bijzonder plichtsgetrouw ben. Als ik een formule voorgeschoteld krijg en bijvoorbeeld de opdracht krijg om te berekenen waar de buigpunten in de grafiek zitten, dan ga ik braaf differenti&amp;euml;ren (en in het geval van buigpunten nog een keer differenti&amp;euml;ren) en stel ik de verkregen functie gelijk aan 0. De meeste wiskunde die ik tot nu toe heb meegemaakt is volledig mechanisch en daarom ook erg makkelijk, in die zin dat een computer of een rekenmachine het werk van mij zou kunnen overnemen, en het ook nog eens 1000 keer sneller kan doen&amp;hellip;&lt;br /&gt;
Naast het plezier dat mensen zoals ik uit deze vrij mechanische vorm van wiskunde halen (vrienden die mij n&amp;aacute; het college wiskunde spreken, kunnen dit bevestigen: ik word letterlijk &amp;ldquo;high&amp;rdquo; van al die sommetjes), valt er veel meer moois te beleven in Wiskunde Wonderland. Je hoeft maar een klein beetje na te denken en je komt al tot de meest bizarre inzichten. Enkele daarvan wil ik met jullie delen - als je ze zelf nog niet had gehad&amp;hellip;&lt;/p&gt;
&lt;p&gt;In de eerste plaats is het natuurlijk erg interessant om na te denken over wat getallen precies zijn. Staan zij voor bepaalde hoeveelheden in de wereld? In dat geval zou de hoeveelheid natuurlijke getallen (1, 2, 3, etc.) wellicht eindig zijn, want er is maar een beperkte hoeveelheid atomen in de wereld, dus getallen groter dan die hoeveelheid zouden dan nergens meer voor kunnen staan.&lt;br /&gt;
Zijn getallen dan onze eigen bedenksels? Hebben ze niks met de wereld te maken, maar bestaan ze alleen in onze gedachten? Ook dit lijkt niet helemaal te kloppen. Getallen lijken in een eigen wereld te bestaan, en zijn zeker niet aan fysische veranderingen in de hersenen onderhevig. Een voorbeeld is weer het bestaan van de natuurlijke getallen. Als dat eenmaal is aangenomen (of: als die eenmaal zijn bedacht), heeft dit al zo veel gevolgen, dat moeilijk kan worden geaccepteerd dat ze alleen in onze eigen gedachten bestaan. Niemand had bijvoorbeeld van tevoren kunnen bedenken dat puur uit het bestaan van de natuurlijke getallen ook het bestaan van priemgetallen zou volgen (zijnde getallen groter dan 1 die door geen enkele ander natuurlijk getal deelbaar zijn dan zichzelf en 1).&lt;br /&gt;
De vraag hoe getallen precies bestaan (wat hun &amp;ldquo;ontologische&amp;rdquo; status is) wil ik maar even negeren verder. Het staat namelijk andere mooie inzichten in de weg.&lt;br /&gt;
Zo valt er nog een heleboel te denken over de verschillende soorten getallen die er zijn. Laten we eerst in gedachten een getallenlijn voor ons nemen, zoals waar we vroeger op school ook mee hebben gewerkt. Een horizontale lijn met een 0 in het midden. Links van de 0 staat -1, -2, -3, etc. en rechts van de 0 staat 1, 2, 3, etc.&lt;br /&gt;
Per definitie zijn natuurlijke getallen alleen de positieve gehele getallen (en 0 wordt er maar bij genomen), maar deze getallenlijn geeft nu de gehele getallen inclusief de negatieve getallen weer. Het is duidelijk dat deze lijn zich in principe tot in de oneindigheid uit zou kunnen strekken. Elke keer als je een enorm getal zou noteren op de lijn (186.876.156.546 bijvoorbeeld), dan kun je er altijd 1 bij optellen, zodat je een n&amp;oacute;g groter getal hebt. Datzelfde geldt uiteraard voor de negatieve wederhelft. Je kunt noch een grootste, noch een kleinste getal verzinnen. De hoeveelheid gehele getallen, evenals de hoeveelheid natuurlijke getallen, is dus oneindig.&lt;br /&gt;
Maar laten we nu eens inzoomen op een klein gedeelte van onze getallenlijn. We nemen het stukje tussen 0 en 1. Wat zit hier in de getallenwereld nog tussen? Nou, verrassend veel: namelijk oneindig veel! Je had het misschien al verwacht, maar met elk natuurlijk getal dat je kunt maken (dus 2, 16, maar ook 145, 589, en 1576, etc.), kun je een breuk construeren. Namelijk door een 1 te noteren, vervolgens een breukstreep, en na de breukstreep elk natuurlijk getal dat je maar wilt. Dus bijvoorbeeld 1/2, 1/16, 1/145, etc. Nu ligt 1/2 precies tussen 0 en 1 in op onze getallenlijn, maar bij elk volgende natuurlijk getal na de breukstreep geldt: hoe groter dat getal, des te dichter ligt die breuk op de getallenlijn bij de 0. Maar stel dat je vanaf 1/2 terug wilt naar de 0, en je gaat op de beschreven manier te werk: eerst neem je 1/3, dan 1/4, dan 1/5, tot je aangekomen bent bij 1/768.563.143. Nog altijd ben je niet bij de 0 aangekomen! En ik kan je verklappen (je had het vast zelf ook al bedacht): dat gaat ook nooit gebeuren&amp;hellip;&lt;br /&gt;
Natuurlijk zijn er ook andere breuken te construeren. Feitelijk kun je zelfs elk willekeurig geheel getal boven en onder de breukstreek zetten (alleen 0 mag niet &amp;oacute;nder de breukstreep staan!). Zo heb je 2/3 en 5/7, maar ook 22/5 en -6/1 en 0/34. Het leuke is nu dat je alle gehele getallen ook kunt construeren met behulp van deze breuken: 2/2 is gewoon 1, 9/3 is 3, etc. Wat kunnen we hieruit concluderen? Dat alle gehele getallen besloten liggen in de verzameling rationale getallen (dat wil zeggen: alle breuken). Als je hier even over nadenkt kun je al bijna helemaal gek worden, want omdat we net gezien hebben dat er tussen twee willekeurige gehele getallen oneindig veel breuken liggen, en we al wisten dat er ook oneindig veel gehele getallen zijn, zouden we willen concluderen dat er oneindig veel m&amp;eacute;&amp;eacute;r breuken zijn dan gehele getallen (alleen tussen 0 en 1 liggen al oneindig veel breuken, laat staan tussen 0 en 1000). Echter, van breuken zowel als natuurlijke getallen zijn er oneindig veel, dus wat maakt dat nu nog uit? Hooguit kunnen we zeggen dat de gehele getallen dunner bezaaid zijn dan de rationale getallen. Maar kun je dat eigenlijk wel zeggen?&lt;br /&gt;
Het wordt echter nog veel gekker, want wat blijkt? Als je tussen bijvoorbeeld 0 en 1 van breuk naar huppelt op de getallenlijn, dan sla je steeds een stukje ruimte over. De gehele getallen mogen dan dun bezaaid zijn, de breuken zijn dat feitelijk ook! Want niet elke hoeveelheid kan worden uitgedrukt in een breuk. Neem de beroemde &amp;ldquo;wortel van 2&amp;rdquo;. Dit is wat je noemt een irrationaal getal, en die valt niet uit te drukken in een breuk. W&amp;eacute;l in een oneindig lange reeks decimalen (dus je kunt op papier alleen maar een benadering geven: 1,41421&amp;hellip;). Ga nu tussen twee breuken in staan op de getallenlijn en je vindt nog oneindig veel van deze irrationale getallen die tussen die twee breuken in liggen.&lt;br /&gt;
De rationale en irrationale getallen worden samen de re&amp;euml;le getallen genoemd. De verzameling van re&amp;euml;le getallen bestaat dus uit alle getallen die op de getallenlijn te vinden zijn. En je raadt het al: het zijn er oneindig veel! Maar vergeleken met de genoemde decimale getallen zijn de breuken weer erg dun bezaaid. Je zou dus zeggen dat er veel m&amp;eacute;&amp;eacute;r irrationale getallen zijn dan rationale getallen&amp;hellip;&lt;/p&gt;
&lt;p&gt;Deze inleiding getallenleer is natuurlijk verre van volledig, maar het geeft aan welke enorme vergezichten zich soms ontvouwen als je je bezighoudt met wiskunde. Is het niet verbazingwekkend hoeveel zich nog bevindt tussen die twee natuurlijke getallen 0 en 1 waar we mee begonnen? En zou het niet vreselijk zijn om bij 0 te moeten beginnen en met de kleinst mogelijke stapjes naar 1 te lopen? Je zou er nooit komen, z&amp;oacute; veel getallen kom je nog tegen op je reis! Het is werkelijk een wonder dat je ondanks dit alles nog gewoon grafiekjes kunt tekenen en sommetjes kunt maken. Ook je grafische rekenmachine doet alsof zijn neus bloedt. Hij trekt zich niks aan van de oneindige hoeveelheid getallen tussen 0 en 1, maar heeft met 3 pixels op zijn schermpje die afstand al overbrugd! &lt;/p&gt;</description>
  <pubDate>Fri, 21 Dec 2007 11:10:00 +0100</pubDate>
  <guid>http://www.matthiasnoback.nl/mijn-verhalen/bang-voor-wiskunde</guid>
</item>      <item>
  <title>Kutsupermarkt</title>
  <link>http://www.matthiasnoback.nl/mijn-verhalen/kutsupermarkt</link>
  <description>&lt;p&gt;Op &amp;eacute;&amp;eacute;n van die druilerige dagen van deze maand stond ik weer eens gezellig mijn boodschapjes te doen bij onze plaatselijke supermarkt. Voor mij in de rij nog vijf mensen met karretjes tot de rand toe gevuld met verzadigde vetten, geraffineerde suikers en andere buikomvang bevorderende artikelen. Sommige van deze boodschappers hadden ook hun kinderen meegebracht, waarbij aan de vetrandjes om hun kinnen goed te zien was dat een aanzienlijk deel van de door vader of moeder (ouders zie je zelfden samen boodschappen doen) gekochte artikelen voor hen bestemd was.&lt;br /&gt;
Achter mij in de rij inmiddels een nog veel groter aantal klanten die schuifelend met hun voeten en turend in hun mandje ongeduldig stonden te wachten tot zij eindelijk hun uitgekozen producten mochten afrekenen. Het personeel van de supermarkt gaat dan ook met dit zogenaamde afrekenen om alsof het een eer is om het te mogen doen: er moet lang voor worden gewacht en dik voor worden betaald. En je moet ook nog vriendelijk doen tegen het personeel, alsof het een gunst van ze is dat je bij hen in de rij hebt mogen staan.&lt;br /&gt;
Jammer genoeg wezen alle symptomen van de situatie op de aanwezigheid van een zogenaamde prutscaissi&amp;egrave;re. Ten eerste betrof het een jongen (&amp;ldquo;cassier&amp;rdquo;?). Jongens zijn niet goed in het beroep van caissi&amp;egrave;re. Ze hebben er niet het hoofd voor: ze hebben geen overzicht over de situatie en als er iets mis gaat (product niet goed gewogen, PLU code niet geaccepteerd), kunnen ze daar niet overheen stappen maar willen ze het tot op de bodem uitgezocht hebben. Vrouwen achter de kassa zijn in dit soort situaties een stuk handiger. Zij roepen met een alle stress van het moment verhullende stem via de intercom hun chef op, die - wanneer hij eenmaal is gearriveerd - tevergeefs de moeite blijkt te hebben genomen, omdat de slimme jongedame het probleem in de tussentijd zelf al heeft kunnen oplossen. Tevens is zij ook altijd uitermate vriendelijk naar het publiek dat alles vanuit de rij op een afstandje korzelig met elkaar bespreekt, zodat na een klein grapje van haar kant het humeur in de wachtrij als snel weer terugkeert naar een acceptabel peil.&lt;br /&gt;
Helaas hadden wij vandaag dus te maken met een jongen achter de kassa. Echter niet zo maar een jongen, nee, het was iemand die uitgerekend op de bewuste dag voor het eerst moest werken. Hij had natuurlijk een training gehad, maar alles ging alsnog mis. De code van de broccoli werd niet opgepikt, hij hield zijn arm op de weegplaat zodat er een te groot bedrag moest worden betaald, er werden twee pizza&amp;rsquo;s aangeslagen in plaats van &amp;eacute;&amp;eacute;n, het pinnen moest bij elke klant opnieuw en wanneer de jongen bij zijn collega&amp;rsquo;s om hulp moest vragen, lukte dat niet per telefoon (want die was stuk!), maar moest er iemand &amp;ldquo;met de mond&amp;rdquo; geroepen worden. De mensen in de rij werden hierbij frequent ingeschakeld als doorgever van het hulpsignaal. Hoewel men zou verwachten dat dit enige verbroedering teweeg zou brengen - we zaten immers allemaal in hetzelfde schuitje en zagen er de lol zogenaamd wel van in - werd de situatie helaas alleen maar vervelender door al die akkefietjes bij elkaar. Toen iedereen weer met half hangend hoofd en een hevige frons naar de tegels ging staren om met behulp van zijn eigen gedachten de tijd maar zo snel mogelijk voorbij te laten gaan, hoorde ik vanuit het einde van de rij enig rumoer. Wat in eerste instantie binnensmonds gemompel was, werd na enige concentratie mijnerzijds herkenbaar als een verzameling redelijk samenhangende zinnen. De man sprak - en hier volgt een letterlijk citaat: &amp;ldquo;Godverdomme, kutwinkel! Moet ik godverdomme weer in de rij staan wachten. Op welk tijdstip je ook komt, altijd moet je wachten hier!&amp;rdquo; En naar onze gewaarde &lt;em&gt;cassier&lt;/em&gt; riep hij: &amp;ldquo;Sukkel!&amp;rdquo;&lt;/p&gt;
&lt;p&gt;Het meest fascinerende van de hele situatie was dat niemand er eigenlijk van opkeek. Men ging gewoon door met het in stand houden van de pose die men een kwartier geleden had aangenomen. Wellicht dat de mensen de man beoordeelden als een gevaarlijke gek. &amp;ldquo;Reageer maar niet, straks bezorgt hij me nog een blauw oog,&amp;rdquo; werd er driftig gedacht. Maar dat verklaart niet waarom toch langzamerhand de sfeer in de rij voelbaar beter werd. Deze man had nu eens precies gezegd wat iedereen stiekem al die tijd al had gedacht. Wat heerlijk bevrijdend eigenlijk! Fascinerend genoeg bracht de meer optimistische stemming ook een zeker schuldgevoel in mij teweeg: was ik ook zo iemand die zulke dingen alleen maar in zichzelf dacht en nooit hardop zei? Wat zal ik het dan toch moeilijk hebben met al die opgekropte boosheid in mij!&lt;/p&gt;
&lt;p&gt;Onderweg naar huis maakte ik op de fiets toevallig genoeg nog een mooi voorbeeld mee van iemand die ook zijn woede niet bedwong maar deze zonder schaamte rustig durfde te botvieren op de bron van het kwaad, in dit geval mijzelf. Al dromend over tegen wie ik allemaal eens flink zou uitvallen in de komende week, fietste ik namelijk op een kruispunt af, die op datzelfde moment werd genaderd door een fietser die van rechts kwam en dus vanzelfsprekend voorrang had. Volledig in gedachten verzonken fietste ik stug door, maar de man ook en dus kwam het bijna tot een botsing. De half kale en tevens grijzende man moest keihard op de rem, wat gepaard ging met het nodige gepiep en geknars. Nog altijd niet helemaal terug op aarde zei ik nog gauw - maar met vlakke stem: &amp;ldquo;Pardon.&amp;rdquo; Niettemin was de woede van de kale man dusdanig groot dat hij mij, terwijl wij beiden ons pad vervolgden, nog hartelijk en welgemeend nariep: &amp;ldquo;Klootzak! Eikel! Aso!&amp;rdquo;&lt;/p&gt;
&lt;p&gt;Daar was ik nu echt eens aan toe. Ik denk dat ik vanaf nu een stuk beter met mijn emoties om zal kunnen gaan, met deze twee heerlijke mannen als lichtend voorbeeld.&lt;/p&gt;</description>
  <pubDate>Sat, 08 Dec 2007 20:08:00 +0100</pubDate>
  <guid>http://www.matthiasnoback.nl/mijn-verhalen/kutsupermarkt</guid>
</item>      <item>
  <title>Alien op bezoek</title>
  <link>http://www.matthiasnoback.nl/mijn-verhalen/alien-op-bezoek</link>
  <description>&lt;p&gt;&lt;a href=&quot;http://www.matthiasnoback.nl/userfiles/image/alien-groot.jpg&quot; target=&quot;_blank&quot;&gt;&lt;img width=&quot;330&quot; height=&quot;298&quot; align=&quot;right&quot; alt=&quot;Alien inspecteert Senseo apparaat&quot; src=&quot;http://www.matthiasnoback.nl/userfiles/image/alien.jpg&quot; /&gt;&lt;/a&gt;Zojuist zette ik een kopje koffie en moest ik plotseling weer denken aan het nieuws van afgelopen zomer dat meer dan 35% van de Nederlandse vakantiegangers zijn Senseo apparaat meeneemt op vakantie. En natuurlijk aan de meer recente berichten over demonstraties van middelbare scholieren, over vertraging op de weg en nog vrij recent het blije nieuws dat Kelly zijn/haar depressie heeft overwonnen.&lt;br /&gt;
En ik dacht: wat zou nu een buitenaardse bezoeker van al deze zaken vinden? Ik weet het, misschien vind je dat deze vraag geen antwoord behoeft, want tot nu toe heeft zich nog geen enkel buitenaards leven aan ons bekend gemaakt. Maar laten we de feiten onder ogen zien: het voor ons zichtbare deel van het universum heeft een diameter van 92,94 miljard lichtjaren (hoe gruwelijk groot het universum in zijn geheel is, is niet met zekerheid te zeggen). Er zijn meer dan 100 miljard melkwegstelsels in het universum, met in elk van die stelsels honderden miljarden sterren, met natuurlijk verschrikkelijk veel planeten die om die sterren heen cirkelen. Het is zeker niet ondenkbaar dat op een dag inderdaad een buitenaards wezen onze planeet komt onderzoeken - zoals Richard Dawkins schrijft: mogelijk de alien-variant van onze eigen Darwin, die onderzoek komt doen naar de diversiteit van de populatie op aarde en wil weten hoe het leven op deze planeet zich heeft ontwikkeld.&lt;br /&gt;
Als er ooit een alien op aarde belandt, dan zal hij zich uiteraard een kriek lachen om al die onzin waar iedereen zich hier druk om maakt. Komt nu deze alien bij jou persoonlijk op bezoek, dan zijn er een aantal richtlijnen die je meteen en gedurende het gehele bezoek in acht moet nemen.&lt;br /&gt;
Onder geen beding mag de alien zien dat je in je vrije tijd filatelist bent - de futiliteit van een dergelijke hobby zal hem doen uitbarsten in een jammerklacht. Hij zal betreuren dat hij ooit de moeite heeft genomen om naar de aarde af te reizen. Zwijg ook over andere liefhebberijen, zoals paardrijden, jazzballet of kantklossen.&lt;br /&gt;
Datzelfde geldt natuurlijk voor je geloof. Onderdruk elke drang tot het doen van een religieuze uiting. Al is religie iets van alle plaatsen en tijden op aarde: op een kosmische schaal is het zeker iets dat op de lange duur geen bestaansrecht meer heeft (en natuurlijk ook &amp;eacute;indeloos lang niet heeft bestaan!). Genoeg inzicht in de werking van de dingen maakt de vraag naar het bestaan van een godheid volkomen overbodig. Wens de alien die bij jou op bezoek is dus niet de zegen toe van de godheid die op dat moment in de mode is, maar heet hem gewoonweg welkom in jouw woning.&lt;br /&gt;
Kleed je verder niet al te uitbundig aan. Probeer ook zeker het onderwerp &amp;ldquo;kleding&amp;rdquo; of &amp;ldquo;schoenen&amp;rdquo; ernstig te vermijden. Dergelijke zaken dienen voor een ruimtereiziger slechts als kostelijk vermaak, maar het is waarschijnlijk niet jouw bedoeling om een flater te slaan ten overstaan van zo&amp;rsquo;n bijzondere gast.&lt;br /&gt;
Schenk ook nooit een alcoholische drank in voor de alien. Ten eerste is het natuurlijk de vraag of hij tegen het giftige spul kan, maar als het de alien duidelijk wordt dat aardbewoners hun eigen lichaam kapot maken ten gunste van een korte tijd een verhoogde mate van genot, dan zou hij wel eens met versnelde pas verontwaardigd terug kunnen lopen naar zijn ruimtevaartuig.&lt;br /&gt;
Als al deze maatregelen in acht zijn genomen, is het nog altijd zeer goed mogelijk dat de alien zacht gniffelt bij de eerste aanblik die hij heeft van jou en je nederige stulpje. Maar deze situatie zal in veel gevallen - zeker in combinatie met de hyperspacejetlag van de betreffende alien waardoor hij zijn emoties tijdelijk minder goed kan bedwingen - toch uitmonden in een onbedaarlijke schaterlach van de onverwachte gast. Zo veel verder dan jij is hij reeds ontwikkeld! Je kunt hem deze uitbundige lach niet kwalijk nemen. Jij zou hetzelfde doen&amp;hellip;&lt;br /&gt;
Haal terwijl de alien nog over de grond rolt van het lachen alle boeken over biologie, natuurkunde, wiskunde en scheikunde die je maar bezit uit de kast. Als hij is opgehouden met schuddebuiken, zal hij het mateloos interessant vinden om te zien wat je allemaal al weet van de wereld en het zal een kleine moeite voor hem zijn om je kennis over het universum aan te vullen met enkele in zijn ogen onbelangrijke, maar voor jou wereldschokkende inzichten in de aard der dingen.&lt;/p&gt;
&lt;p&gt;Met mijn kopje koffie in de hand stond ik dus datzelfde moment nog een handleiding te bedenken voor de eerste ontmoeting met een alien. Feitelijk dus voor een gebeurtenis die wij misschien nooit zullen meemaken. Want eerlijk is eerlijk: zoveel interessante dingen doen wij niet op deze planeet, zeker niet vanuit het perspectief van een buitenaards, ruimtereizend - en dus vele malen slimmer - wezen. De kans dat aliens bestaan is bijzonder groot, de kans dat zij in ons ge&amp;iuml;nteresseerd zouden zijn is eindeloos klein. Tenzij het de aliens alleen te doen is om triviale feitjes zoals welke hobbies de mens-apen er op na houden, of hoe vaak zij zich wassen. Voor de alien-variant van onze eigen antropologen kan dit erg interessant zijn. Voor een interplanetaire kennisuitwisseling zijn dit soort feitjes volledig irrelevant.&lt;br /&gt;
Dat we ons interesseren in het wel en wee van Gerard Joling en Ren&amp;eacute; Froger, dat we ons &amp;uuml;berhaupt bekommeren om onze voortuin, dat we honderden euro&amp;rsquo;s uitgeven aan glimmende schoenen of dat we als recordpoging miljoenen dominosteentjes omduwen op &amp;eacute;&amp;eacute;n avond en dat er mensen zijn die erom huilen als dat niet is gelukt, maar vooral ook dat er een speciale handleiding voor moslim-ruimtevaarders is geschreven om vanuit een baan om de aarde te kunnen bepalen waar Mekka ligt - dit alles drukt mij nog dagelijks met mijn neus op het feit hoe weinig wij ons eigen leven in perspectief kunnen plaatsen.&lt;/p&gt;</description>
  <pubDate>Fri, 30 Nov 2007 10:54:00 +0100</pubDate>
  <guid>http://www.matthiasnoback.nl/mijn-verhalen/alien-op-bezoek</guid>
</item>      <item>
  <title>Het einde van de wetenschap is in zicht</title>
  <link>http://www.matthiasnoback.nl/mijn-verhalen/het-einde-van-de-wetenschap-is-in-zicht</link>
  <description>&lt;p&gt;De &amp;ldquo;natuurwetenschap&amp;rdquo; laat zich altijd van zijn beste kant zien wanneer het gaat om hele grote dingen: het universum op grotere schaal gedraagt zich volgens enkele relatief eenvoudige formules, die al jaren lang bekend zijn. Dat is heel prettig, want als je een peperdure missie organiseert naar Mars, wil je wel met grote nauwkeurigheid de baan van Mars kunnen berekenen en de precieze plek kunnen voorspellen waar Mars zich op de geplande dag van aankomst zal bevinden.&lt;br /&gt;
Niet alleen de grootschaligheid van objecten is in het voordeel van de wetenschap, maar ook de algemeenheid en wetmatigheid van die dingen. Zo kan men alleen op wetenschappelijke wijze een correlatie aanwijzen tussen fanatiek roken en en het ontwikkelen van longkanker als dit ook daadwerkelijk bij veel mensen samen gaat. En natuurlijk moet ook worden gekeken of dat niet toevallig is, onder andere door te kijken of mensen die niet roken ook niet net zo vaak longkanker krijgen als de rokers.&lt;br /&gt;
Ten grondslag aan dit soort wetenschappelijk onderzoek ligt als het goed is een hypothese aangaande een bepaald verschijnsel. Deze hypothese grijpt men niet zomaar uit de lucht, maar wordt opgesteld op basis van een bepaalde logische gedachtegang. Bijvoorbeeld: roken tast de longen aantoonbaar aan, dus waarom is het niet ook meteen oorzaak van longkanker? &amp;ldquo;Heel aannemelijk,&amp;rdquo; zo zeggen de wetenschappers dan tegen elkaar en zij beginnen met hun onderzoek&amp;hellip;&lt;/p&gt;
&lt;p&gt;Hoe ver men ook is gekomen met deze manier van wetenschap bedrijven, iets zegt mij dat daar een einde aan zal komen en dat er op een zeker moment ook ruimte moet worden gemaakt voor een minder &amp;ldquo;logische&amp;rdquo; wetenschap. Sommige dingen zijn nu eenmaal van zichzelf niet erg logisch of er is geen steekhoudende, voor de hand liggende verklaring voor te vinden. Daar komt bij dat de dingen zich op grote schaal dan wel wetmatig gedragen (iedereen gaat dood), maar op kleine schaal niet (de &amp;eacute;&amp;eacute;n gaat dood aan longkanker, de ander aan een hartkwaal).&lt;/p&gt;
&lt;p&gt;Het is dus niet ondenkbaar dat niet &amp;aacute;lles zich laat voorspellen op de normale wetenschappelijke manier. Als je maar lang genoeg doorgaat, dan kom je volgens mij vanzelf dingen tegen die niet meer op die manier zijn te verklaren. Dat is dan het moment waarop de &amp;ldquo;irrationele wetenschap&amp;rdquo; in het leven zal moeten worden geroepen. Dit zou een wetenschap zijn die extreem wilde gokken doet om verklaringen te vinden voor bepaalde onbegrepen en onbegrijpelijke zaken. Het hierboven aangehaalde voorbeeld over sterven vraagt wellicht om een dergelijke irrationele benadering. Een eerste, vrij goede gok naar mijn inschatting, zou kunnen zijn dat de natuurlijke doodsoorzaak wordt bepaald door de lichaamshouding waarin men in de eerste levensjaren het meest heeft gelegen. Een terugkerende neiging naar het slapen in foetushouding heeft dan bijvoorbeeld een hartaanval op latere leeftijd als gevolg. Voortdurend plat op de rug liggen levert een nieraandoening op en onrustig slapen en de hele tijd heen en weer wiebelen in de wieg staat garant voor een heuse leveraandoening.&lt;br /&gt;
Tevens zou het vraagstuk &amp;ldquo;Wanneer zal ik sterven?&amp;rdquo; wellicht opgelost kunnen worden door bij te houden hoe vaak men zich achter het oor krabt. Het is zeer wel mogelijk dat het lichaam hiervoor een intern telmechanisme heeft ontwikkeld, dat een levensbe&amp;euml;indigend hormoon vrij laat komen indien een zeker aantal krab-bewegingen achter het oor heeft plaatsgevonden.&lt;br /&gt;
Nu heb ik het dus over zaken die op langere termijn spelen, maar er zijn ook talloze korte termijnproblemen die deze irrationele wetenschap misschien kan oplossen. Hoe wilder de hypotheses, des te beter. Neem nu bijvoorbeeld het te laat arriveren van de bus: mogelijkerwijs moet de verklaring niet gezocht worden in zaken als het tijdstip waarop de buschauffeur is vertrokken vanaf het beginpunt, het aantal mensen dat in de tussentijd is ingestapt of de drukte op de weg, maar simpelweg of de chauffeur al of niet een grote boodschap heeft gedaan op de betreffende dag. De energie impuls die dat meestal geeft - en de suspensie van energie die het te lang hiermee wachten vaak met zich meebrengt - kan zeer goed als verklaring dienen voor de fluctuerende aankomsttijden.&lt;br /&gt;
Verder schreeuwt een alledaags probleem als het vastlopen van de computer ook om een nieuwe uitleg. Immers: de ene keer treedt een fatala fout op wanneer men poogt om een eenvoudig plaatje in te voegen en op een andere dag is er bij exact dezelfde handeling niks aan de hand! Mogelijk is de verklaring hiervoor dus ook niet lokaal aan te wijzen, maar moet die op een grotere afstand van het apparaat gezocht worden. Zo kan er misschien een direct verband worden aangewezen tussen het optreden van dit soort bizarre fouten en de zich almaar ophopende stapel afwas bij de buren. De lezer zou voor de gein eens moeten navragen hoe groot de afwas is bij de buurman of buurvrouw, wanneer zijn computer weer eens kuren vertoont. Het is immers nog niet zo&amp;rsquo;n heel gek idee en als eenmaal de waarheid ervan is ingezien, valt er goud geld mee te verdienen. &amp;ldquo;De oplossing voor &amp;aacute;l uw computerproblemen: doe de afwas van de buren!&amp;rdquo;&lt;br /&gt;
Ik hoop dat ik u hiermee voldoende heb ingewijd in deze nieuwe, irrationele wetenschap. Ten slotte stuur ik u dan de wereld in met de opdracht om eens goed om u heen te kijken en op de hierboven geschetste manier een irrationele verklaring te vinden voor al die irrationele zaken om u heen. U kunt dan bijvoorbeeld denken aan: het aantal gratis krantjes dat met zijn kop naar onderen dan wel met zijn kop naar boven in de trein ligt of de rekening in de pizzeria waar nooit iets van klopt. Ook zou u enkele gedachten kunnen spenderen aan dat ene liedje dat u zelf niet kent maar dat toch de hele dag door uw hoofd zeurt of bijvoorbeeld aan kaarsen die wel of niet druppen. Hoe zit dat nou eigenlijk?! &lt;/p&gt;</description>
  <pubDate>Fri, 23 Nov 2007 22:54:00 +0100</pubDate>
  <guid>http://www.matthiasnoback.nl/mijn-verhalen/het-einde-van-de-wetenschap-is-in-zicht</guid>
</item>      <item>
  <title>Sjielug boompje</title>
  <link>http://www.matthiasnoback.nl/mijn-verhalen/sjielug-boompje</link>
  <description>&lt;p&gt;&lt;a href=&quot;http://www.matthiasnoback.nl/userfiles/image/sjielug-boompje-groot.jpg&quot; target=&quot;_blank&quot;&gt;&lt;img width=&quot;330&quot; height=&quot;234&quot; align=&quot;right&quot; src=&quot;http://www.matthiasnoback.nl/userfiles/image/sjielug-boompje.jpg&quot; alt=&quot;&quot; /&gt;&lt;/a&gt;Nadat ik afgelopen week had geschreven en dus ook veel had nagedacht over alle zielige dingen die je dagelijks om je heen ziet, besloot ik toen ik daar vanochtend de kans voor kreeg ook zelf eens wat te doen aan de erbarmelijke omstandigheden waarin sommige dingen hun leven doorbrengen. Tijdens mijn fietstocht naar de Uithof viel namelijk mijn oog op een boompje dat scheef boven het fietspad hing. Zo&amp;rsquo;n boompje hoort natuurlijk recht te staan, maar waarschijnlijk had &amp;eacute;&amp;eacute;n of andere lomperik er met z&amp;rsquo;n busje of vrachtwegen tegenaan gereden. Mogelijk zelfs met een dronken kop, want zoiets doe je niet als je helder van geest bent. Door de klap die het boompje kennelijk had moeten incasseren, waren zijn wortels losgetrokken uit de grond. Stevig als ze zijn, hadden ze natuurlijk niet losgelaten, maar hadden ze een grote klomp aarde meegesleept uit de grond. Nu stond het arme boompje dus met zijn voetjes helemaal in de kou. En het was aan de frisse kant vanochtend! Door de straffe wind die er stond, was het onschuldige boompje behoorlijk aan het rillen, langs de kant van het fietspad waar iedereen zonder blikken of blozen aan deze zielige eenling voorbij reed. Van vermoeidheid - het incident had zich vast in de voorgaande nacht al voorgedaan - leek het boompje al bijna om te vallen. Midden op het fietspad! Dat mocht natuurlijk niet gebeuren&amp;hellip; Dus omwille van de veiligheid van de mensen in het verkeer en natuurlijk om het boompje weer overeind te helpen, belde ik met de gemeente, zodat ze hopelijk snel hulptroepen zouden sturen om aan deze vervelende situatie een einde te maken.&lt;/p&gt;
&lt;p&gt;Enkele uren later, toen mijn college was afgelopen, fietste ik - benieuwd naar de stand van zaken - snel terug naar de plaats des onheils, om te kijken of het probleem al verholpen was. Vanaf een kleine afstand zag ik al dat er een enorm gevaarte langs de weg stond, met een hoop oranje pionnetjes en zwaailichten er omheen en er waren wel vijf mannen aan het werk. Goed om dat te zien! Ondanks dat het maar een boompje was, werden er toch kosten noch moeite gespaard voor zijn welzijn.&lt;br /&gt;
Maar terwijl ik dichterbij fietste sloeg mijn hart een slag over. Daar, langs de kant van het fietspad, lag dat lieve boompje: helemaal in mootjes gehakt! Men had kennelijk gedacht: boompje half omgevallen? Nou, dan duwen we het maar helemaal om. En nu maakten ze hem ook nog klaar voor de houtversnipperaar.&lt;br /&gt;
De mannen die net nog zulke goede arbeiders leken, werden in mijn ogen ware duivels. Hun baarden en snorren leken in vlam te staan. Van onder hun zware wenkbrauwen keken ze mij met hun felgroene ogen aan - ze zagen welk een groot verdriet ze mij hadden aangedaan door het tere, onschuldige boompje op brute wijze te vermoorden. En terwijl ze de tranen in mijn ogen zagen opwellen lachten ze wreed en keken ze elkaar genoegzaam aan - tevreden over hun misselijkmakende daad en vast van plan zoiets nog eens vaker te doen&amp;hellip;&lt;/p&gt;
&lt;p&gt;Even later toen ik boodschappen ging doen bleken er ook nog eens geen sesamcrackers meer te zijn - mijn lievelings! - dus je begrijpt, ik had een vreselijke dag vandaag.&lt;/p&gt;</description>
  <pubDate>Fri, 16 Nov 2007 17:22:00 +0100</pubDate>
  <guid>http://www.matthiasnoback.nl/mijn-verhalen/sjielug-boompje</guid>
</item>      <item>
  <title>Dingen die zielig zijn</title>
  <link>http://www.matthiasnoback.nl/mijn-verhalen/dingen-die-zielig-zijn</link>
  <description>&lt;p&gt;Eenzame kranten, achtergelaten in het OV, alwaar ze blijven liggen in het bagagerek of onder de stoel. Niemand die nog aan ze denkt!&lt;/p&gt;
&lt;p&gt;Een frisdrankblikje waar een agressieve puber op heeft gestampt. Nu ligt hij met beide uiteinden omhoog opgekrummeld in de lucht en zijn buik is helemaal plat.&lt;/p&gt;
&lt;p&gt;De vele onschuldige fietsen die door kwaadwillenden in de gracht zijn beland en nu liggen te bibberen op de bodem.&lt;/p&gt;
&lt;p&gt;De losse eurocenten die zijn verstopt in de uithoeken van alle Europese portemonnees. Niemand gebruikt ze meer omdat ze zo onhandig zijn. Ondertussen vervelen ze zich stierlijk.&lt;/p&gt;
&lt;p&gt;De pitjes in de vogelpoep op de autoruit. Gedurende de hele rit betreur ik hun lijdensweg. De enorme overwinning die het kost om heelhuids door het spijsverteringsproces van de vogel in kwestie te komen, wordt beloond met een wekenlang verblijf op die koude autoruit, te midden van zo&amp;rsquo;n vieze stinkende vogelflats.&lt;/p&gt;
&lt;p&gt;&lt;br /&gt;
&lt;img width=&quot;261&quot; height=&quot;400&quot; align=&quot;right&quot; alt=&quot;Waterpeil&quot; src=&quot;http://www.matthiasnoback.nl/userfiles/image/waterpeil.jpg&quot; /&gt;Mijn gedachten gaan verder uit naar:&lt;/p&gt;
&lt;p&gt;Een stukje papier dat achteloos op straat is gegooid en door de harde wind na veel omzwervingen over straten en stoepen uiteindelijk treurig ligt te weken in een modderpoel.&lt;/p&gt;
&lt;p&gt;Het vergeten boek dat, hoewel het best interessante dingen te melden heeft, toch is beland achter de eerste rij boeken, die er een stuk interessanter uit zien.&lt;/p&gt;
&lt;p&gt;De paaltjes langs de grachten die het waterpeil aangeven en die op regenachtige dagen bijna helemaal kopje onder gaan. En niemand die zich zorgen om ze maakt!&lt;/p&gt;
&lt;p&gt;Een verkeersbord dat zijn hele leven fier overeind heeft gestaan, tot op zekere dag een vrachtwagen hem omver heeft geduwd bij het achteruit rijden. Niemand denkt er ook maar aan om hem weer even rechtop te zetten.&lt;/p&gt;
&lt;p&gt;Al die in de duistere oudpapierbak achtergelaten A4-tjes die aan &amp;eacute;&amp;eacute;n kant nog onbevlekt en onbeschreven zijn, en toch nu al worden afgedankt.&lt;/p&gt;
&lt;p&gt;Al die laatste boterhammen in boterhamzakken die men niet opeet, hoewel ze nog best smakelijk zijn, als ze in de magnetron worden opgewarmd of wanneer ze worden geroosterd in het broodrooster dat men overigens ook al nauwelijks meer gebruikt.&lt;/p&gt;</description>
  <pubDate>Sat, 10 Nov 2007 17:24:00 +0100</pubDate>
  <guid>http://www.matthiasnoback.nl/mijn-verhalen/dingen-die-zielig-zijn</guid>
</item>      <item>
  <title>Meisjes op paarden</title>
  <link>http://www.matthiasnoback.nl/mijn-verhalen/meisjes-op-paarden</link>
  <description>&lt;p&gt;&lt;a href=&quot;http://www.matthiasnoback.nl/userfiles/image/meisje-op-paard-groot.jpg&quot; target=&quot;_blank&quot;&gt;&lt;img width=&quot;330&quot; height=&quot;267&quot; align=&quot;right&quot; alt=&quot;&quot; src=&quot;http://www.matthiasnoback.nl/userfiles/image/meisje-op-paard.jpg&quot; /&gt;&lt;/a&gt;Laat ik voorop stellen: er zijn weinig dingen die ik echt haat, weinig dingen die ik veracht, waar ik een hekel aan heb of die ik vanuit de grond van mijn hart zou willen verbannen uit deze wereld. En de meeste dingen waarvoor dit alles wel geldt, zijn nu ook weer niet objectief slecht te noemen. Zo kan ik het niet uitstaan dat mensen om een bonnetje vragen bij de pinautomaat, hiervoor zelfs expliciet op &amp;ldquo;ja&amp;rdquo; drukken, maar het briefje, wanneer het plichtsgetrouw uit de machine is komen rollen, achteloos op de grond gooien - alsof het niets is. Verder vraag ik me ook af hoe sommige mensen het in hun hoofd halen om hun schoenen met vieze troep aan de onderkant op de busbank ten ruste te leggen. En natuurlijk is het ook bijzonder ergerlijk dat iedereen zijn vuilniszakken torenhoog opstapelt op het balkon, zodat muizen zich flink te buiten kunnen gaan aan al dat rottende lekkers.&lt;br /&gt;
Maar goed, dat zijn allemaal zaken waarover men nog van mening kan verschillen. &amp;ldquo;Zo erg is dat toch niet,&amp;rdquo; krijg ik altijd te horen als ik dit soort dingen ter sprake breng in gezelschap. En vooral: &amp;ldquo;Richt je nou maar op belangrijker zaken! In het licht der eeuwigheid zijn vuilniszakken en bonnetjes nu niet meteen de belangrijkste dingen, h&amp;egrave;?&amp;rdquo;&lt;br /&gt;
Goed, kennelijk zijn alle meningen die ik over dit soort kwesties heb tamelijk subjectief te noemen. Maar als men dat tegen mij inbrengt, noem ik altijd dat ene geval van iets, waarvan objectief vaststaat dat het gruwelijk is. Als ik het zie, krijg ik de spontane en zeer urgente neiging een einde te maken aan mijn leven, en indien dit niet tot de mogelijkheden behoort, mijn ogen uit te steken of misschien zelfs voor de zekerheid maar mijn hoofd af te hakken. Omdat dit er op zo&amp;rsquo;n moment bijna nooit van komt, is meestal de enige mogelijke reactie nog om het uit alle macht te negeren. De andere kant op kijken helpt vaak wel, maar in de meeste gevallen moet de aandacht wel bewaard blijven in verband met het overige verkeer. Helemaal de ogen sluiten gaat dus niet, en wanneer dan per ongeluk mijn ogen toch nog vallen op dat ene object waar mijn lichaam heel hard &amp;ldquo;nee&amp;rdquo; tegen zegt, dan krijg ik alsnog braakneigingen.&lt;/p&gt;
&lt;p&gt;U zult zich hoogstwaarschijnlijk in het bovenstaande zeer goed hebben kunnen herkennen. Het was immers duidelijk dat ik hier schrijf over het enige, onuitsprekelijk verschrikkelijke vervoersmiddel dat er maar bestaat, dat in zijn eentje een heel straatbeeld kan ontsieren, en dat het werkelijk verdient om &amp;agrave; la minute in heel Nederland te worden verboden, namelijk: een meisje op een paard.&lt;/p&gt;
&lt;p&gt;Werkelijk, een paard alleen al is lelijker dan de meest wanstaltige cycloop, heks en trol bij elkaar. Niet alleen is een paard dik en lomp, maar het heeft ook domme ogen en het maakt een vreselijk irritant geluid. Zowel dat belachelijke gehinnik als het aanhoudende, veel te harde &amp;ldquo;klippetieklop&amp;rdquo; op de straatstenen is onverdraaglijk. Daar komt nog bij dat het overal waar het maar wil onwelriekende uitwerpselen laat rondslingeren.&lt;br /&gt;
En als een paard nou wordt bestegen door een dappere ridder, die er vervolgens in volle vaart mee weg galoppeert - op weg naar een jonkvrouw die nodig gered moet worden - dan is dat natuurlijk een machtig gezicht. Paard en sterke ridder vullen elkaar dan perfect aan. Maar wie berijden in deze ridderloze tijd nu nog een paard?&lt;br /&gt;
Juist: meisjes. Met meisjes op zich is natuurlijk niks mis, maar meisjes op paarden: dat is echt een dodelijke combinatie. Niet alleen is het een wanstaltig gezicht - zo&amp;rsquo;n klein dun meisje op zo&amp;rsquo;n groot dik paard. Het is ook nog eens belachelijk onzinnig. Wat is het meisje nu eigenlijk aan het doen? Ze rijdt op een paard. Maar waarom een paard? En waar naartoe? De absolute zinloosheid van deze bezigheid overstijgt alle zinloosheid van het leven op zich.&lt;br /&gt;
En waarom rijdt het meisje met het paard midden op de weg? Het is duidelijk dat er op de Nederlandse wegen geen ruimte is voor paarden. Ze leveren gevaarlijke verkeerssituaties op door hun enorme omvang en tergende traagheid.&lt;br /&gt;
Daarnaast steekt een meisje tijdens het paard rijden een flink stuk boven de andere mensen uit. Dit is bijzonder hooghartig: elke vorm van fysieke verhoging dient in een moderne maatschappij, waar gelijkheid zo&amp;rsquo;n groot goed is, ernstig te worden afgeraden. Dat ouders een dergelijk moreel verval laten intreden bij hun eigen dochters is onvoorstelbaar, maar ook onvergeeflijk.&lt;br /&gt;
Kortom: het staat buiten kijf dat een meisje op een paard een verachtelijke zaak is. Aan deze praktijk moet nodig een einde worden gemaakt. Ik vind het werkelijk onverteerbaar dat zoiets zich in het geniep heeft kunnen ontwikkelen van een liefhebberij naar een obsessieve bezigheid, zonder dat iemand heeft durven ingrijpen. Als het zo door gaat rijden straks alle meisjes op hun paard over onze mooie wegen. Waar moet dat heen met Nederland?&lt;/p&gt;</description>
  <pubDate>Tue, 06 Nov 2007 10:09:00 +0100</pubDate>
  <guid>http://www.matthiasnoback.nl/mijn-verhalen/meisjes-op-paarden</guid>
</item>      <item>
  <title>Wie ik nu eigenlijk écht ben...</title>
  <link>http://www.matthiasnoback.nl/mijn-verhalen/wie-ik-nu-eigenlijk-echt-ben</link>
  <description>&lt;p&gt;Kenmerkend voor mensen is dat zij in tegenstelling tot de meeste andere dieren een goed ontwikkeld brein hebben. Dit stelt hen in staat om uiterst complexe zaken te bedenken en hierover te praten met elkaar. Maar natuurlijk spreken mensen niet alleen over serieuze en gewichtige onderwerpen. In tegendeel zelfs: de meeste woorden worden verspild aan onbelangrijke zaken, zoals het weer, de voetbalwedstrijd van gisteravond, het saldo op de bankrekening, de uitverkoop die weer in volle gang is, de straatlantaarn die eindelijk is gerepareerd, en niet te vergeten de post die nog niet is gearriveerd of de zomer die nog altijd op zich laat wachten. Teleurstellend als je het mij vraagt, voor zulke intelligente wezens als mensen. Hoe ver was onze soort inmiddels niet ontwikkeld als wij ons over belangrijker zaken hadden uitgelaten?&lt;br /&gt;
Er zijn dus de slimme mensen, die hun hersencapaciteit gebruiken om na te denken over uiterst ingewikkelde zaken en die hierover in kleine kring met elkaar communiceren, en er zijn de domme mensen, die hun hersenen praktisch niet benutten en voortdurend allerlei onbelangrijke zaken aan jan en alleman mededelen. Het waardeoordeel dat hierin besloten ligt, moet natuurlijk genuanceerd worden -als men althans rekening houdt met de reputatie van de auteur op het terrein van &amp;ldquo;spreken over onbelangrijke zaken&amp;rdquo;. Er is absoluut niks tegen het gezellig kletsen met een paar vrienden over van alles en nog wat - welk onderwerp zich dan ook maar aandient.&lt;br /&gt;
Het probleem met dit in het wilde weg praten is echter dat je niets tot nauwelijks iets te weten komt over degene met wie je aan het praten bent. Mensen praten voortdurend over hun omgeving, hun eigendommen, de mensen die zij kennen, het werk dat zij doen. Er wordt gepraat over televisieprogramma&amp;rsquo;s, over de laatste aankoop, over politieke ontwikkelingen, welk behang is uitgezocht voor de babykamer, enzovoorts. Maar nadat je al deze feiten hebt aangehoord, weet je eigenlijk nog niets over de persoon in kwestie. Je kent iemand niet als je alleen weet wat hij doet. Vraag mij bijvoorbeeld wie ik ben, en ik zeg: ik studeer filosofie, heb een eigen internetbedrijfje, woon in Utrecht, zing en speel viool, etc. Wat zegt dit soort informatie nu over mijn persoonlijkheid? Voor iedereen die al deze feiten al over mij weet, volgt daarom nu een geheel nieuwe introductie, waarin duidelijk wordt wie ik nu &amp;eacute;cht ben.&lt;/p&gt;
&lt;p&gt;Hallo! Ik ben Matthias.&lt;/p&gt;
&lt;p&gt;&lt;img width=&quot;330&quot; height=&quot;248&quot; align=&quot;right&quot; src=&quot;http://www.matthiasnoback.nl/userfiles/image/meneer-kurkentrekker.jpg&quot; alt=&quot;Meneer Kurkentrekker&quot; /&gt;Brood bewaar ik in de koelkast. Ik maak het klaar in de magnetron met een plakje kaas, dat door de hitte helemaal verdwijnt in de textuur van de boterham.&lt;br /&gt;
In de supermarkt kies ik de rij met de vriendelijkste caissi&amp;egrave;re. Wachten in de rij is al niet het leukste wat je kunt doen, maar een lange wachttijd die beloond wordt met een chagrijnige caissi&amp;egrave;re is nog minder.&lt;br /&gt;
Als ik flessen naar de flessenautomaat moet brengen, neem ik ze altijd mee in mijn rugzak. Alleen herinner ik me dat pas bij de kassa, zodat de boodschappen niet meer in mijn volle rugzak passen.&lt;br /&gt;
Kaarsen brand ik niet voor de gezelligheid, maar omdat ze op moeten.&lt;/p&gt;
&lt;p&gt;Als ik &amp;eacute;cht iets stoms doe en niet nadenk over wat ik voor krachtterm zal gaan gebruiken, zeg ik &amp;ldquo;kut&amp;rdquo;.&lt;/p&gt;
&lt;p&gt;Ik maak elke dag een lijstje met dingen die ik wil of moet doen. Wat ik niet heb gedaan, gaat mee naar de volgende dag en het verdwijnt pas van het lijstje als het echt gedaan is. Bij voorbeeld &amp;ldquo;flossen&amp;rdquo;.&lt;br /&gt;
Als ik in bed lig, en de deurbel gaat, ren ik niet halsoverkop naar buiten.&lt;br /&gt;
Als ik geen zin heb om een mail te schrijven waar ik tegenop zie, dan ga ik eerst honderd andere dingen doen. Op die manier gaat mijn tijd hier op aarde bijna geheel op aan uitstelgedrag.&lt;br /&gt;
Als ik geen zin heb om te bellen, neem ik niet op.&lt;br /&gt;
Ik vind het niet altijd leuk om in gezelschap van vrienden of familie andere bekenden tegen te komen. Ik doe soms zelfs alsof ik ze niet heb herkend en probeer op deze manier een oppervlakkig onzingesprek in de nabijheid van mijn huidige gezelschap te voorkomen.&lt;/p&gt;
&lt;p&gt;Na het tandenpoetsen &amp;rsquo;s avonds spuug ik de tandpasta pas na een kwartier uit, omdat ik in de tussentijd werd geboeid door iets in mijn kamer en nog even geen zin had om terug naar de badkamer te lopen.&lt;br /&gt;
Soms wacht ik heel lang tot een televisieprogramma eindelijk begint. En als het dan begint, ben ik zo moe dat ik maar besluit om te gaan slapen.&lt;br /&gt;
Voor het slapen gaan sluit ik alle deuren en kastdeurtjes die nog open staan. Anders kan ik niet slapen.&lt;br /&gt;
Als mijn opklaptafel niet is uitgeklapt, ga ik ook niet studeren. De enige juiste oplossing is (natuurlijk) om de tafel gewoon uitgeklapt te laten staan.&lt;br /&gt;
Hoewel ik van tevoren weet dat ik bepaalde studieboeken na een cursus nooit meer in zal kijken - en dat dan ook nooit doe - koop ik ze toch altijd nieuw.&lt;/p&gt;
&lt;p&gt;Ik vergeet nooit iets, maar doe altijd alsof. Moeilijke namen van films, acteurs, plaatsen en schrijvers ken ik allemaal, maar als het er op aan komt, stuntel ik maar een beetje. Wat betreft spreekwoorden en gezegden: idem dito&amp;hellip; Ik ken ze allemaal, maar haal ze voor de grap door elkaar.&lt;br /&gt;
In de eenzaamheid van het thuiswerken kan ik soms moeilijk omgaan met chagrijnigheid die zich onherroepelijk manifesteert. Het gaat eigenlijk pas weg, als ik weer in gezelschap ben (daarom zorg ik dat ik elke avond wel wat heb te doen) of als ik iets bijzonder succesvols heb gedaan op de computer.&lt;/p&gt;
&lt;p&gt;Mijn oma vroeg zich ooit hardop af of het wel goed zou komen met mij, toen ik net begonnen was aan mijn studie filosofie. Niemand zou een dergelijke vraag serieus hebben genomen, maar sinds die dag is alles wat ik doe bedoeld om te laten zien dat het wel degelijk goed zal komen met mij!&lt;/p&gt;</description>
  <pubDate>Sat, 29 Sep 2007 14:02:00 +0200</pubDate>
  <guid>http://www.matthiasnoback.nl/mijn-verhalen/wie-ik-nu-eigenlijk-echt-ben</guid>
</item>      <item>
  <title>Wat men met het leven aan moet</title>
  <link>http://www.matthiasnoback.nl/mijn-verhalen/wat-men-met-het-leven-aan-moet</link>
  <description>&lt;p&gt;&lt;a href=&quot;http://www.matthiasnoback.nl/userfiles/image/televisie-groot.jpg&quot; target=&quot;_blank&quot;&gt;&lt;img width=&quot;330&quot; height=&quot;330&quot; align=&quot;right&quot; src=&quot;http://www.matthiasnoback.nl/userfiles/image/televisie.jpg&quot; alt=&quot;&quot; /&gt;&lt;/a&gt;Het leven is een wonderlijk gebeuren, daar is iedereen het over eens. Er valt dan ook maar weinig van te begrijpen. Waarom leven we nou eigenlijk? Waar komt het universum vandaan? Wie heeft het bedacht? En wat moeten we doen met ons korte leven? Het is in feite deze laatste vraag die me nog het meeste bezighoudt. Wat is de richtlijn bij het maken van keuzes in mijn leven? Moet ik zorgen voor de meeste vrienden, moet ik zoveel mogelijk leren of moet ik zoveel mogelijk genieten? En zou het nu het beste zijn als ik zelfmoord pleeg als ik 65 ben - zodat ik niet te veel hoef te vragen van de staatskas en van familie en vrienden? Of moet ik mijn leven zo lang mogelijk rekken, tot ik nog maar half mens ben, eerder een plantje&amp;hellip;&lt;br /&gt;
E&amp;eacute;n ding staat wat mij betreft vast als ik om me heen kijk: wat ik in elk geval niet moet doen is hard werken! Ik snap niet wat al die mensen bezielt om de hele dag achter de computer te zitten op kantoor, om hun ledematen uit hun lijf te werken in de bouw, om zich helemaal nat te laten regenen terwijl ze de post bezorgen, om zich laten af te zeiken als serveerster in een caf&amp;eacute; of om zich te laten tutoyeren door een stel snotapen terwijl ze voor de klas staan. Wat is het nut daarvan? Tenzij je in korte tijd zo ongelukkig mogelijk wilt worden, dient werken absoluut nergens voor. Nou ja, toegegeven: het geld dat je ervoor krijgt is mooi meegenomen. Dat stelt je natuurlijk in staat om toch nog wat leuke dingen te doen, naast al dat vervelende werk. Echter, de meeste mensen gaan alleen maar nog harder werken als ze dat geld zien. Ze werken lange dagen. En als ze dan &amp;rsquo;s avonds eindelijk thuis zijn, moet er natuurlijk nog van alles gedaan worden om niet het hele huishouden in de soep te laten draaien. Op deze manier komen ze nauwelijks toe aan geld uitgeven, vrienden bezoeken of gewoon genieten van partner en kinderen. Laat toch dat werk zitten en breng zoveel mogelijk tijd met h&amp;eacute;n door!&lt;br /&gt;
&amp;nbsp; Of als je geen partner of kinderen hebt, zoals ik: ga lekker tv kijken met wat knabbels en een goudgele rakker binnen handbereik. Sinds ik een paar maanden geleden besloot om nog maar twee dagen in de week te werken (en om kosten te besparen een paar dagen per week bij vrienden eet), heb ik reeds vele dagen achter de tv doorgebracht. Natuurlijk beginnen de leuke programma&amp;rsquo;s pas rond een uur of acht &amp;rsquo;s avonds, maar ook v&amp;oacute;&amp;oacute;r die tijd is er van alles te beleven. Er zijn ten eerste de bekende belspelletjes en ik moet zeggen: sinds ik die een beetje volg heb ik toch zeker tien punten bij mijn IQ mogen optellen! Echt waar, als meer mensen naar die spelletjes zouden kijken, dan was de domheid zo de wereld uit...&lt;br /&gt;
Verder heb ik natuurlijk erg genoten van de Tel Sell programma&amp;rsquo;s. Ongelofelijk is het, hoveel handige producten daar worden gedemonstreerd! Ik heb er natuurlijk niet zo veel kunnen bestellen vanwege mijn lage inkomen, maar mag mijzelf inmiddels wel de trotse eigenaar noemen van een Wrap, Snap &amp;amp; Go haarkrulset (&amp;euro; 14,95 in de Koopjescorner!). Wat een voldoening geeft het, om alle tijd te hebben om met zo&amp;rsquo;n ding in de weer te zijn, in plaats van zo knetterhard te werken als veel mensen doen!&lt;/p&gt;</description>
  <pubDate>Tue, 25 Sep 2007 09:29:00 +0200</pubDate>
  <guid>http://www.matthiasnoback.nl/mijn-verhalen/wat-men-met-het-leven-aan-moet</guid>
</item>      <item>
  <title>Waarom ik ben zoals ik ben</title>
  <link>http://www.matthiasnoback.nl/mijn-verhalen/waarom-ik-ben-zoals-ik-ben</link>
  <description>&lt;p&gt;Als ik op straat loop, kijk ik altijd naar de grond. Zo lang ik geen oogcontact maak, zal ook niemand iets tegen me zeggen. In het vervelende geval dat iemand mij desondanks toch aanspreekt, doe ik zo lang mogelijk alsof ik niks heb gehoord. Alleen op herhaaldelijk aandringen ga ik een gesprek aan. Maar ik antwoord dan zo kort mogelijk en probeer er altijd op aan te sturen dat het gesprek snel eindigt, door kleine stapjes te zetten in de richting waarop ik mij op dat moment aan het verplaatsen was. Het ergste is als mensen aandringen, of nog erger: als ze met elk stapje dat jij zet, gewoon meegaan. Vaak zeg ik dan maar dat ik erge haast heb en loop ik met versnelde pas hard weg.&lt;br /&gt;
Gelukkig kunnen dit soort gesprekken op straat goed worden vermeden, na enige oefening en langdurige observaties. Immers: als je boodschappen gaat doen om half 7, is het al een stuk rustiger op straat. Iedereen zit dan lekker te eten. En dus hebben ze ook geen tijd om mij lastig te vallen. Helaas is boodschappen doen op zich ook een verschrikking, dus als het even kan kom ik niet vaker in de supermarkt dan &amp;eacute;&amp;eacute;n keer in de twee weken. Waarbij ik dan ook nog eens wissel van supermarkt, zodat geen enkele caissi&amp;egrave;re mij herkent. Het laatste wat ik wil is opmerkingen over mijn koopgedrag of over mijn nieuwe trui, die anders is dan de vorige keer dat ik bij de betreffende caissi&amp;egrave;re aan de kassa stond.&lt;br /&gt;
Thuis maak ik van tevoren nauwkeurig een lijstje met de te halen artikelen. Eenmaal in de supermarkt loop ik dan zo snel mogelijk met mijn mandje langs de schappen, waarbij ik wederom elk oogcontact met zowel andere consumenten als het personeel vermijd. Bovendien kijk ik goed uit dat ik geen dingen omstoot, want als dat gebeurt kijken ineens wel tien mensen naar je, en dat is absoluut onwenselijk. Verder vind ik het dus vreselijk als zo&amp;rsquo;n zogenaamd gezellige, wat gezette dame mij gratis een glaasje sap of een stukje olijvenbrood aanbiedt. Ik koop wat ik wil en niet wat zij denkt dat ik wil.&lt;br /&gt;
Bij de kassa leg ik altijd netjes van die plastic dingetjes neer waarmee je kunt aangeven wat jouw boodschappen zijn en welke van de andere mensen zijn. Als de band de producten steeds dichterbij de caissi&amp;egrave;re brengt, let ik goed op dat die plastic schotjes niet verschuiven, waardoor het eventueel onduidelijk zou kunnen worden welke artikelen nu van wie zijn. Dat vermijdt dan weer een vraag en een vervelende blik van de caissi&amp;egrave;re. En natuurlijk toets ik als de producten worden gescand zodra het kan meteen mijn pincode in - en vergeet dan vooral niet op OK te drukken. Gedoe met contant geld is niet prettig, dat duurt te lang en het klopt niet altijd en dan moet het allemaal nog een keer nageteld worden en je begrijpt: daar zit ik niet op te wachten. Als ik alleen al aan de ge&amp;iuml;rriteerde blikken en het gezucht van de mensen achter mij in de rij denk&amp;hellip;&lt;br /&gt;
Met de boodschappen in mijn tas loop ik dan zo snel mogelijk weer naar huis, waar ik - als er ten minste niemand te zien is in het portiekje - vlug nog even mijn brievenbus leeg. Waar natuurlijk altijd zo&amp;rsquo;n briefje in zit dat er een postpakket niet bezorgd kon worden. Alsof die postbode weet wanneer ik boodschappen aan het doen ben, en dan uitgerekend op dat moment een postpakket komt bezorgen! Twee mogelijkheden: of ik heb geluk, en het pakket wordt de volgende dag nogmaals aangeboden, of ik heb pech, en het pakket is bezorgd bij de buren. Dan moet ik dus bij de buren aanbellen en vragen of ik het pakket mag hebben. En daar heb ik wel zo&amp;rsquo;n hekel aan! Want dan vragen ze natuurlijk hoe het met me gaat en dan willen ze nog wat gereedschap lenen en daar zit ik dus echt niet op te wachten.&lt;br /&gt;
Gelukkig kan ik de rest van de week meestal lekker binnen zitten. Tenzij de vuilnis nog buiten gezet moeten worden. Dat mag pas na half tien &amp;rsquo;s avonds. Maar als ik dan mijn lenzen al uit heb en mijn bril draag, dan doe ik het de volgende dag pas (met een bril op zie ik er vreselijk uit). Dat is dan nog best spannend, want soms komen de vuilnismannen al zo vroeg, dat ik te laat op ben om de zak nog buiten te zetten&amp;hellip; &lt;/p&gt;</description>
  <pubDate>Wed, 19 Sep 2007 16:13:00 +0200</pubDate>
  <guid>http://www.matthiasnoback.nl/mijn-verhalen/waarom-ik-ben-zoals-ik-ben</guid>
</item>      <item>
  <title>God sprak opnieuw, deze keer in een meer informele stijl</title>
  <link>http://www.matthiasnoback.nl/mijn-verhalen/god-sprak-opnieuw-deze-keer-in-een-meer-informele-stijl</link>
  <description>&lt;p&gt;Ik werd wakker in een grote kerk. Om mij heen zaten zo&amp;rsquo;n honderd mensen in wiebelige houten stoeltjes. Voorin de kerk sprak een man vrome woorden in een microfoon, die geplaatst was onder een crucifix met een erg bleke Jezus. De man sprak over de Vredesweek, die veel mensen inmiddels waren vergeten, gezien het feit dat ze zo tevreden zijn en zich nergens meer echt voor inzetten. Slechts flarden waren verstaanbaar, de rest van zijn woorden vergalmde. E&amp;eacute;n zin was in zijn geheel te ontwaren: &amp;ldquo;Als we werken aan vrede, werken we aan de heelheid van de schepping.&amp;rdquo; Speciaal deze zin zette mij aan het denken. Wat kon dat nu betekenen, de &amp;ldquo;heelheid van de schepping&amp;rdquo;? Het enige moment waarop de schepping tot nu toe &amp;ldquo;heel&amp;rdquo; was, was ten tijde van de Big Bang. Alleen toen was alle energie van het universum bij elkaar gebracht in een eenheid. Nu is alles zo ver uit elkaar geslingerd, dat de meeste ruimte wordt ingenomen door niets. Wil de beste man dit alles nu weer bij elkaar brengen? Maar nee, ik vatte het natuurlijk veel te letterlijk op. De christelijke taal is een taal vol symboliek (je weet daarom ook nooit waar het nu &amp;eacute;cht over gaat), dus moest ik het zoeken in een andere hoek. Misschien werd er bedoeld dat we als mensen moesten inzien dat we, ondanks al onze verschillen, toch behoren tot &amp;eacute;&amp;eacute;n en dezelfde schepping. Dit zou dan moeten leiden tot het inzicht dat ruzie en oorlog niet nodig zijn, dat we harmonieus naast elkaar moeten leven. Maar dan was het verlangen naar de heelheid van de schepping natuurlijk hopeloos na&amp;iuml;ef! Op zo&amp;rsquo;n manier wordt de schepping nooit heel. Goed, als iedereen dan &amp;eacute;cht zijn best zou doen daarvoor, dan werd het in elk geval op deze planeet nog wel wat, maar wat te denken van al die andere planeten waarop men dan nog altijd w&amp;eacute;l oorlog voert? Bij een eerste contact met een dergelijke beschaving zou alsnog spontaan oorlog uitbreken omdat de betreffende wezens zich door ons bedreigd voelen (of eerder nog: andersom!).&lt;br /&gt;
Goed, dus wat de spreker in kwestie ook bedoelde, het was waarschijnlijk niet erg serieus bedoeld en het kon zelfs feitelijk niks te betekenen hebben. Maar het waren zalvende woorden en de mensen om mij heen knikten instemmend naar elkaar: &amp;ldquo;Mooi gezegd!&amp;rdquo;&lt;br /&gt;
De man die had gesproken ging zitten, nadat hij nog had aangekondigd: &amp;ldquo;Jan Hage speelt op het orgel het stuk &amp;lsquo;Combat de la mort et de la vie&amp;rsquo; van Olivier Messiaen.&amp;rdquo;&lt;br /&gt;
Na deze mededeling was het even stil. Niet lang echter, want een oorverdovende reeks orgelklanken klonk plotseling in de grote, galmende ruimte. De mensen keken verschrikt op en zeiden tegen elkaar &amp;ldquo;Nou, nou&amp;rdquo; en &amp;ldquo;Guttegut&amp;rdquo;. Terwijl het orgel allerlei helse klanken uitstootte, knipperden de mensen met hun ogen - niet bestand tegen zoveel wanstaltig geluid. In het tekstboekje was de heftige tekst te lezen, die de componist Messiaen bij het schrijven van dit stuk in gedachten had:&lt;/p&gt;
&lt;p&gt;&lt;em&gt;Dood en leven leveren een verbijsterend gevecht. De schepper van het leven is dood.&lt;br /&gt;
De schepper van de dood schreeuwt het uit: &amp;ldquo;Dood aan de laatste mens!&amp;rdquo;&lt;/em&gt;&lt;/p&gt;
&lt;p&gt;Deze laatste kreet kon worden herkend in de muziek: alle registers werden opengetrokken en de laagste klanken van het orgel werden de ruimte in geperst. De diepte en rauwheid van deze klanken deed denken aan een brullend monster. Onze toch al wiebelige stoeltjes trilden door zoveel geluidsgeweld, maar het waren niet alleen de stoelen die trilden, ook de vloer schudde hevig. Er verschenen barsten in de plavuizen en de onderliggende grafkisten werden zichtbaar. De mensen sprongen op van hun stoel en renden in paniek naar plaatsen waar geen grafstenen lagen. Terwijl de orgelklanken vanuit de diepte plotseling weer de hoogte in gingen en zich nu ineens aan de andere kant van het klankspectrum bevonden, vlogen de grafkisten voor onze voeten open. Uit de gapende zwarte gaten spoot vuur en in het vuur kwamen kleine wezentjes tevoorschijn, met door zweet glanzende baardjes en kale koppen. Met een gemene lag op hun gezicht sprongen ze op uit de graven en klommen ze met kleine snelle bewegingen tegen de pilaren op. Daar sloegen ze met hun blote vuisten alle glas-in-loodramen kapot, trokken de armaturen uit het plafond en sprongen van pilaar naar pilaar weer naar de grond, waar ze een groep huilende en trillende kerkgangers aantroffen. Bang dat zij ook kort en klein zouden worden geslagen, vielen zij op hun knie&amp;euml;n en vingen aan luid schreeuwend te bidden tot God, die hen dit nota bene in zijn eigen huis liet overkomen. Van achter het orgel was een hartverscheurende schreeuw te horen. Het orgelspel stopte abrupt, maar werd niet lang daarna overgenomen door de kleine bebaarde mannetjes. Zij vingen aan met een nog vreselijker muziekstuk op het orgel dat zij met 8 handen en voeten leken te bespelen.&lt;br /&gt;
Terwijl de duistere klanken aanzwollen, ontplofte het altaar voorin de kerk van binnenuit. Uit de krater die ontstaan was, klonk een zware stem: &amp;ldquo;Zie, de laatste mens! Haar tijd is voorbij. Millennia lang was zij de kroon op de schepping. Zij had de wijsheid in pacht en boekte vooruitgang na vooruitgang. Tot op zekere dag iemand zei: &amp;ldquo;Ik ben de weg, de waarheid en het leven.&amp;rdquo; Dit was het moment waarop men stopte met nadenken, waarop men zijn eigen plannen met het leven losliet en zelfs ophield met de wens om te leven. Immers: de waarheid was nu bekend, dus waarom nog verder zoeken? En de weg die je zelf zou kiezen, is een ego&amp;iuml;stische weg, de weg van Jezus is de beste weg. En het leven; wat is nu het leven hier op aarde nog in vergelijking met wat ons hierna in de hemel te wachten staat?&lt;br /&gt;
Een grove fout! De schepper zelf gaf op dat moment zijn vertrouwen in de mensen op. Want wie in Jezus gelooft, gelooft niet langer in God.&amp;rdquo;&lt;br /&gt;
&lt;img width=&quot;330&quot; height=&quot;248&quot; align=&quot;right&quot; src=&quot;http://www.matthiasnoback.nl/userfiles/image/god.jpg&quot; alt=&quot;God&quot; /&gt; De geknield biddende mensen kwamen nu - nog altijd bevend van schrik - overeind. Ze hadden dit verhaal aangehoord en tegelijkertijd hadden ze ontwaard wie deze woorden had gesproken. Het feit dat deze stem uit de richting van het voormalige altaar kwam, was al een aanwijzing geweest, maar nu bleek dat degene die had gesproken een in stralend wit geklede, stokoude man met baard was, leek alle twijfel te mogen worden losgelaten: dit was God - in hoogsteigen persoon.&lt;br /&gt;
God sprak opnieuw, deze keer in een meer informele stijl: &amp;ldquo;Natuurlijk begrijp ik dat je niet van de ene op de andere dag intelligente mensen hebt, dus ik heb met veel geduld duizenden jaren gewacht tot het moment daar was, maar dat gedoe met die man uit Nazareth was in mijn ogen het begin van een neerwaartse ontwikkeling. De glorierijke geschiedenis van de rede was een aflopende zaak geworden. Helemaal schrok ik toen al die onzin over Jezus werd beschreven in de vorm van dogma&amp;rsquo;s, die nu plotseling ook nog echt waar zouden zijn. Jezus, een zoon van mij? Hoe komen ze erbij? Maria een maagd? Daar wil ik niet eens woorden aan vuil maken&amp;hellip;&lt;br /&gt;
Tweeduizend jaar lang heb ik gewacht en gehoopt dat de mensen nog tot inzicht zouden komen. Maar helaas. Jullie zijn onverbeterlijk. Daarom nu, mijn laatste woorden aan de schepping, alvorens ik alles en iedereen vernietig: we hebben een leuke tijd gehad samen, maar nu ben ik het zat!&amp;rdquo;&lt;/p&gt;
&lt;p&gt;Een witte flits, gevolgd door een doodse stilte. Ik doe mijn ogen open. Om mij heen staan honderd lege, wiebelige houten stoeltjes. Een prachtig sober kerkgebouw, geen enkel teken van opengebroken graven, gebroken ramen of een ontploft altaar. Ik stond enigszins trillend, maar toch met een gerust hart op en liep stilletjes de kerk uit, naar buiten, naar het zonovergoten Domplein, waar een aantal kinderen zat te knikkeren, waar vogeltjes zaten te fluiten in de takken van de hoge bomen en waar een groep studenten bij de fontein zat te praten over hun belevenissen van deze week. Bij de uitgang stond de man die had gesproken over de heelheid van de schepping. Hij boog naar mij toe en zei met een vriendelijke stem: &amp;ldquo;De vrede van Jezus zij met u.&amp;rdquo;&lt;/p&gt;</description>
  <pubDate>Sun, 16 Sep 2007 11:47:00 +0200</pubDate>
  <guid>http://www.matthiasnoback.nl/mijn-verhalen/god-sprak-opnieuw-deze-keer-in-een-meer-informele-stijl</guid>
</item>      <item>
  <title>Mijn hoofd zoals het bedoeld is</title>
  <link>http://www.matthiasnoback.nl/mijn-verhalen/mijn-hoofd-zoals-het-bedoeld-is</link>
  <description>&lt;p&gt;&lt;img width=&quot;330&quot; height=&quot;247&quot; align=&quot;right&quot; src=&quot;http://www.matthiasnoback.nl/userfiles/image/tondeuse-ongeluk.jpg&quot; alt=&quot;Mijn hoofd zoals het bedoeld is&quot; /&gt;&lt;/p&gt;
&lt;p&gt;Dus wat gebeurde er vandaag? Ik voelde me een beetje sneu: ik was een suffe klus aan het doen, keek naar buiten waar geen zon of mooie groene blaadjes te bekennen waren, bedacht wat ik allemaal nog moest doen en herinnerde mij hoe vanochtend al mijn huiswerkopdrachten voor wiskunde jammerlijk waren mislukt en met zware onvoldoendes waren beoordeeld.&lt;br /&gt;
Je begrijpt, dat was geen pretje. Gelukkig heb ik een recept voor het hervinden van vreugde op zo&amp;rsquo;n zwaarmoedig moment. Op mijn lijstje met &amp;ldquo;dingen om te onthouden&amp;rdquo; staat bijna bovenaan: &amp;ldquo;Als je je treurig voelt, ga dan lekker je haar scheren. Daar knap je van op!&amp;rdquo;&lt;br /&gt;
Dus vol enthousiasme vertrok ik naar de badkamer, gewapend met mijn Babyliss B755 Multitasking tondeuse en mijn Philips Coolskin Perfect Pro scheerapparaat. En natuurlijk een extra spiegel, want als je je eigen haar scheert, wordt het anders niks. Terwijl ik met verschillende opzetstukjes voor de tondeuse mijn haar kortwiekte en mijn baard bijwerkte, werd mijn humeur met elke omtrekkende beweging beter. In de spiegel tekende zich langzamerhand weer de omtrek van mijn hoofd zoals het bedoeld is: kort geschoren en met een glanzende top.&lt;br /&gt;
Toen ik bijna niet gelukkiger meer kon worden van dit heerlijke karweitje, viel mij nog een laatste onregelmatigheid op in mijn haardos: op enkele plekjes staken nog een paar sprietjes uit. Dus gauw nog even met de tondeuse er langs. En t&amp;oacute;en gebeurde het: ik was vergeten het juiste opzetstuk terug te zetten op de tondeuse en nu zat er dus helemaal geen opzetstuk op! Met als gevolg dit jammerlijke gat in mijn haar. (Komt dat zien!)&lt;/p&gt;</description>
  <pubDate>Wed, 12 Sep 2007 14:34:00 +0200</pubDate>
  <guid>http://www.matthiasnoback.nl/mijn-verhalen/mijn-hoofd-zoals-het-bedoeld-is</guid>
</item>      <item>
  <title>Geef geen geld aan een "Goed Doel"!</title>
  <link>http://www.matthiasnoback.nl/mijn-verhalen/geef-geen-geld-aan-een-goed-doel</link>
  <description>&lt;p&gt;Geld is een eigenaardig ding. En dan met name papiergeld. Het zou niet misstaan in een papierbak, of in een kleurrijke collage aan de muur. Maar al van jongs af aan word je geleerd dat d&amp;aacute;t niet de bedoeling van geld is. Toen ik als jongetje van 4 jaar een keer een briefje van 25 gulden had, wilde een klasgenootje dat bij mij kwam spelen ook zo&amp;rsquo;n briefje (er stond dan ook een erg mooie vogel op!). Inschikkelijk als ik ben, wilde ik juist het briefje in twee&amp;euml;n scheuren om het met hem te delen, toen mijn moeder door kreeg wat er ging gebeuren en het briefje gauw uit mijn handen griste. Ze zou het wel voor me bewaren. Welnu, ik heb het nooit meer terug gezien.&lt;/p&gt;
&lt;p&gt;Pas jaren later begreep ik wat van dit alles de betekenis was: papiergeld moest niet worden verscheurd. Je mocht het niet behandelen gelijk de kleurrijke vouwblaadjes waarmee tijdens de handvaardigheidles op vrijdagmiddag diverse monsterlijke bloemen, kikkers en molens in elkaar werden geknutseld. Je mocht er niet op schrijven - wat op bijna elk ander papiertje wel mocht. Je mocht het niet verliezen, niet in je mond stoppen (hoewel ik daar op mijn vierde al niet eens zo&amp;rsquo;n behoefte meer aan had) en uiteraard moest je er niet in knippen en het zeker niet door midden scheuren!&lt;br /&gt;
Een tijd lang heb ik gedacht dat het misschien niet eens mogelijk was om papiergeld te vernietigen. Dat als je het probeerde door te knippen, het misschien een elektrische schok zou geven (zoals het hek waar ik toen die ene keer tegenaan plaste). Of dat het zo hard als beton zou zijn, met een kapotte schaar als resultaat.&lt;/p&gt;
&lt;p&gt;Jaren later werd mij duidelijk waar dat geld nu eigenlijk voor was: als je het had, hoefde je niet meer te wachten tot je volgende verjaardag of tot Sinterklaas weer eens kwam, maar kon je op elk willekeurig moment een cadeautje kopen - voor jezelf natuurlijk. En nadat ik had leren tellen begreep ik dat je meer en minder geld kunt hebben. Op het papiergeld bleek dan ook - zeer handig - te zijn vermeld om hoeveel geld het precies ging. Wat op zich vreemd was, want een briefje van 50 was feitelijk twee keer zoveel geld als een briefje van 25, en toch waren beide ongeveer even groot. Ook was die van 50 niet mooier dan die van 25. Maar dat ik meer van het briefje van 25 hield, kon ook zijn omdat ik nog nooit een briefje van 50 had gehad... Alleen mijn ouders hadden er af en toe &amp;eacute;&amp;eacute;n.&lt;/p&gt;
&lt;p&gt;Weer een aantal jaren later raakte ik dusdanig gehecht aan deze wonderlijke papiertjes - je kon ze ruilen voor Lego! - dat het niet meer in mijn hoofd zou opkomen om dat ene briefje van 25 gulden door midden te scheuren en te d&amp;eacute;len met mijn klasgenootje... Nee, als ik eenmaal geld had, wilde ik het houden!&lt;/p&gt;
&lt;p&gt;Tja, en daar zit hem nu net het hele probleem met geld: iedereen wil het wel hebben. En als je het hebt, wil je het houden. En als het dan toch weg moet, dan moet er ook wel wat voor in de plaats komen (een heerlijke doos speculaas, een nieuwe broek of zelfs een heel huis).&lt;br /&gt;
En dan zijn er ook nog al die mensen die geen geld hebben. En daarom ook geen speculaas, nieuwe broek of huis. Om deze oneerlijkheid tegen te gaan, heeft men het Goede Doel uitgevonden, waaraan je je geld kunt geven. Dit Goede Doel zorgt er dan voor dat het geld terechtkomt bij de mensen die het meest &amp;ldquo;behoeftig&amp;rdquo; zijn. Mensen echter die genoeg geld hebben (de &amp;ldquo;rijken&amp;rdquo;) zijn over het algemeen niet zo geneigd om iets daarvan aan deze zogenaamde Goede Doelen te geven. Want een groot deel van dat geld zou toch worden besteed aan het salaris van de directeur van het Goede Doel, reclamespotjes op tv, callcenters, folders in de brievenbus, irritante uitzendkrachten op het Centraal Station en niet te vergeten: aan smeergeld voor corrupte ambtenaren in de landen die worden geholpen.&lt;br /&gt;
Okay, dus we moeten geen geld geven aan een Goed Doel. Maar als we het niet weggeven dan houden we het voor onszelf en kopen we er toch alleen maar onzin van. Nou, dan kunnen we het maar beter &lt;strong&gt;verscheuren&lt;/strong&gt; h&amp;egrave;?! Lang zo&amp;rsquo;n slecht plan niet, want als iedereen zijn geld verscheurt, dan is er ook niks meer om speculaas, broeken of huizen van te kopen. En dus zullen we dat soort dingen gewoon aan elkaar g&amp;eacute;ven! Want ze zijn toch nodig (vooral die speculaas...).&lt;br /&gt;
Dus ga met z&amp;rsquo;n allen naar de pinautomaat. Haal zo veel mogelijk geld van je rekening - het liefst van je spaarrekening - en scheur het meteen kapot als je het uit de automaat hebt gehaald. Uiteraard voor het oog van de mensen die achter je in de rij staan. Misschien kun je hen met deze voor de meeste mensen toch vrij schokkende daad overtuigen om hetzelfde te doen.&lt;br /&gt;
Of probeer het anders eerst met een briefje van 5...&lt;/p&gt;</description>
  <pubDate>Thu, 23 Aug 2007 16:40:00 +0200</pubDate>
  <guid>http://www.matthiasnoback.nl/mijn-verhalen/geef-geen-geld-aan-een-goed-doel</guid>
</item>      <item>
  <title>Ze vragen er gewoon om...</title>
  <link>http://www.matthiasnoback.nl/mijn-verhalen/ze-vragen-er-gewoon-om</link>
  <description>&lt;p&gt;Voor de duidelijkheid: ik ben zelf een enthousiast vegetari&amp;euml;r. Geen principi&amp;euml;le, dat moet vermeld worden; de keuze is vooral een pragmatische. Bij schoolkampen vond ik de kaassouffl&amp;eacute; toch lekkerder dan de gehaktbal en in restaurants hoef je niet eindeloos te kauwen op stukken smakeloos vlees of je kiezen kapot te bijten op stukjes bot, maar kun je je ongestoord bezig houden met je vegetarische schotel vol onproblematische lekkernijen.&lt;/p&gt;
&lt;p&gt;De principi&amp;euml;le vegetari&amp;euml;r heeft natuurlijk heel andere bezwaren: het dood maken van dieren is zielig voor die dieren (ja, allicht, als opa of oma overlijdt, is dat ook zielig), het fokken en vervolgens vetmesten en gevangen houden van dieren voor de slacht is ook zielig (inderdaad, dit is bijzonder wreed - het is een leven dat je niemand gunt), en ten slotte is de productieketen van vlees erg milieubelastend (correct, je moet die dieren fokken, volproppen, slachten en verkopen en in de tussentijd moet je ook meerdere keren het hele zooitje vervoeren). Allemaal prima en in orde, maar zegt u nu zelf: de meeste dieren vragen er toch om geslacht te worden?&lt;/p&gt;
&lt;p&gt;Kippen maken een enorme herrie, schapen staan de hele dag sullig in de wei, ganzen zijn rotbeesten - in het park zou ik ze een trap willen geven, ware het niet dat ik weet dat ze zelf ook gevaarlijk kunnen zijn - en koeien&amp;hellip; Welnu, daar wil ik nog wat meer woorden aan spenderen.&lt;/p&gt;
&lt;p&gt;U bent vast wel eens langs een weiland met koeien gefietst. Ik deed dit onlangs tijdens mijn tweedaagse fietsvakantie in de Achterhoek. Mij vielen twee zaken op: ten eerste was de meest prominente koe in mijn gezichtsveld (die tevens vlak bij het hek stond) bezig het achterwerk van een bevriende koe met haar ruwe, slijmerige tong schoon te likken. Deze activiteit was op zich al schokkend te noemen. Maar ten tweede bleek de koe zich niets aan te trekken van het feit dat ik langs kwam fietsen en bleef staan kijken. Zij keek niet op of om.&lt;/p&gt;
&lt;p&gt;&lt;img width=&quot;330&quot; height=&quot;247&quot; align=&quot;right&quot; src=&quot;http://www.matthiasnoback.nl/userfiles/image/koeien.jpg&quot; alt=&quot;Twee goed bevriende koeien&quot; /&gt;Wat een evolutionaire gekkigheid! Beweging in de ooghoeken zorgt bij de meeste dieren (zo ook bij ons zelf) voor een instinctieve reactie: we nemen de beweging serieus, richten onze aandacht er op en schatten het eventuele gevaar onmiddellijk in. Als blijkt dat het een auto op de parallelweg is, of je ontbijt op bed wordt binnen gebracht, dan is er niks aan de hand. Maar is het bewegende object in je ooghoeken bijvoorbeeld een brommer die geen voorrang verleent, dan wordt gauw gekozen voor &amp;eacute;&amp;eacute;n van de volgende opties: &lt;em&gt;fight or flight&lt;/em&gt; (u allen wel bekend).&lt;/p&gt;
&lt;p&gt;Dat de betreffende koe zich niets aantrok van mijn activiteiten in zijn ooghoeken geeft aan dat zij een wel erg stom dier is. Een dier dat niet eens haar best doet om haar eigen voortbestaan veilig te stellen, heeft naar mijn smaak ook geen recht om &amp;uuml;berhaupt te leven. De koe geeft aan - door niet op mij te reageren en de mogelijkheid in overweging te nemen dat ik een bedreiging voor haar leven zou kunnen zijn - dat zij niets meer om het leven geeft. Ze zei als het ware tegen mij: &amp;ldquo;Dood mij maar, eet mij maar op. Mijn leven is niets waard - niet voor mij in elk geval, dus misschien nog wel voor u, mogelijk als avondeten?&amp;rdquo;&lt;/p&gt;
&lt;p&gt;Toen ik dus nadacht over de meest effici&amp;euml;nte manier om de koe in kwestie te slachten, bedacht ik mij echter dat ik vegetari&amp;euml;r was. Dit wierp nogal een barricade op voor mijn koe-slacht-plannen. Om toch mijn ontstane agressie jegens de koe kwijt te kunnen, pakte ik een stuk hout van de grond, waarmee ik het dier op zijn minst een ferme tik zou kunnen verkopen. De koe bleek mijn bedoelingen op dit moment echter toch te doorzien. Met een trage, moedeloze beweging hief de koe haar hoofd op, waarna ze mij met lede ogen, intens bedroefd, maar in elk geval toch indringend en aanhoudend diep aankeek. De treurigheid in die glimmende ronde ballen was zielsverscheurend en hartdoorborend. Alle vergeten ellende van mijn jeugdige jaren, de onbeschrijflijke pijn die ik op de middelbare school heb moeten doorstaan, al die jaren op de universiteit waarin mijn collegeaantekeningen werden gestolen en docenten mij nooit hoger dan een 6 gaven voor tentamens, alleen omdat ik op jonge leeftijd al zo kaal was... Al deze toestanden - vergeten of verdrongen - stonden mij opeens helder voor ogen. Deze intrieste, dieptreurige zaken herkende ik in de ogen van deze eenzame koe, die uit wanhoop dan maar het smerige achterwerk van haar beste vriendin schoon ging likken.&lt;br /&gt;
De schier eindeloze deprimerendheid van dit tafereel in het weiland en de herinneringen aan nare momenten, zorgden ervoor dat ik alles om mij heen vergat. Ik kon nooit meer gelukkig zijn, mijn leven was volmaakte ellende: opgesloten te zijn in de herinneringen aan mijn ongelukkige verleden, die daarmee meteen ook de garantie vormden voor een ongelukkige toekomst: ik wilde zo niet langer leven.&lt;/p&gt;
&lt;p&gt;Zo was ik in mijn korte tijd in de nabijheid van deze koe zelf welhaast een koe geworden, met de wens om te worden geslacht - wegens een zinloos en ongelukkig leven - en daardoor staarde ik natuurlijk met waterige ogen, zo treurig als die van een echte koe, voor mij uit.&lt;br /&gt;
Hiermee echter zette ik onbewust een punt achter de evolutie van mijn eigen soort. Door mijn voortdurende doodswens was ik net als de koe niet langer ge&amp;iuml;nteresseerd in snel bewegende dingen in mijn ooghoeken, zelfs niet voor gemotoriseerde landbouwvoertuigen met scherpe roterende uitsteeksels.&lt;/p&gt;
&lt;p&gt;Vandaar dat mijn tweedaagse fietsvakantie nu eindigt in het ziekenhuis van Hummelo. De pijn is ondraaglijk en het leven nog ellendiger dan het was daar aan de rand van het weiland. Ik weet nu zeker dat koeien als ze de mogelijkheid zouden hebben om zichzelf op te blazen, dat ook meteen zouden doen. Maar dat kunnen ze natuurlijk niet en daarom kijken ze ons met grote, vragende ogen aan: &amp;ldquo;Dood mij alstublieft, eet mij op!&amp;rdquo; Laten we dit dan ook vooral doen; we doen ze er een groot plezier mee.&lt;/p&gt;
&lt;p&gt;(Wat een mazzel hebben die beesten eigenlijk. Ik vraag me af of iemand mij zou willen doden, ook al kijk ik nog zo zielig&amp;hellip;)&lt;/p&gt;</description>
  <pubDate>Sat, 11 Aug 2007 10:04:00 +0200</pubDate>
  <guid>http://www.matthiasnoback.nl/mijn-verhalen/ze-vragen-er-gewoon-om</guid>
</item>      <item>
  <title>Waarom Geneeskunde de moeder der wetenschappen is</title>
  <link>http://www.matthiasnoback.nl/mijn-verhalen/waarom-geneeskunde-de-moeder-der-wetenschappen-is</link>
  <description>&lt;p&gt;In lang vervlogen tijden gold nog de theologie - de leer van het Opperwezen - als de koningin der wetenschappen. Hoewel velen hiervan niet op de hoogte zijn, is echter de theologie ontsproten aan de filosofie. Nog voordat er enige Godheid werd aanbeden, werd er al nagedacht over de grote vragen van het leven. Wat betekent het om iets te zijn? Waarom is er iets en niet niets? Wat moet ik met mijn leven beginnen? Waartoe dient dit bestaan? Met het stellen van deze vragen is de filosofie geboren en met het geven van een voorlopig antwoord op deze vragen is het eerste geloof ontstaan.&lt;br /&gt;
De aanduiding &amp;ldquo;koning der wetenschappen&amp;rdquo; slaat op het feit dat de wetenschap die deze immense vragen stelt en er een antwoord op probeert te geven, voorafgaat aan elke andere aardse activiteit. Dat wil zeggen: nog voordat men enige alledaagse handeling kan voltrekken, moet men deze vraagstukken hebben aangekaart en een &amp;ldquo;werkhypothese&amp;rdquo; hebben geformuleerd. Als niet eerst wordt ingegaan op de vraag &amp;ldquo;waaruit bestaat mijn wezen?&amp;rdquo; dan is het onmogelijk om ook maar &amp;eacute;&amp;eacute;n hap te nemen van een overheerlijke kruidcake. De werking van die kruidcake op het receptieve stelsel van zintuiglijkheid zou dan immers onbegrepen, onverklaard en daarmee volstrekt betekenisloos zijn.&lt;br /&gt;
De koningin der wetenschappen - dat  wil zeggen: de als tweeling op aarde geworpen filosofie en theologie - wordt dus &amp;ldquo;koningin&amp;rdquo; genoemd omdat zij alle overige wetenschappen overschaduwt. Zonder een eerste, zij het ook een voorzichtig antwoord op alle principi&amp;euml;le en fundamentele vragen die de mens zich maar kan stellen, zijn alle andere vragen van alle andere wetenschappen volslagen belachelijk. Waarom zou men zich afvragen hoeveel manen Jupiter heeft, als niet eerst duidelijk is geworden waarom men hier op Aarde is?&lt;br /&gt;
Filosofie vormt daarom, zoals Descartes schreef in zijn &lt;em&gt;Principia Philosophiae&lt;/em&gt;, de wortels van de boom der wetenschap. Eerst moet de filosofie - letterlijk de &amp;ldquo;begeerte voor wijsheid&amp;rdquo; - worden verzadigd, alvorens mag worden overgegaan op de meer praktische wetenschappen, zoals natuurkunde, scheikunde en geneeskunde.&lt;br /&gt;
Enkele eeuwen na Descartes werd echter de filosofie van haar troon gestoten. Het was de natuurwetenschap die steeds meer van haar terrein afnam. De &amp;ldquo;fysische&amp;rdquo; wetenschappen doen een voortdurende poging om de wereld om ons heen - op het kleinste &amp;eacute;n het grootste niveau - te begrijpen. Alle overige wetenschappen bevinden zich in een gebied ergens daar tussenin. Zij houden zich niet met het ene eind van de schaal, noch met het andere eind van de schaal bezig. Zo kan een geoloog zich niet druk maken om zwarte gaten, maar houdt een psycholoog zich niet bezig met quantumfluctuaties.&lt;br /&gt;
Het lijkt erop alsof de natuurwetenschap hiermee voor zichzelf een soort prioriteit veronderstelt: zij geeft de indruk dat alle overige wetenschappen slechts mogelijk zijn dankzij bevindingen aan beide uiteinden van deze schaal. Uiteindelijk is alles om ons heen immers &amp;ldquo;fysisch&amp;rdquo;. Dus wat wij ook maar aan wetenschap bedrijven, de enige &amp;eacute;chte wetenschap is de natuurwetenschap: die laat zien hoe het universum nu werkelijk in elkaar steekt.&lt;/p&gt;
&lt;p&gt;De geschetste ontwikkeling is echter geen werkelijke ontwikkeling. Het is meer een chaotisch wisselen van mening. De ene keer heeft de ene wetenschap het bij het enige echte en rechte eind, de andere keer is weer een andere wetenschap aan de beurt om &amp;ldquo;op de troon te zitten&amp;rdquo;. Maar in deze strijd om wie werkelijk de koningin der wetenschappen is, worden belangrijke zaken over het hoofd gezien. In de eerste plaats hebben lang niet alle wetenschappen mogen &amp;ldquo;solliciteren&amp;rdquo; voor de positie als koning der wetenschap. Maar daarnaast berust de gedachte dat filosofie, theologie of natuurwetenschap gezien mag worden als meest fundamentele wetenschap op een bijzonder gebrekkige argumentatie. &lt;br /&gt;
De wetenschap die mijns inziens een overweging waard is, is natuurlijk - te raden aan de hand van de titel van deze tekst - de Geneeskunde. Mijns inziens is zij de koningin der wetenschap, of misschien beter de &amp;ldquo;moeder der wetenschappen&amp;rdquo;. Waarom dit zo is zal ik hieronder uiteenzetten.&lt;/p&gt;
&lt;p&gt;Een belangrijke persoon in de geschiedenis van de filosofie is de u waarschijnlijk bekende filosoof Immanuel Kant. Hij heeft de voorwaarden van het menselijk kennen onderzocht. Er zijn bijvoorbeeld de noodzakelijke vormen van de zintuiglijke waarneming, namelijk ruimte en tijd, zonder welke wij ons niets kunnen voorstellen. Maar er is ook de meest universele voorwaarde voor kennis, namelijk de &amp;ldquo;transcendentale eenheid van de apperceptie&amp;rdquo;. Dat wil zeggen: een zelfbewust &amp;ldquo;ik&amp;rdquo;, waarbinnen al het kennen van dat &amp;ldquo;ik&amp;rdquo; plaatsvindt. Dit klinkt wat vreemd, maar het is eigenlijk heel vanzelfsprekend: als ik wil zeggen dat ik iets weet, is de allereerste voorwaarde van die aanspraak op kennis dat ik besta en dat ik bewust ben van mijn eigen bestaan. &lt;br /&gt;
Vervolgens kunnen we vragen wat de voorwaarden hiervoor zijn. De belangrijkste daarvan is dat ik leef, dat ik een lichaam heb en dan vooral hersenen die kunnen denken. Hersenen functioneren echter niet uit zichzelf. Daar zijn vele organen voor nodig en een hoop zuurstof, water, enzovoorts. Maar zelfs de aanwezigheid hiervan is nog geen voldoende voorwaarde voor het feit dat ik besta als zelfbewust wezen: alle onderdelen van het lichaam moeten ook nog eens goed functioneren. Alleen als dat het geval is, ben je een zelfbewust, denkend wezen en kun je kennis hebben en kennis vergaren.&lt;br /&gt;
Omdat wetenschap uit deze twee aspecten bestaat - kennis hebben en kennis vergaren - spreekt het dus voor zich dat alle voorwaarden die ik heb genoemd voor het &amp;ldquo;bestaan als een zelfbewust, denkend wezen&amp;rdquo; ook indirect gelden voor het hebben of vergaren van kennis.&lt;br /&gt;
Natuurlijk is de uiteindelijke vraag waar dit alles op uitdraait: welke wetenschap zorgt ervoor dat ik in staat ben tot het bedrijven van wetenschap, dat wil zeggen: dat ik een lichaam heb, dat het goed werkt en dat het goed blijft werken? Het zal geen verrassing meer zijn: dat is de Geneeskunde. Dankzij de Geneeskunde kunnen we in principe beschikken over een goed functionerend lichaam, zodat we ons in alle rust met andere wetenschappen kunnen bezighouden. &lt;br /&gt;
Daarom pleit ik ervoor om de Geneeskunde voortaan te zien als de &amp;ldquo;moeder der wetenschappen&amp;rdquo;. Alleen zij maakt alle andere wetenschappen mogelijk, door haar voortdurende zorg voor de lichamen van iedereen die wetenschap wil bedrijven. Zij is in die zin de enige werkelijke voorwaarde voor kennis.&lt;br /&gt;
&amp;nbsp;&lt;/p&gt;</description>
  <pubDate>Sat, 30 Jun 2007 14:13:00 +0200</pubDate>
  <guid>http://www.matthiasnoback.nl/mijn-verhalen/waarom-geneeskunde-de-moeder-der-wetenschappen-is</guid>
</item>      <item>
  <title>God bestaat niet</title>
  <link>http://www.matthiasnoback.nl/mijn-verhalen/god-bestaat-niet</link>
  <description>&lt;p&gt;Te bewijzen: dat God niet bestaat&lt;/p&gt;
&lt;p&gt;Stel: ik ben inschikkelijk en neem aan dat God bestaat. Gegeven deze hypothese krijg ik daarnaast nog enkele, met het bestaan van God duidelijk samenhangende proposities cadeau. Zo mag ik uitgaan van Gods goedheid, diens eindeloze grootheid en almachtigheid. Enkele nuances moeten hier worden aangebracht. Laten we niet zeggen dat God eigenlijk helemaal niet zo goed is als hij ook maar enig kwaad toestaat in de wereld, of dat hij niet eindeloos groot kan zijn, omdat hij dan ook ons zou omvatten, of dat hij niet almachtig is omdat hij geen ronde tafels met hoeken kan maken. Laten we voor het gemak gewoon zeggen dat God erg goed, groot en machtig is. Ik concentreer me in dit bewijs op deze laatste eigenschap van God, namelijk dat hij erg machtig is.&lt;/p&gt;
&lt;p&gt;Als iemand machtig is, dan is dat altijd ten opzichte van iemand anders. Persoon A heeft bijvoorbeeld macht over een ander, persoon B. Dit houdt in dat persoon A en B in een causale relatie met elkaar staan: in bepaalde opzichten functioneert persoon A in het leven van persoon B namelijk als oorzaak. Dit blijkt duidelijk uit het volgende: stel dat persoon A alleen op de wereld heeft. Dan kan hij geen macht hebben over iemand, omdat hij voor niemand als oorzaak kan functioneren. We komen zo op het volgende syllogisme uit:&lt;/p&gt;
&lt;ul&gt;
    &lt;li&gt;Iets is alleen machtig als het als oorzaak functioneert.&lt;/li&gt;
    &lt;li&gt;God is erg machtig.&lt;/li&gt;
    &lt;li&gt;God functioneert dus als oorzaak.&lt;/li&gt;
&lt;/ul&gt;
&lt;p&gt;We weten nu dat God, gegeven het feit dat hij bestaat, machtig is en daarom oorzaak is. Maar &amp;ldquo;oorzaak zijn&amp;rdquo; is altijd in principe bewijsbaar. We gebruiken namelijk ervaringskennis om te laten zien dat de ene gebeurtenis oorzaak is voor de andere gebeurtenis. Als de veronderstelde oorzaak echter geen mogelijk object van ervaring is, dan valt de causale functie ervan ook niet te bewijzen. En God is uitgerekend zo&amp;rsquo;n object dat niet in een ervaring gekend kan worden. Daarom kan het niet bewezen worden dat God een oorzaak is.&lt;br /&gt;
Maar als het niet bewezen kan worden dat God een oorzaak is, dan zijn er twee logische mogelijkheden over: ofwel God is principieel bewijsbaar g&amp;eacute;&amp;eacute;n oorzaak, ofwel God is principieel onbewijsbaar w&amp;eacute;l oorzaak.&lt;br /&gt;
De tweede optie moet verworpen worden. Principieel onbewijsbare zaken zijn nutteloos als men wil spreken van kennis. We kunnen dan net zo goed aannemen dat de hond van de buurman er voor zorgt dat &amp;rsquo;s ochtends de zon op gaat. Dan blijft dus de eerste optie over: God is principieel bewijsbaar g&amp;eacute;&amp;eacute;n oorzaak. &lt;br /&gt;
Dit laatste betekent echter dat we een contradictie hebben. Hierboven hebben we namelijk geconcludeerd dat God functioneert als oorzaak, uit de aanname dat God bestaat en daarom erg machtig, zo niet almachtig is. En uiteindelijk moesten we accepteren dat het principieel bewijsbaar is dat God g&amp;eacute;&amp;eacute;n oorzaak is. Dit levert een reductio ad absurdum op. We moeten daarom onze aan het begin gestelde hypothese terugtrekken op grond van de bereikte tegenstrijdige beweringen. Onze conclusie moet daarom zijn: dat God niet bestaat.&lt;/p&gt;
&lt;p style=&quot;text-align: right;&quot;&gt;G.V.D.&lt;/p&gt;</description>
  <pubDate>Mon, 30 Apr 2007 14:20:00 +0200</pubDate>
  <guid>http://www.matthiasnoback.nl/mijn-verhalen/god-bestaat-niet</guid>
</item>      <item>
  <title>God bestaat</title>
  <link>http://www.matthiasnoback.nl/mijn-verhalen/god-bestaat</link>
  <description>&lt;h3&gt;Of God bestaat&lt;/h3&gt;
&lt;p&gt;Immanuel Kant heeft ons geleerd dat tijd en ruimte de vormen zijn van onze aanschouwing en dat de &amp;ldquo;dingen zelf&amp;rdquo; helemaal niet in tijd en ruimte zijn gepositioneerd. Welnu, ik ben zelf zo&amp;rsquo;n ding en heb er toch nog altijd moeite mee om me te realiseren dat ik eigenlijk geen echte haast heb, maar dat ik die haast zelf aan mijn aanschouwingen toevoeg. Dat een deadline dus eigenlijk &amp;ldquo;tussen mijn oren&amp;rdquo; zit. Evenzogoed gaat het er bij mij niet in dat niet mijn kamer te klein is, maar dat alleen mijn aanschouwing van die kamer beperkt bemeten is!&lt;br /&gt;
Na maanden lang hard werken op mijn kleine kamertje (althans, zo &amp;ldquo;scheen het mij toe&amp;rdquo;) werden mij dit soort overpeinzingen bijna fataal en leek het me dus dringend tijd geworden om een kleine vakantie te boeken. Twee dagen niet actief met werk en studie moet toch wel kunnen? En als iemand klaagt dat er nog bepaalde dingen hadden moeten gebeuren in die tijd, dan zeg ik dat die dingen niet werkelijk in de tijd zijn en dat ze al helemaal niet in die tijd hadden kunnen - laat staan m&amp;oacute;eten - gebeuren! Ik voeg hieraan nog toe: &amp;ldquo;Doe eerst maar eens wat transcendentale filosofie, voordat je zulke gewaagde en ongefundeerde uitspraken doet&amp;hellip;&amp;rdquo;&lt;br /&gt;
Maar goed: twee dagen op vakantie dus! Wat een weldaad. Ik verbleef in het christelijke bolwerk aan de IJssel, het prachtige stadje Kampen, alwaar ik eerder in mijn leven eens 10 jaren heb doorgebracht. In deze twee vakantiedagen heb ik geprobeerd uit te zoeken waar nu die goeie ouwe tijd gebleven was. Immers: mijn leven was in de tussentijd een stuk saaier, eenzamer, grimmiger en onaantrekkelijker geworden. Dit kan als volgt worden verklaard: de vijf jaren die mijn studie Wijsbegeerte mij tot nu toe hebben gekost, hadden mij doen realiseren dat mijn geloof in God toch werkelijk nergens op was gebaseerd. En sindsdien is het bergafwaarts met mij gegaan. Het ontbreken van God in je leven, dat maakt je tot een ongelofelijk immoreel wezen. Niks is meer belangrijk, voor niemand hoef je meer aardig te zijn, alles is geoorloofd: moord, zelfmoord, geweldpleging, diefstal (niet dat ik &amp;aacute;lle genoemde zaken heb gedaan)&amp;hellip; niks is meer te gek. Ergens tijdens mijn verblijf in Utrecht is het dus fout gegaan. Voor mij een reden om terug te gaan naar die plaats waar ik nog w&amp;eacute;l geloofde in God, om te kijken of het misschien aan die plaats lag of toch aan iets anders. In Kampen ging ik dus op zoek naar de wortels van mijn geloof, op zoek naar &amp;ldquo;mijzelf&amp;rdquo; van toen - zulk een bewonderenswaardig goed en voorbeeldig vroom mens als ik in die periode was&amp;hellip;&lt;br /&gt;
En hoe kon het mooier dan dit: bij aankomst op het station voelde ik het geluk al in mijn keel kriebelen! Een zonnestraal brak door de wolken en scheen op het vredige stadje dat ik lange tijd als mijn thuis heb gezien. De 17 kerktorens van de verschillende kerken die Kampen telt werden door de stralende zon op schitterend wijze blootgelegd temidden van de overigens vrij duistere wolken. Een vingerwijzing van boven! Tijdens mijn voettocht over de nieuwe &amp;ldquo;Oude Brug&amp;rdquo; die mij het centrum in leidde, stortte zich een hevige regenbui over mij uit. Het deed mij denken aan de verkondigingen waarnaar ik ademloos luisterde in mijn religieuze periode, toen de dominees wat mij betreft de waarheid in pacht hadden. Water werd altijd uitgelegd als &amp;ldquo;een nieuw begin&amp;rdquo;, wat natuurlijk komt doordat ook de doop met water wordt voltrokken. Welnu, al wandelend door Kampen gaf die regen op mijn kalende voorhoofd mij het gevoel dat ik opnieuw mocht beginnen! De zonden uit mijn toch ietwat heidense leven in Utrecht - het &amp;ldquo;Wilde Westen&amp;rdquo; - waren bij dezen afgewassen en weggespoeld in de overigens erg smerige IJssel (je vraagt je af hoeveel zondaren nog meer hun zonden hebben gedumpt in deze rivier). Er was dus opnieuw hoop, want ik kreeg nog een kans&amp;hellip; &amp;ldquo;Nog enkele van deze tekenen en ik ga denk ik toch maar weer geloven,&amp;rdquo; zo besloot ik voor mijzelf.&lt;br /&gt;
Weldra aangekomen in het mooie park dat Kampen rijk is, nam ik plaats op &amp;eacute;&amp;eacute;n van de bankjes waar ik als kind met mijn moeder en zusje de lunch nuttigde en waar ik altijd met veel plezier de eenden wegjoeg. Vanaf het bankje was het zwaar genieten van al die prachtige bloemen en die gezellig kwetterende vogeltjes. E&amp;eacute;n vogel deed mij speciaal denken aan vroeger, want hij maakte precies het geluid van mijn wekker in die tijd. Een vriendelijker geluid dan dat van hedendaagse wekkers. Die zijn irritant, vroeger waren ze lief. Dat vogels tot het maken van zulke ingenieuze geluiden in staat zijn, is toch des te meer reden om te geloven in het bestaan van God?&lt;br /&gt;
Een uitermate gunstig moment volgde als vanzelf uit al deze gelukzaligheid: niet alleen had ik mijn geloof teruggevonden, maar ik vond vanuit dit bijzonder constructieve momentum ook nog eens het uiteindelijke, onomstotelijke bewijs dat God bestaat! &amp;ldquo;Nee,&amp;rdquo; zult u zeggen. Wel dan: &amp;ldquo;Ja,&amp;rdquo; zal &amp;iacute;k zeggen! Hieronder volgt het bewijs, zodat niet alleen ik, maar ook u er wat aan heeft. (Lees het gerust twee keer, dan wordt u pas duidelijk hoe ingenieus en onweerlegbaar dit bewijs is!)&lt;/p&gt;
&lt;h3&gt;Dat God bestaat&lt;/h3&gt;
&lt;p&gt;Vanaf het bankje in het park bekeek ik het fietspad dat door dat park heen loopt. Ik zag vele fietsers en wandelaars - met of zonder hond. Ik dacht: hoe kan het dat al deze mensen hier op verschillende tijdstippen en op verschillende plaatsen langs komen rijden en lopen? Gezien de grote hoeveelheid mensen en de slechts beperkte hoeveelheid ruimte die er op het pad was, zou je verwachten dat &amp;eacute;&amp;eacute;n van onderstaande mogelijkheden het geval is:&lt;/p&gt;
&lt;ol&gt;
    &lt;li&gt;Ofwel iedereen gaat op grond van een eigen wilsbesluit over het pad, met de kans dat iedereen tegelijk op hetzelfde moment op dezelfde plaats wil zijn, wat zou resulteren in een toren dan wel een hoop mensen op dat punt en dat moment.&lt;/li&gt;
    &lt;li&gt;Ofwel iedereen wordt op zeer regelmatige wijze verdeeld over het fietspad, door een natuurwet die hen als het ware over het fietspad doseert, zodat er een absolute orde heerst.&lt;/li&gt;
&lt;/ol&gt;
&lt;p&gt;Punt 1 is overduidelijk niet het geval. Langdurige waarneming toont aan dat een dergelijke chaos niet voorkomt op dit fietspad. Geen mensen die tegen elkaar lopen of fietsen, geen elkaar dwars zittende wilsbesluiten dus!&lt;br /&gt;
Punt 2 is overduidelijk ook niet het geval. Immers: een dergelijke regelmaat zou men moeten kunnen opmerken. Hoewel de fietsers en wandelaars op een regelmatige afstand in tijd en ruimte van elkaar over het fietspad voortbewegen, is hier geen sprake van mathematische precisie.&lt;/p&gt;
&lt;p&gt;Nu deze twee uitersten zijn uitgesloten, moeten we overgaan tot het kiezen van een derde mogelijkheid, die hier het midden tussen is: men wordt op regelmatige wijze verdeeld over het fietspad, zodat er geen absolute chaos ontstaat, maar de regelmaat is niet &amp;ldquo;strikt&amp;rdquo; te noemen. Dit stelt ons echter voor een nieuw probleem! Wat is &amp;ldquo;niet strikt&amp;rdquo;? De causale geslotenheid van het universum zorgt er voor dat er geen natuurwet kan bestaan die een dergelijke &amp;ldquo;niet-strikte regelmaat&amp;rdquo; mogelijk maakt. Het zou wat zijn als wij &amp;ldquo;min of meer&amp;rdquo; bleven staan dank zij de zwaartekracht, of dat het kookpunt van water &amp;ldquo;schommelde&amp;rdquo; tussen de 77 en de 123 graden Celcius, of dat een lamp slechts &amp;ldquo;maar zo zo&amp;rdquo; bleef branden. Maar als er geen dergelijke niet-strikte natuurwet bestaat, dan gebeurt het kennelijk niet vanuit de regelmaat van de natuur zelf. Er moet dus een externe oorzaak gevonden worden voor de &amp;ldquo;niet strikt regelmatige&amp;rdquo; wijze waarop fietsers en wandelaars zich over het fietspad verplaatsen. En wat kan deze externe oorzaak anders zijn dan God?&lt;/p&gt;
&lt;p&gt;P.S. Deze laatste stap heb ik - in alle eerlijkheid - ontleend aan mijn middeleeuwse held, Thomas van Aquino, wiens poster ik inmiddels weer heb opgehangen, na deze de afgelopen jaren te hebben gebruikt als dartboard.&lt;/p&gt;</description>
  <pubDate>Fri, 20 Apr 2007 14:18:00 +0200</pubDate>
  <guid>http://www.matthiasnoback.nl/mijn-verhalen/god-bestaat</guid>
</item>      <item>
  <title>Reactie op de stelling “Nederland moet onthaasten”</title>
  <link>http://www.matthiasnoback.nl/mijn-verhalen/reactie-op-de-stelling-nederland-moet-onthaasten</link>
  <description>&lt;p&gt;Het in de stelling gehanteerde begrip &amp;ldquo;onthaasten&amp;rdquo; geeft ons te kennen dat wij onze samenleving zouden moeten ontdoen van alle &amp;ldquo;haast&amp;rdquo;. Haast is echter een uitstekende zaak. Voeg een beetje haast toe aan uw handelingen en u bent in &amp;ldquo;no time&amp;rdquo; klaar. Neem een vervelend klusje in gedachten, stel uzelf een onrealistische deadline en u zult zien: waar u al weken tegenop zag, is in een vloek en een zucht gebeurd. &lt;br /&gt;
Niet alleen bij vervelende dingen dient men wat haast te voegen, ook bij meer plezante activiteiten is een kleine dosis gepast. Zinnenprikkelingen worden intenser naarmate ze met kortere tussenpozen worden toegediend. Zodoende is het eten van een pak speculaas binnen de enigszins krappe tijd van een half uur een sensationele ervaring te noemen. Als men &amp;ldquo;rustig aan zou doen&amp;rdquo;, op aanraden van liefhebbende ouders of goed bedoelende vrienden, dan wordt het eten van speculaas een trage, ja zelfs saaie bedoening. Dat kan toch niet de bedoeling zijn?&lt;/p&gt;
&lt;p&gt;Speculaas is net als alles in het leven van vluchtige en voorbijgaande aard. Nog even wachten met het volgende speculaasje voegt sub specie aeternitatis niets toe aan de levensduur van dit arme stukje koek. De tijd die hem hier op aarde is vergeven, is immers slechts van korte duur. Zijn leven is net als het onze in een flits voorbij. Welnu: voor hem en voor ons geldt, dat we zoveel als mogelijk uit die flits moeten halen. Een goed en rechtschapen mens propt de hem beschikbare tijd dan ook zo vol als mogelijk. En terecht! Hoe meer haast in onze samenleving, des te beter. Het leven is al zo kort&amp;hellip;&lt;/p&gt;
&lt;p&gt;P.S. Als u even vergeten was hoe u effici&amp;euml;nt met uw tijd kunt omspringen:&lt;br /&gt;
- Maak lijstjes van alles wat u nog wilt gaan doen. Zet er veel dingen op.&lt;br /&gt;
- Zorg elke dag dat er zo veel mogelijk punten op die lijstjes zijn afgehandeld.&lt;br /&gt;
- Neem een secretaresse in dienst die al het papierwerk en onnodige bellen van u overneemt.&lt;br /&gt;
- Fiets altijd door rood licht: baat het niet, dan schaadt het niet!&lt;br /&gt;
- Neem een laptop mee naar college, zodat u kunt reageren op uw e-mails wanneer &amp;uacute; dat uitkomt.&lt;br /&gt;
- Verander in de supermarkt niet van rij: u komt altijd terecht in de traagste rij.&lt;br /&gt;
- Vergeet niet: morgen bent u wellicht dood, dus zorg ervoor dat u nog gauw even een paar dingen doet vandaag!&lt;/p&gt;
&lt;p&gt;(Gepubliceerd in &amp;ldquo;De Filosoof&amp;rdquo;, jaargang 7, nummer 34)&lt;/p&gt;</description>
  <pubDate>Mon, 09 Apr 2007 14:05:00 +0200</pubDate>
  <guid>http://www.matthiasnoback.nl/mijn-verhalen/reactie-op-de-stelling-nederland-moet-onthaasten</guid>
</item>      <item>
  <title>Icarus</title>
  <link>http://www.matthiasnoback.nl/mijn-verhalen/icarus</link>
  <description>&lt;p&gt;Hoewel ik het al te vaak tegen mezelf heb gezegd en het daardoor niet beter wordt: mijn leven is een puinhoop. Twee jaar geleden heb ik iets gedaan wat ik nooit had mogen doen. Goed dat ik daar nu straf voor draag, maar dat het zo zwaar zou zijn, hield ik niet voor mogelijk. Mijn leven is werkelijk op z&amp;rsquo;n kop. Het enige wat nu nog over is en de enige die mij nog recht durft aan te kijken en die een aanraking niet schuwt, is mijn viool. Ze is met mijn ziel verbonden, via mijn ringvinger, in &amp;eacute;&amp;eacute;n zenuw door naar mijn hart. De grootste pijn zou zijn om ook haar te verliezen. Tenzij je die andere meerekent, die mij ook durft aan te kijken. Zij, het meisje van de schone lakens, zo noem ik haar. Ze komt eens in de week de lakens verschonen, altijd als wij met de afdeling aan het sporten zijn. Alleen toen ik ziek was, toen kwam ze mijn kamer binnen, keek even om het hoekje en was toen gauw weer weg. Die ogen! Zij is het die nog sterker is verbonden met mijn hart. Als zij aan mijn leven zou ontbreken, als deze zenuw zou worden doorgesneden, ik weet niet of mijn hart het dan zou overleven.&lt;br /&gt;
Maar de mensheid heeft mij weer ontdekt. De eerste aanvragen voor een bezoek kwamen al gauw nadat ik hier binnen was gekomen. Concertmeesters kwamen langs, staarden naar me, vroegen of ik het &amp;eacute;cht was, wat er niet was gebeurd dat ik nu hier zat. Ze wilden me graag weer op het podium hebben en mij gebruiken omdat ik toevallig goed kan spelen. Nu is het dan zover, maar ze gebruiken me niet. Ik mag spelen in de zaal van het Concertgebouw. Niet op het podium, dat zou gevaarlijk zijn, maar wel op een balkon. Bewaking om me heen.&lt;br /&gt;
Ik streel mijn viool. Doe een wens: dat zij er ook bij mag zijn! Voor haar speel ik, elke dag. Een uur, twee uur. Deze noten zijn voor haar. Het zijn geen makkelijke noten, en ze volgen elkaar snel op, te snel om bij elke noot stil te staan, maar ze zijn voor haar.&lt;br /&gt;
De twee mannen nemen mij mee.&lt;br /&gt;
Het is stil in de zaal. Dat zal wel normaal zijn. Terug van weg, hier terwijl ik nu daar thuis ben, groots, nu klein. Ik voel mijzelf een balletje water op de plaat van een elektrisch kooktoestel. Ik weet me geen plaats, geen richting, geen snelheid te geven. Ik ben een waardeloos figuur.&lt;br /&gt;
Links mijn viool, stevig mijn hand om haar hals. De mensen blijven stil. Zien ze niet dat ik het ben? Het is wel druk&amp;hellip; Enige vorm van applaus zal ik maar niet verwachten, ik heb immers nog niks gespeeld. De twee mannen nemen plaats. Links, rechts van mij.&lt;br /&gt;
Mijn viool aan mijn schouder, hand in positie, strijkstok vlak boven de snaar. De spanning van het eerste moment, van het vacu&amp;uuml;m. Opeens heb ik het weer te pakken en ik heb het gevoel, God zij dank, dat dit het zo lang gemiste gevoel van de heerlijkheid is. Daar komt het, de noten stromen alle kanten uit. De ruimte in, tegen de hoofden aan. Door de hoofden heen. Naar de hemel en naar haar. Het zijn de noten van de partita van Bach, in E groot, voor een violist in zijn eentje, of viool solo.&lt;br /&gt;
En zij staat daar! Daar, voorin, aan de zijkant van de zaal, bij het personeel. Ik ken de muziek uit mijn hoofd en kan mijn blik op haar houden, zij kijkt terug, hoe heerlijk! Dag Bach, dag mensen, dag meisje van het schone beddengoed, wat fijn om je hier te zien. Ik hou van je, weet je dat? Nee, dat weet je niet, of je kan het misschien bedenken. Ik moet huilen, maar doe het niet en geef je een glimlach, want je verdient een glimlach.&lt;/p&gt;
&lt;p&gt;De laatste noot.&lt;/p&gt;
&lt;p&gt;De mensen zijn stil. Vonden ze het mooi en zijn ze daarom zo stil? Ze klappen niet. Een last valt van mijn schouders, immers heerlijk gespeeld, maar een benauwde angst bekruipt mij: dat het niets heeft geholpen. Dat ik net zo goed in mijn cel had kunnen gaan spelen. De mensen haten mij. Natuurlijk klappen ze niet! Ik hou het niet vol en laat mijn tranen de vrije loop. Wat maakt het nog uit? Ik barst in huilen uit, dit is te veel.&lt;/p&gt;
&lt;p&gt;De mensen gaan staan. Zijn ze met stomheid geslagen en gaan ze nu toch klappen?&lt;br /&gt;
Ze doen hun jassen aan. En ze lopen langzaam weg. Ook zij begint te schuifelen, maar kijkt steeds naar mij. Ik kijk naar haar, van achter mijn glimmende ogen is de wereld een zee, maar de mooiste vis, dat ben jij, o wat ben je lief. &lt;br /&gt;
Ze houdt van me, ik weet het. Ze begrijpt me. En ik blijf huilen alsof er niemand in de zaal is. De mensen kijken onverstoord op, lopen rustig door.&lt;/p&gt;
&lt;p&gt;Een vreemd gevoel grijpt mij om de hals. Ik ken het gevoel en het komt wel vaker als ik op een hoge plek sta en ik de mogelijkheid voel om te gaan springen, omdat het misschien niks uitmaakt. Zeker niet nu, mijn leven is immers een puinhoop.&lt;br /&gt;
Een opwelling, plotseling schreeuw ik de grootste waarheid die er is. Ik hou van je!!! Onverwacht snel ben ik over de rand van het balkon, sta ik op de richel. Ik zweef! De lucht is heerlijk&amp;hellip; Bevrijd van bewakers, handboeien, al te eenvoudig eten, verplichte gezelligheid, eenzame nachten in de cel, mezelf van het leven berovend, zoals ik ook eerder, maar bij iemand anders deed.&lt;br /&gt;
Geen angsten, alleen nog om verkeerd te vallen, maar een engel begeleidt mij en laat mij rustig vallen, hard, maar goed en terecht, voor de voeten van haar. Ze zal schrikken, maar weet dat ik van haar hou.&lt;/p&gt;</description>
  <pubDate>Fri, 02 Jun 2006 14:22:00 +0200</pubDate>
  <guid>http://www.matthiasnoback.nl/mijn-verhalen/icarus</guid>
</item>    </channel>
</rss>
